Handgeschreven examenblad of overhoring met betrekking tot strafrecht en strafvordering.
Origineel
Handgeschreven examenblad of overhoring met betrekking tot strafrecht en strafvordering. 6 augustus 1943. Vraag I
Als het door een Wettelijke Strafbepaling strafbaar is gesteld.
II
Hij te wiens aanzien feiten of omstandigheden een redelijk vermoeden van schuld aan eenig strafbaar feit voortvloeit. Men tegen wie een vervolging is ingesteld.
III
Ja. Voor opgeven van Naam, adres en geboortedatum.
IV
Op „heeterdaad”
V
Oproeping via Pers en radio en op aanwijzing.
VI
Neen. Ja.
VII
Voorwerpen welke van diefstal en misdrijf afkomstig zijn.
Voorwerpen waarmede een misdrijf opzettelijk is gepleegd.
Voorwerpen welker verbeurdverklaring en vernietiging kan worden bevolen. Ter beschikking stellen Chef of Off. v. Just.
VIII
Ambtseedig, gedagteekend, onderteekend en volledige omschrijving.
IX
Commissaris of Majoor Rijksveldwacht.
X
Neen. Ja. Dierenmishand. en Vredegerecht.
XI
Neen. Behouden met schriftelijke, bijzondere en algemeene last.
XII
Neen. Ja.
6 Aug. 1943.
Joh. Pietersma. Het document is een schriftelijke weergave van antwoorden op een juridisch examen, vermoedelijk voor de politieopleiding of een rang-examen binnen de marechaussee of veldwacht tijdens de Tweede Wereldoorlog. De inhoud behandelt fundamentele begrippen uit het Wetboek van Strafvordering:
- Punt I en II: Definiëren wat een strafbaar feit is en wat de definitie van een 'verdachte' is (artikel 27 Sv).
- Punt IV: Verwijst naar de situatie van 'ontdekking op heterdaad'.
- Punt VII: Behandelt de regels rondom inbeslagname (vatbaar voor beslag) en de overdracht aan de Officier van Justitie.
- Punt VIII: Somt de vereisten op voor een geldig Proces-Verbaal (ambtseedig, dagtekening, ondertekening).
- Punt IX: Noemt de Rijksveldwacht, een Nederlandse politieorganisatie die in 1941 door de bezetter werd samengevoegd met de Gemeenteveldwacht en de Marechaussee. Dit document stamt uit augustus 1943, een periode waarin de Nederlandse politieorganisatie onder sterke invloed stond van de Duitse bezetter. In 1941 was de politie gereorganiseerd tot de 'Staatspolitie'. De termen "Rijksveldwacht" en "Vredegerecht" (punt X) zijn hierbij veelzeggend. Het Vredegerecht was een speciaal door de bezetter in 1941 ingestelde rechtbank voor politieke delicten en overtredingen door NSB-leden.
Het feit dat iemand in 1943 een dergelijk examen aflegt, duidt op de voortgang van de reguliere rechtshandhaving en bureaucratie, ondanks de oorlogsomstandigheden. De antwoorden tonen aan dat de basisprincipes van het Nederlandse strafrecht (zoals de definitie van een verdachte en de vereisten van een proces-verbaal) ook tijdens de bezetting grotendeels gehandhaafd bleven in de opleiding, hoewel de context waarbinnen zij werden uitgevoerd sterk gepolitiseerd was. Marechaussee NSB Politie