Bestelbon voor groenten (distributiebon).
Origineel
Bestelbon voor groenten (distributiebon). [Linkerkolom]
XXX
Gemeentelijke Distributie van Groenten
Bestelbon A № 063198
GEZINSKAART No. .....................................................
Het nevenstaande wordt slechts afgeleverd tegen
afgifte van dezen bon en van de desbetreffende
strook der gezinskaart. De groenten kunnen op
de daarvoor aangewezen uren worden afgehaald
aan distributieplaats ......................................................
Zoek geraakte bonnen worden niet vergoed.
Deze bon is slechts geldig in de week
volgende op die waarin besteld is.
Datum bestelling ..........................................................
[Rechterkolom]
.............. pond roode kool
.............. ,, savoye kool
.............. ,, uien
.............. ,, wortelen
.............. ,, koolrapen
.............. ,, bieten (rauw)
.............. ,, zuurkool
Totaal .............. pond à 3 cent per kg = f .............
Bovenstaand bedrag door mij ontvangen.
(Handteekening) * Doel: Dit formulier diende voor de gecontroleerde uitgifte van schaarse groenten tijdens een periode van rantsoenering. Burgers moesten vooraf invullen hoeveel ze van bepaalde producten wilden bestellen.
* Inhoud: De lijst bevat typische wintergroenten die goed houdbaar waren: rode kool, savooiekool, uien, wortelen, koolrapen, bieten en zuurkool.
* Logistiek: De bon benadrukt de strikte bureaucratie. Men had niet alleen deze bon nodig, maar ook een strook van de 'gezinskaart'. Afhalen kon alleen op specifieke locaties en tijden.
* Economie: De prijsstelling van "3 cent per kg" is extreem laag naar moderne maatstaven, wat duidt op door de overheid gesubsidieerde maximumprijzen om de basisbehoeften voor de bevolking betaalbaar te houden tijdens de crisis.
* Taalgebruik: Het gebruik van de 'buigings-n' (dezen bon) en de dubbele klinkers in woorden als roode en handteekening is typerend voor het Nederlands van vóór de spellinghervorming van Marchant (1934/1947). Dit document stamt uit de periode van de Duitse bezetting van Nederland (1940-1945). Al kort na het begin van de oorlog werd distributie ingevoerd omdat producten schaars werden door stagnatie van de handel en vorderingen door de bezetter.
Groenten waren aanvankelijk ruim beschikbaar, maar naarmate de oorlog vorderde en de transportmogelijkheden verslechterden, werden ook eenvoudige landbouwproducten zoals kool en wortelen gerantsoeneerd via gemeentelijke distributiepunten. De "gezinskaart" was het centrale document waarop een huishouden geregistreerd stond en waarmee men recht had op voedselbonnen. Dit specifieke type bon (Bestelbon A) wijst op een systeem waarbij men een week van tevoren moest aangeven wat men wilde kopen, zodat de voorraad efficiënt verdeeld kon worden over de bevolking.
Samenvatting
- Doel: Dit formulier diende voor de gecontroleerde uitgifte van schaarse groenten tijdens een periode van rantsoenering. Burgers moesten vooraf invullen hoeveel ze van bepaalde producten wilden bestellen.
- Inhoud: De lijst bevat typische wintergroenten die goed houdbaar waren: rode kool, savooiekool, uien, wortelen, koolrapen, bieten en zuurkool.
- Logistiek: De bon benadrukt de strikte bureaucratie. Men had niet alleen deze bon nodig, maar ook een strook van de 'gezinskaart'. Afhalen kon alleen op specifieke locaties en tijden.
- Economie: De prijsstelling van "3 cent per kg" is extreem laag naar moderne maatstaven, wat duidt op door de overheid gesubsidieerde maximumprijzen om de basisbehoeften voor de bevolking betaalbaar te houden tijdens de crisis.
- Taalgebruik: Het gebruik van de 'buigings-n' (dezen bon) en de dubbele klinkers in woorden als roode en handteekening is typerend voor het Nederlands van vóór de spellinghervorming van Marchant (1934/1947).
Historische Context
Dit document stamt uit de periode van de Duitse bezetting van Nederland (1940-1945). Al kort na het begin van de oorlog werd distributie ingevoerd omdat producten schaars werden door stagnatie van de handel en vorderingen door de bezetter.
Groenten waren aanvankelijk ruim beschikbaar, maar naarmate de oorlog vorderde en de transportmogelijkheden verslechterden, werden ook eenvoudige landbouwproducten zoals kool en wortelen gerantsoeneerd via gemeentelijke distributiepunten. De "gezinskaart" was het centrale document waarop een huishouden geregistreerd stond en waarmee men recht had op voedselbonnen. Dit specifieke type bon (Bestelbon A) wijst op een systeem waarbij men een week van tevoren moest aangeven wat men wilde kopen, zodat de voorraad efficiënt verdeeld kon worden over de bevolking.