Getypte administratieve verordening of contractbepalingen.
Origineel
Getypte administratieve verordening of contractbepalingen. 1o. de nog bij U in voorraad zijnde hoeveelheid aardappelen en
de door U ingenomen aardappelkaartjes (voor zooveel zulks
althans heeft plaats gevonden) terughalen;
2o. het door U als cautie gestorte bedrag geheel of gedeelte-
lijk verbeurd verklaren.
IX. Indien U den verkoop geheel wil beeindigen, moet U eerst de
in consignatie ontvangen hoeveelheid aardappelen afrekenen,
waarna U, bij volledige accoordbevinding, het als cautie ge-
storte bedrag terugbetaald wordt.
AR. Het document bevat juridische of administratieve clausules die de relatie regelen tussen een centrale autoriteit (mogelijk een Rijksbureau) en een distributeur of winkelier van aardappelen.
- Sancties (Punten 1o en 2o): Deze punten lijken te gaan over de gevolgen van wanprestatie of beëindiging van een overeenkomst door de autoriteit. De autoriteit behoudt zich het recht voor om voorraden en ingenomen distributiebonnen ("aardappelkaartjes") terug te vorderen en de gestorte borgsom ("cautie") geheel of gedeeltelijk in te houden (verbeurd verklaren).
- Vrijwillige beëindiging (Punt IX): Dit artikel beschrijft de procedure voor de winkelier om de verkoop zelf te staken. Er moet eerst een eindafrekening plaatsvinden van de aardappelen die "in consignatie" (in bewaring voor verkoop) zijn gegeven. Pas na goedkeuring van deze afrekening wordt de borg teruggestort.
- Terminologie: Het gebruik van "consignatie" wijst erop dat de winkelier niet de eigenaar van de voorraad was, maar fungeerde als tussenpersoon voor de overheid. De afkorting "AR." aan het einde zou kunnen staan voor "Algemene Regels" of een specifiek besluit zoals de "Aardappel-Regeling". Dit document stamt zeer waarschijnlijk uit de periode van de Tweede Wereldoorlog (1940-1945) of de direct daaropvolgende jaren van wederopbouw in Nederland. Tijdens deze periode was er sprake van een strikt distributiestelsel vanwege schaarste.
Consumenten konden alleen aardappelen kopen tegen inlevering van distributiebonnen ("aardappelkaartjes"). De winkeliers stonden onder streng toezicht van instanties zoals het Rijksbureau voor de Voedselvoorziening in Oorlogstijd (RBVO). Het systeem van "cautie" (borg) was bedoeld om fraude met bonnen of zwarte handel door de winkeliers tegen te gaan; bij onregelmatigheden raakte de winkelier zijn borg kwijt. De taal en de focus op administratieve afwikkeling zijn typerend voor de bureaucratische controle op de voedselketen in die tijd.
Samenvatting
Het document bevat juridische of administratieve clausules die de relatie regelen tussen een centrale autoriteit (mogelijk een Rijksbureau) en een distributeur of winkelier van aardappelen.
- Sancties (Punten 1o en 2o): Deze punten lijken te gaan over de gevolgen van wanprestatie of beëindiging van een overeenkomst door de autoriteit. De autoriteit behoudt zich het recht voor om voorraden en ingenomen distributiebonnen ("aardappelkaartjes") terug te vorderen en de gestorte borgsom ("cautie") geheel of gedeeltelijk in te houden (verbeurd verklaren).
- Vrijwillige beëindiging (Punt IX): Dit artikel beschrijft de procedure voor de winkelier om de verkoop zelf te staken. Er moet eerst een eindafrekening plaatsvinden van de aardappelen die "in consignatie" (in bewaring voor verkoop) zijn gegeven. Pas na goedkeuring van deze afrekening wordt de borg teruggestort.
- Terminologie: Het gebruik van "consignatie" wijst erop dat de winkelier niet de eigenaar van de voorraad was, maar fungeerde als tussenpersoon voor de overheid. De afkorting "AR." aan het einde zou kunnen staan voor "Algemene Regels" of een specifiek besluit zoals de "Aardappel-Regeling".
Historische Context
Dit document stamt zeer waarschijnlijk uit de periode van de Tweede Wereldoorlog (1940-1945) of de direct daaropvolgende jaren van wederopbouw in Nederland. Tijdens deze periode was er sprake van een strikt distributiestelsel vanwege schaarste.
Consumenten konden alleen aardappelen kopen tegen inlevering van distributiebonnen ("aardappelkaartjes"). De winkeliers stonden onder streng toezicht van instanties zoals het Rijksbureau voor de Voedselvoorziening in Oorlogstijd (RBVO). Het systeem van "cautie" (borg) was bedoeld om fraude met bonnen of zwarte handel door de winkeliers tegen te gaan; bij onregelmatigheden raakte de winkelier zijn borg kwijt. De taal en de focus op administratieve afwikkeling zijn typerend voor de bureaucratische controle op de voedselketen in die tijd.