Ambbtelijk rapport (typschrift met handgeschreven correcties).
Origineel
Ambbtelijk rapport (typschrift met handgeschreven correcties). [Stempel/Briefhoofd:] CENTRALE MARKT
R A P P O R T
Naar aanleiding van bijgaanden brief No. 448 L.M. 1943 17/6 d.d. 15 Juni 1943, waarin wordt geklaagd over den groentenhandelaar Gerritsen, zaakhoudende Insulindeweg no. 141 alhier, heb ik, J. H. de Grebber, Controleur bij het Marktwezen, na daartoe bekomen opdracht een nader onderzoek ingesteld.
~~Op Dinsdag 3 Augustus 1943, heb ik mij gedurende eenigen tijd in de onmiddellijke omgeving van bedoelden groentewinkel opgehouden.~~ ^Op Dinsdag 3 Augustus 1943 werd door een controleur van mijn dienst gepost in de onmiddellijke omgeving van bedoelden groentewinkel.^ Vijf personen die uit den winkel kwamen, ~~heb ik~~ ^werden^ staande gehouden. Desgevraagd verklaarden zij ~~mij~~, dat zij zeer tevreden waren over Gerrits. De door deze personen betaalde prijzen kwamen overeen met de maximumprijzen. Een kleine afwijking werd ~~door mij~~ geconstateerd.
Op denzelfden dag ~~hoorde ik~~ ^werd^ de schrijfster van den hierboven aangehaalden brief, G. Krijgsman-Scheltema, wonende Bataviastraat 10 alhier ^gehoord^. Deze verklaarde ~~mij~~ desgevraagd, dat zij momenteel ~~geregeld~~ ^slecht^ groente krijgt van Gerrits. Ook voor haar zieke zuster die bij haar inwoont, krijgt zij bladgroenten. Verder verklaarde zij ~~mij~~, dat de prijzen, die Gerrits haar berekende, vrijwel overeen kwamen met de in de dagbladen gepubliceerde maximumprijzen.
Op Woensdag 4 Augustus 1943 ~~heb ik~~ ^is^ wederom controle uitgeoefend op bedoelden winkelier. ~~Ik heb~~ 9 personen ^werden^ staande gehouden, die met groente en fruit ^daarbij^ den winkel verlieten. Allen waren tevreden. Er is ~~mij~~ niets van prijsopdrijving gebleken.
Verder ~~hoorde ik~~ ^werd^ op dien dag ^gehoord den handelaar^; Karel Josephus Gerrits, oud 67 jaar en wonende Insulindeweg 141 alhier. Nadat ~~ik hem~~ ^hij^, voor zoover noodig, van ~~een en ander in kennis had~~ ^de klacht^ gesteld, verklaarde hij ~~mij~~; "Bij mij krijgt iedereen groente en fruit, d.w.z. voorzoover voorradig. Ik heb tot nog toe geen volgnummers uitgegeven. Dat de menschen zoo lang moeten wachten voordat zij aan de beurt komen is niet mijn schuld. Vroeger had ik drie knechten in de zaak. Deze zijn echter alle drie naar Duitschland gestuurd." * Tekstuele aanpassingen: Het document is na het uittypen intensief bewerkt. De meest opvallende wijziging is de verandering van het actieve "ik heb/ik hoorde" naar een passievere vorm ("werd gepost", "is controle uitgeoefend", "werd gehoord"). Dit kan wijzen op een formalisering van het rapport voor archivering, waarbij de persoonlijke handeling van de controleur ondergeschikt wordt gemaakt aan de ambtelijke procedure.
* Inhoudelijke correcties: In de verklaring van mevrouw Krijgsman-Scheltema is het woord "geregeld" doorgestreept en vervangen door "slecht". Dit is een cruciale wijziging: het verandert haar getuigenis van positief naar negatief wat betreft de levering, hoewel ze over de prijzen wel tevreden blijft.
* Juridische context: Het rapport gaat over de controle op maximumprijzen en distributie tijdens de bezettingsjaren. De handelaar lijkt zich aan de prijsvoorschriften te houden, maar kampt met logistieke problemen. Dit document stamt uit augustus 1943, een periode van toenemende schaarste in bezet Nederland. De "Centrale Markt" in Amsterdam speelde een sleutelrol in de voedselvoorziening. Ambtenaren van de Dienst van het Marktwezen controleerden streng op prijsopdrijving (zwarte handel) en eerlijke distributie.
Een historisch zeer relevant detail bevindt zich in de laatste zin: de handelaar verklaart dat zijn drie knechten naar "Duitschland gestuurd" zijn. Dit verwijst naar de Arbeitseinsatz (de gedwongen tewerkstelling), die in 1943 sterk werd geïntensiveerd. Dit verklaart het personeelstekort en de lange wachtrijen bij de winkel, een veelvoorkomend fenomeen in het dagelijks leven tijdens de oorlogsjaren. Het rapport laat zien hoe de grote politieke gebeurtenissen (de oorlog, de tewerkstelling) direct invloed hadden op de bedrijfsvoering van een kleine lokale groenteboer in de Indische Buurt van Amsterdam. J.H. de Grebber (Controleur) G. Krijgsman-Scheltema (klaagster) Karel Josephus Gerrits (onderzochte handelaar).