Typoscript (getypte brief) met handgeschreven kanttekeningen.
Origineel
Typoscript (getypte brief) met handgeschreven kanttekeningen. 31 mei 1943. De Directeur van het bedrijf der Centrale Markt. Den Heer Wethouder voor de Levensmiddelen te Amsterdam. [Handgeschreven in blauwe/paarse inkt bovenaan:]
Verzonden 31/5 [onleesbaar monogram]
[Getypt:]
4/8/1 M. 1.
M/HB.
31 Mei 1943.
Verkorte balans
per ultimo Maart 1943
van het bedrijf der
Centrale Markt.
Den Heer Wethouder
voor de Levensmiddelen,
A l h i e r .
==========
Gevolg gevende aan de opdracht vervat in de circulaire van Uw Ambtgenoot voor de Financiën d.d. 20 Juli 1939 (no.910/203 Fin. 1939), heb ik de eer U in bijlage dezes een verkorte balans per ultimo Maart 1943 van het bedrijf der Centrale Markt te doen toekomen.
De Directeur, Dit document is een formele begeleidende brief bij een financiële rapportage. De toon is ambtelijk en hoffelijk ("heb ik de eer U..."). De brief verwijst naar een specifieke administratieve verplichting uit 1939, wat aantoont dat bepaalde vooroorlogse bureaucratische procedures tijdens de bezettingsjaren bleven doorlopen. Het document is sober van opzet, passend bij de tijdgeest en het doel van de correspondentie. De term "Alhier" onder de adressering geeft aan dat zowel de afzender als de ontvanger zich in dezelfde gemeente (Amsterdam) bevonden. Het document dateert uit mei 1943, midden in de Duitse bezetting van Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog. De Centrale Markt in Amsterdam (gelegen aan de Jan van Galenstraat) was cruciaal voor de voedselvoorziening van de stad. De Wethouder voor de Levensmiddelen speelde in deze periode een uiterst precaire rol vanwege de toenemende schaarste, rantsoenering en de invloed van de bezetter op de distributie van goederen. Hoewel de brief louter administratief-financieel van aard lijkt, vormt hij een klein onderdeel van het enorme logistieke apparaat dat nodig was om een stad als Amsterdam in oorlogstijd draaiende te houden. De verwijzing naar de circulaire uit 1939 laat zien dat de financiële controlemechanismen van de gemeente Amsterdam ook onder het bewind van de nationaalsocialistische burgemeester en wethouders van die tijd strikt werden gehandhaafd.
Samenvatting
Dit document is een formele begeleidende brief bij een financiële rapportage. De toon is ambtelijk en hoffelijk ("heb ik de eer U..."). De brief verwijst naar een specifieke administratieve verplichting uit 1939, wat aantoont dat bepaalde vooroorlogse bureaucratische procedures tijdens de bezettingsjaren bleven doorlopen. Het document is sober van opzet, passend bij de tijdgeest en het doel van de correspondentie. De term "Alhier" onder de adressering geeft aan dat zowel de afzender als de ontvanger zich in dezelfde gemeente (Amsterdam) bevonden.
Historische Context
Het document dateert uit mei 1943, midden in de Duitse bezetting van Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog. De Centrale Markt in Amsterdam (gelegen aan de Jan van Galenstraat) was cruciaal voor de voedselvoorziening van de stad. De Wethouder voor de Levensmiddelen speelde in deze periode een uiterst precaire rol vanwege de toenemende schaarste, rantsoenering en de invloed van de bezetter op de distributie van goederen. Hoewel de brief louter administratief-financieel van aard lijkt, vormt hij een klein onderdeel van het enorme logistieke apparaat dat nodig was om een stad als Amsterdam in oorlogstijd draaiende te houden. De verwijzing naar de circulaire uit 1939 laat zien dat de financiële controlemechanismen van de gemeente Amsterdam ook onder het bewind van de nationaalsocialistische burgemeester en wethouders van die tijd strikt werden gehandhaafd.