Archiefdocument
Origineel
(Rechtsboven: omcirkeld cijfer 2)
... de bevolking bijv. van
alle mannen, die zwaren
en zeer zwaren arbeid ver-
richten. ~~Het Verdeelkantoor~~
~~acht het slechts mogelijk~~
Wanneer tot extra toeslagen
(tussenvoeging:) van groenten zou worden besloten, ~~dan dat~~
dan acht het Verdeelkantoor
slechts dan ~~een zoodanige regeling~~ ~~practisch~~ een regeling practisch,
~~doeltreffend~~ effectief, wanneer voor
dergelijke groepen extra
groenten wordt beschikbaar
gesteld, welke dagelijks
in den aanvoer zou moeten
worden uitgetrokken. Voor de
gewone bevolking zou dan op
dagen van kleine aanvoeren,
eventueel ~~geen meer~~ geen groenten
meer beschikbaar zijn.
~~Het~~ Een andere mogelijkheid
zou, volgens het Verdeelkantoor,
zijn, wanneer de Distributie-
dienst in bovenbedoelde gevallen
een extra groentenbon beschik-
baar zou stellen, doch in de practijk
zou hiervan niet veel terecht-
komen, omdat de groenteman
niet gelast is, voorgeschreven
aan een bepaalde hoeveelheid
groenten per bon te leveren.
(In de linkermarge, verticaal geschreven):
Met de hier verwerkte opmerking van het
Verdeelkantoor heb ik mij vereenigd. De tekst behandelt de distributieproblematiek tijdens een periode van schaarste. Centraal staat de vraag hoe extra groenten geleverd kunnen worden aan mannen die zware fysieke arbeid verrichten. Er worden twee scenario's afgewogen:
1. Reservering uit de dagelijkse aanvoer: Dit wordt als 'effectief' beschouwd, maar brengt het risico mee dat er voor de reguliere burgerbevolking niets overblijft op dagen dat de aanvoer gering is.
2. Extra groentenbonnen: Dit wordt als onpraktisch gezien. Omdat groenten een onregelmatig aanbod kennen, kan een groenteman niet verplicht worden ('gelast worden') om een vaste, voorgeschreven hoeveelheid per bon te leveren.
De kanttekening in de marge bevestigt dat de auteur (mogelijk een leidinggevende of een lid van een marktcommissie) zich aansluit bij de conclusies van het Verdeelkantoor. Tijdens de Duitse bezetting van Nederland was een complex distributiesysteem van kracht om de schaarste aan voedsel en goederen te beheren. Mensen kregen op basis van hun profiel verschillende rantsoenen. 'Zware arbeiders' en 'zeer zware arbeiders' (zoals mijnwerkers of havenarbeiders) kregen extra bonnen omdat hun caloriebehoefte hoger lag. Dit document illustreert de bureaucratische worsteling om dit beleid in de praktijk te brengen voor bederfelijke waren zoals groenten, waarbij men afhankelijk was van wisselende dagelijkse oogst- en aanvoercijfers. Marktcommissie
Samenvatting
De tekst behandelt de distributieproblematiek tijdens een periode van schaarste. Centraal staat de vraag hoe extra groenten geleverd kunnen worden aan mannen die zware fysieke arbeid verrichten. Er worden twee scenario's afgewogen:
1. Reservering uit de dagelijkse aanvoer: Dit wordt als 'effectief' beschouwd, maar brengt het risico mee dat er voor de reguliere burgerbevolking niets overblijft op dagen dat de aanvoer gering is.
2. Extra groentenbonnen: Dit wordt als onpraktisch gezien. Omdat groenten een onregelmatig aanbod kennen, kan een groenteman niet verplicht worden ('gelast worden') om een vaste, voorgeschreven hoeveelheid per bon te leveren.
De kanttekening in de marge bevestigt dat de auteur (mogelijk een leidinggevende of een lid van een marktcommissie) zich aansluit bij de conclusies van het Verdeelkantoor.
Historische Context
Tijdens de Duitse bezetting van Nederland was een complex distributiesysteem van kracht om de schaarste aan voedsel en goederen te beheren. Mensen kregen op basis van hun profiel verschillende rantsoenen. 'Zware arbeiders' en 'zeer zware arbeiders' (zoals mijnwerkers of havenarbeiders) kregen extra bonnen omdat hun caloriebehoefte hoger lag. Dit document illustreert de bureaucratische worsteling om dit beleid in de praktijk te brengen voor bederfelijke waren zoals groenten, waarbij men afhankelijk was van wisselende dagelijkse oogst- en aanvoercijfers.