Handgeschreven brief/rapportage op gelinieerd papier.
Origineel
Handgeschreven brief/rapportage op gelinieerd papier. 3 juni 1943. Waarschijnlijk een afdelingshoofd of direct leidinggevende (ondertekend met initialen, mogelijk W.H.J.). [Hoofdtekst]
hem toen opmerkzaam gemaakt dat hij ingevolge
onze instructie, deze kleinhandelaars den toegang
voor aankoop van visch niet mocht weigeren, doch
hij bleef evenwel volharden in zijn weigering. De
heer Dijkema is m.i. bezield met wraakgedachten
en mist schijnbaar alle samenwerking en overleg.
Maandag 31 Mei heb ik hem gemoedelijk gezegd dat
ik psychisch niet in staat ben op deze wijze met
hem te werken en heb ik hem voorgesteld een be-
spreking aan te vragen met den Directeur.
Hij deelde mij daarop mede dat wij wel spoedig
bij den Directeur ontboden zouden worden, daar
hij over mij en eenige andere aangelegenheden een
Rapport had ingediend.
Door zijn minder fatsoenlijke ambtenaarsloopbaan
en zijn vervolgingswaanzin is hij blijkbaar psychisch
geschokt en uit zijn evenwicht geslagen, ook zijn
overplaatsing stemt hem bitter.
Mijn poging om den heer Dijkema tot toenadering
te bewegen is niet gelukt.
Hoe hard en zwaar het mij ook valt ben ik
na lang beraad helaas genoopt, in ’t belang van den
Dienst, alsmede van ons beider psychisch gestel, U
beleefd te verzoeken een andere dienstindeling
te willen bewerkstelligen.
Amsterdam, 3 Juni 1943.
[Signatuur: W.H.J.]
[Rode tekst]
Rapport Wybe - bijgevoegd
[Marginalia links, verticaal in potlood]
Naar op 12/6 1943
door Dir. Tuinstra
met Verg. en Dijkema
besproken en
opgelost.
8/7 43 * Conflict: De kern van het conflict is de weigering van de heer Dijkema om visdetailhandelaren toegang te verlenen tot de inkoop, wat ingaat tegen de geldende instructies.
* Psychologische aspecten: De schrijver gebruikt voor die tijd opvallend sterke psychologische termen: "wraakgedachten", "vervolgingswaanzin", "psychisch geschokt", "uit zijn evenwicht" en "psychisch gestel". Het conflict heeft een diepe impact op de werksfeer en de mentale gezondheid van beide betrokkenen.
* Bureaucratische context: Er is sprake van wederzijdse rapportages ("Rapport ingediend"). De hiërarchie is duidelijk aanwezig; men moet bij "den Directeur" komen om de zaak te bespreken.
* Afhandeling: Uit de kanttekeningen blijkt dat Directeur Tuinstra de zaak negen dagen later (12 juni) heeft besproken en dat de kwestie op 8 juli 1943 als "opgelost" werd beschouwd. * Tijdsbeeld: Juni 1943, midden in de Duitse bezetting van Nederland. De visserij en de visdistributie stonden onder streng toezicht van de bezetter en de Nederlandse distributie-organen (zoals het Rijksbureau voor de Voedselvoorziening). De schaarste en de druk van de bezettingswetgeving zorgden voor een hoogspanningsomgeving op de werkvloer.
* Terminologie: De spelling is conform de toen geldende norm (bijv. "visch", "kleinhandelaars"). De term "dienstindeling" duidt op een officiële, mogelijk overheidsgerelateerde functie.
* Sociaal-emotioneel: Het document toont aan dat, ondanks de oorlogsomstandigheden, reguliere werkconflicten en persoonlijke fricties tussen ambtenaren bleven bestaan en formeel werden afgehandeld. De bittere houding van Dijkema na een eerdere overplaatsing suggereert een langdurig traject van disfunctioneren of onvrede. Rijksbureau