Getypte brief met handgeschreven toevoegingen en handtekening.
Origineel
Getypte brief met handgeschreven toevoegingen en handtekening. 23 juni 1943. J. H. van den Andel Jr., Roemer Visscherstraat 32, Amsterdam. Amsterdam, 23 Juni 1943.
bo20/15
Den Edelachtb. Heer Burgemeester van
Amsterdam.
[handgeschreven paraaf/notitie]
Edelachtb. Heer,
De ondergetekende J. H. van den Andel Jr, Roemer Visscherstraat 32 zou gaarne Uw beslissing vernemen over de volgende quaestie:
Onze groentenman J. Berkhout, Overtoom 284 is naar Duitschland vertrokken en heeft zijn zaak, althans tijdelijk, gesloten voor den verkoop van groenten en fruit. Hij kwam met zijn kar bij ons voorheen aan de deur.
Een andere groentenman met zijn kar in onze straat komende, weigert echter ons te leveren, onder verweer dat hij alleen aan zijn vaste klanten verkoopt; aldus de inlichtingen, die onze dienstbode ons overbrengt.
Mijn vraag is nu: Van wien kunnen wij nu, onder deze omstandigheden, groenten en fruit betrekken?
Uw antwoord gaarne spoedig vernemende Hoogachten[d]
J.H. van den Andel jr. In deze brief richt een burger uit Amsterdam-West zich rechtstreeks tot de burgemeester vanwege een praktisch bevoorradingsprobleem. De vaste groenteboer van de familie, J. Berkhout, is "naar Duitschland vertrokken". Hoewel de brief het niet expliciet benoemt, is dit vrijwel zeker in het kader van de Arbeitseinsatz (verplichte tewerkstelling). Hierdoor is de winkel aan de Overtoom gesloten.
De kern van de klacht is dat andere ambulante handelaren (groenteboeren met een kar) weigeren aan "nieuwe" klanten te leveren. In tijden van schaarste hielden handelaren hun beperkte voorraad liever gereserveerd voor hun eigen vaste klantenkring. De schrijver voelt zich hierdoor gedupeerd en vraagt de overheid om tussenbeide te komen of een alternatief aan te wijzen. De vermelding van de "dienstbode" geeft aan dat de afzender uit een gegoed milieu komt (de Roemer Visscherstraat was en is een chique straat bij het Vondelpark). De brief dateert uit de zomer van 1943, een periode waarin de Duitse bezetting steeds drukkender werd. De burgemeester van Amsterdam was op dat moment de door de Duitsers aangestelde NSB'er Edward Voûte.
Het tekort aan mankracht in de Duitse oorlogsindustrie leidde vanaf 1942 en 1943 tot grootschalige razzia's en oproepen voor de Arbeitseinsatz. Kleine zelfstandigen zoals de genoemde groenteman Berkhout moesten hun zaak sluiten om in Duitsland te gaan werken. Tegelijkertijd nam de voedselschaarste in Nederland toe en werden distributieregels strenger. Dat burgers zich met dergelijke relatief "kleine" dagelijkse beslommeringen tot het hoogste stadsbestuur wendden, getuigt van de totale ontregeling van de normale economie en de bureaucratische controle op elk aspect van het leven tijdens de oorlog. J. Berkhout NSB
Samenvatting
In deze brief richt een burger uit Amsterdam-West zich rechtstreeks tot de burgemeester vanwege een praktisch bevoorradingsprobleem. De vaste groenteboer van de familie, J. Berkhout, is "naar Duitschland vertrokken". Hoewel de brief het niet expliciet benoemt, is dit vrijwel zeker in het kader van de Arbeitseinsatz (verplichte tewerkstelling). Hierdoor is de winkel aan de Overtoom gesloten.
De kern van de klacht is dat andere ambulante handelaren (groenteboeren met een kar) weigeren aan "nieuwe" klanten te leveren. In tijden van schaarste hielden handelaren hun beperkte voorraad liever gereserveerd voor hun eigen vaste klantenkring. De schrijver voelt zich hierdoor gedupeerd en vraagt de overheid om tussenbeide te komen of een alternatief aan te wijzen. De vermelding van de "dienstbode" geeft aan dat de afzender uit een gegoed milieu komt (de Roemer Visscherstraat was en is een chique straat bij het Vondelpark).
Historische Context
De brief dateert uit de zomer van 1943, een periode waarin de Duitse bezetting steeds drukkender werd. De burgemeester van Amsterdam was op dat moment de door de Duitsers aangestelde NSB'er Edward Voûte.
Het tekort aan mankracht in de Duitse oorlogsindustrie leidde vanaf 1942 en 1943 tot grootschalige razzia's en oproepen voor de Arbeitseinsatz. Kleine zelfstandigen zoals de genoemde groenteman Berkhout moesten hun zaak sluiten om in Duitsland te gaan werken. Tegelijkertijd nam de voedselschaarste in Nederland toe en werden distributieregels strenger. Dat burgers zich met dergelijke relatief "kleine" dagelijkse beslommeringen tot het hoogste stadsbestuur wendden, getuigt van de totale ontregeling van de normale economie en de bureaucratische controle op elk aspect van het leven tijdens de oorlog.