Administratief verslag / Financieel overzicht.
Origineel
Administratief verslag / Financieel overzicht. [Deel 1: Getypte tabel met handgeschreven toevoegingen]
In onderstaand staatje zijn aangegeven de opbrengst van pakhuis- en kantoorhuren, benevens de heffingen van het plaatsgeld, entréegeld en zoogenaamd kadegeld over 1940 en 1941 en 1942.
| Omschrijving | Opbrengst 1940 | Opbrengst 1941 | Opbrengst 1942 |
|---|---|---|---|
| Pakhuizen A, B, C, D en E ........................................ | |||
| Pakhuizen in de hal ................................................. } | f 123.755,56 | f 133.012,11 | f 185.866,73 |
| Pakhuizen aardappelen ......................................... | |||
| Kantoren .................................................................... | „ 5.002,54 | „ 7.054,54 | „ 8.761,87 |
| Plaatsen in de hal ................................................... } | |||
| Plaatsen tuinders (tot 5 Mei) .................................... | „ 67.765,01 | „ 41.448,35 | „ 21.191,23 |
| Plaatsen bloemen ...................................................... | |||
| Plaatsen buiten de hal .............................................. } | |||
| Kadegelden ............................................................... | „ 7.629,92 | „ 10.751,30 | „ 13.210,20 |
| Opbrengst toegangskaarten ..................................... | „ 39.647,96 | „ 35.007,84 | „ 30.528,50 |
[Deel 2: Handgeschreven tekst op bruin papier]
Brandstoffenmarkt
De bestaande tijdelijke hulpwachten werden voor ten hoogste een jaar verlengd.
De opbrengst aan marktgelden bedroeg f 18.948,71 (vorig jaar f 20.010,75).
In het verslagjaar werd aan de brandstoffenmarkt ligplaats ingenomen:
per kalenderweek door 4213 schuiten (v.j. 4848) met een totale inhoud van 227.716 ton (v.j. 258.627 ton) van 1000 kg laadvermogen;
per kalendermaand door 51 schuiten (v.j. 46) met een totale inhoud van 3464 ton (v.j. 3359 ton) van 1000 kg laadvermogen;
per kalenderjaar door 237 schuiten (v.j. 237) met een totale inhoud van 13.218 ton (v.j. 13.236 ton) van 1000 kg laadvermogen.
[Deel 3: Typoscript fragment onderaan]
~~Aan aanvoergelden werd ontvangen: f 5.719,19 (v.j. f 5.954,51)~~
Aan aanvoergelden op het buitenterrein werd ontvangen: f 954,50 (v.j. f 733,-)
In verband met de buitengewone omstandigheden was ook dit jaar de aanvoer van diverse zeevischsoorten gering.
Met ingang van 21 October werd na gepleegd overleg tusschen het Gemeentebestuur en de Nederlandsche Visscherijcentrale, aan den afslag alhier een voorloopige verdeelingsregeling ingevoerd voor aal * Economische verschuivingen: De tabel toont een opvallende stijging in de inkomsten uit pakhuisverhuur tussen 1940 (f 123k) en 1942 (f 185k), wat kan duiden op een grotere behoefte aan opslagcapaciteit tijdens de bezetting. Daartegenover staat een forse daling in de inkomsten van "Plaatsen tuinders" (van f 67k naar f 21k), wat mogelijk wijst op schaarste of veranderde distributiemethoden van verse producten.
* Logistiek: De handgeschreven sectie geeft gedetailleerde informatie over de brandstoffenmarkt. Het aantal "schuiten" en de tonnage per week is licht gedaald ten opzichte van het voorgaande jaar (v.j.), wat symptomatisch is voor de beperkingen in transport en brandstofbeschikbaarheid tijdens de oorlog.
* Terminologie: Het gebruik van de afkorting "v.j." voor "vorig jaar" is consistent in het hele document. De vermelding van "schuiten van 1000 kg laadvermogen" (metrische tonnen) duidt op de gestandaardiseerde binnenvaartmeting van die tijd. Dit document is een administratief overblijfsel van een Nederlandse haven- of marktautoriteit (waarschijnlijk in een stad met een visafslag en belangrijke binnenvaartverbindingen, zoals Amsterdam of Rotterdam) tijdens de Tweede Wereldoorlog.
De genoemde "buitengewone omstandigheden" zijn een eufemisme voor de oorlogssituatie, die leidde tot schaarste aan zeevis (door het mijnengevaar en de beperkingen op de Noordzee). De "Nederlandsche Visscherijcentrale" was een door de bezetter ingesteld of gecontroleerd orgaan dat de distributie van vis reguleerde om de voedselvoorziening te beheersen. De vermelding van "hulpwachten" duidt op de verscherpte toezicht- en beveiligingsmaatregelen die nodig waren bij vitale infrastructuur zoals brandstofmarkten in oorlogstijd.