Getypte brief (officieel schrijven, vermoedelijk een doorslag).
Origineel
Getypte brief (officieel schrijven, vermoedelijk een doorslag). 5 mei 1943. De Directeur (vermoedelijk van de Centrale Markt). Afdeeling Assurantiezaken, Raadhuis, Alhier (Amsterdam). [Handgeschreven in paars potlood:] Verzonden 6/5 [onleesbare paraaf]
[Getypt rechtsboven:] VB/HB.
3/3/3M. 1. 5 Mei 1943.
diefstal rijwiel
Centrale Markt.
Aan de Afdeeling Assurantiezaken,
Raadhuis,
A l h i e r .
===========
Ten vervolge op mijn brief d.d. 28 Janu-
ari jl. en naar aanleiding van Uw telefonisch
verzoek, heb ik de eer U in bijlage dezes
afschrift te doen toekomen van een rapport
van den contrôleur Fleysman in zake diefstal
van zijn rijwiel op de Centrale Markt.
De Directeur, Dit document is een ambtelijke begeleidingsbrief waarin een rapport wordt doorgeleid naar de verzekeringsafdeling van de gemeente Amsterdam. De essentie van de correspondentie is de administratieve afhandeling van een fietsendiefstal die heeft plaatsgevonden op het terrein van de Centrale Markt.
Opvallend is de formele, bijna onderdanige stijl ("heb ik de eer U..."), die kenmerkend was voor de ambtelijke correspondentie van die tijd. De brief bevat handgeschreven aantekeningen die duiden op de verzendadministratie: hoewel de brief op 5 mei is opgesteld, is deze volgens de aantekening pas op 6 mei daadwerkelijk verzonden. De afkorting "jl." staat voor 'jongstleden' (afgelopen januari). De brief dateert uit mei 1943, midden in de Duitse bezetting van Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog. In deze periode was er een grote schaarste aan vervoermiddelen en onderdelen, waardoor de diefstal van een "rijwiel" (fiets) een aanzienlijk materieel verlies betekende.
De Centrale Markt in Amsterdam (het huidige Food Center aan de Jan van Galenstraat) was een vitale schakel in de voedselvoorziening van de stad en stond onder streng toezicht. Dat een controleur (in dit geval de heer Fleysman) zijn fiets daar verloor aan diefstal, vereiste een officieel rapport voor de gemeentelijke verzekering. De term "Alhier" bevestigt dat zowel de verzendende instantie als de ontvanger (het Raadhuis) zich in dezelfde stad bevonden. De zorgvuldige archivering van dit soort schijnbaar kleine incidenten biedt een inkijkje in de voortdurende bureaucratie van het gemeentelijk apparaat, zelfs onder oorlogsomstandigheden.
Samenvatting
Dit document is een ambtelijke begeleidingsbrief waarin een rapport wordt doorgeleid naar de verzekeringsafdeling van de gemeente Amsterdam. De essentie van de correspondentie is de administratieve afhandeling van een fietsendiefstal die heeft plaatsgevonden op het terrein van de Centrale Markt.
Opvallend is de formele, bijna onderdanige stijl ("heb ik de eer U..."), die kenmerkend was voor de ambtelijke correspondentie van die tijd. De brief bevat handgeschreven aantekeningen die duiden op de verzendadministratie: hoewel de brief op 5 mei is opgesteld, is deze volgens de aantekening pas op 6 mei daadwerkelijk verzonden. De afkorting "jl." staat voor 'jongstleden' (afgelopen januari).
Historische Context
De brief dateert uit mei 1943, midden in de Duitse bezetting van Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog. In deze periode was er een grote schaarste aan vervoermiddelen en onderdelen, waardoor de diefstal van een "rijwiel" (fiets) een aanzienlijk materieel verlies betekende.
De Centrale Markt in Amsterdam (het huidige Food Center aan de Jan van Galenstraat) was een vitale schakel in de voedselvoorziening van de stad en stond onder streng toezicht. Dat een controleur (in dit geval de heer Fleysman) zijn fiets daar verloor aan diefstal, vereiste een officieel rapport voor de gemeentelijke verzekering. De term "Alhier" bevestigt dat zowel de verzendende instantie als de ontvanger (het Raadhuis) zich in dezelfde stad bevonden. De zorgvuldige archivering van dit soort schijnbaar kleine incidenten biedt een inkijkje in de voortdurende bureaucratie van het gemeentelijk apparaat, zelfs onder oorlogsomstandigheden.