Getypte brief (verzoekschrift/klacht).
Origineel
Getypte brief (verzoekschrift/klacht). 9 februari 1943. Een anonieme burger ("een huisvrouw"). De heer Directeur van het Marktwezen, Centrale Markthallen, Amsterdam. [Linksboven, blauw stempel met handgeschreven toevoeging:]
No. 2$^c$/9/1 M. 1943 $\frac{10}{2}$
[Rechtsboven:]
Amsterdam, 9 Februari 1943.
[Adresblok:]
Aan den heer Directeur van het Marktwezen
Centr. Markthallen
J.van Galenstraat 14
Amsterdam.
[Rechts van adresblok, handgeschreven paraaf in blauw en rood potlood:]
nv. Div [?]
[Aanhef:]
Weledele Heer,
[Body tekst:]
In de groente-en fruitzaak van de firma G.van Gelder, Parnassusweg 3, Amsterdam.z. is steeds zeer weinig groente aanwezig. Wel is er koolraap, wortelen en schorseneeren, doch zelden lof, roode- en groene kool en nooit prei, uien, spruitjes of bieten.
Bij herhaaldelijk vragen is het antwoord steeds dat er niets op de markt is, hoewel ik deze groenten in andere zaken zie.
Beleefd verzoek ik U hieraan Uwe aandacht te willen schenken.
[Afsluiting:]
Hoogachtend,
een huisvrouw.
[Rechtsonder, handgeschreven:]
2 e * Inhoud: De schrijfster beklaagt zich over de karige voorraad en het eenzijdige aanbod bij een specifieke groentewinkel in Amsterdam-Zuid. Ze signaleert dat gewilde producten (zoals uien en prei) daar nooit te krijgen zijn, terwijl ze deze elders wel in de schappen ziet liggen.
* Toon: De brief is formeel en beleefd ("Weledele Heer", "Beleefd verzoek"), maar getuigt van frustratie over de dagelijkse overlevingsstrijd en de schijnbare willekeur in de distributie.
* Opvallend: De nadruk die gelegd wordt op woorden als "zeer weinig", "zelden" en "nooit" (door de schrijfster onderstreept in de originele getypte tekst) onderstreept de ernst van het tekort. De anonimiteit van de schrijfster ("een huisvrouw") kan wijzen op angst voor represailles van de winkelier of simpelweg op het feit dat zij spreekt namens een grotere groep gefrustreerde burgers. * Historische periode: Februari 1943, tijdens de Duitse bezetting van Nederland in de Tweede Wereldoorlog.
* Voedselschaarste: In deze periode was de voedselvoorziening volledig onderworpen aan het distributiestelsel. Er waren grote tekorten en veel producten waren alleen "op de bon" verkrijgbaar. Groenten die niet officieel op de bon waren, werden vaak onder de toonbank verkocht of waren simpelweg niet aanwezig door haperende aanvoer vanuit de Centrale Markthallen.
* De Markt: De Centrale Markthallen aan de Jan van Galenstraat waren het zenuwcentrum van de Amsterdamse voedseldistributie. Klachten over onregelmatigheden bij individuele winkeliers werden direct aan de directeur van dit instituut gericht in de hoop op inspectie of betere toewijzing.
* Surrogaatvoedsel: De genoemde "koolraap" en "schorseneeren" stonden bekend als typisch oorlogs- of armeluisvoedsel omdat ze relatief goedkoop en beschikbaar bleven, terwijl luxere groenten zoals lof (witlof) of basisproducten als uien schaars werden. Directeur van (De heer) Marktwezen
Samenvatting
- Inhoud: De schrijfster beklaagt zich over de karige voorraad en het eenzijdige aanbod bij een specifieke groentewinkel in Amsterdam-Zuid. Ze signaleert dat gewilde producten (zoals uien en prei) daar nooit te krijgen zijn, terwijl ze deze elders wel in de schappen ziet liggen.
- Toon: De brief is formeel en beleefd ("Weledele Heer", "Beleefd verzoek"), maar getuigt van frustratie over de dagelijkse overlevingsstrijd en de schijnbare willekeur in de distributie.
- Opvallend: De nadruk die gelegd wordt op woorden als "zeer weinig", "zelden" en "nooit" (door de schrijfster onderstreept in de originele getypte tekst) onderstreept de ernst van het tekort. De anonimiteit van de schrijfster ("een huisvrouw") kan wijzen op angst voor represailles van de winkelier of simpelweg op het feit dat zij spreekt namens een grotere groep gefrustreerde burgers.
Historische Context
- Historische periode: Februari 1943, tijdens de Duitse bezetting van Nederland in de Tweede Wereldoorlog.
- Voedselschaarste: In deze periode was de voedselvoorziening volledig onderworpen aan het distributiestelsel. Er waren grote tekorten en veel producten waren alleen "op de bon" verkrijgbaar. Groenten die niet officieel op de bon waren, werden vaak onder de toonbank verkocht of waren simpelweg niet aanwezig door haperende aanvoer vanuit de Centrale Markthallen.
- De Markt: De Centrale Markthallen aan de Jan van Galenstraat waren het zenuwcentrum van de Amsterdamse voedseldistributie. Klachten over onregelmatigheden bij individuele winkeliers werden direct aan de directeur van dit instituut gericht in de hoop op inspectie of betere toewijzing.
- Surrogaatvoedsel: De genoemde "koolraap" en "schorseneeren" stonden bekend als typisch oorlogs- of armeluisvoedsel omdat ze relatief goedkoop en beschikbaar bleven, terwijl luxere groenten zoals lof (witlof) of basisproducten als uien schaars werden.