Dienstbrief / Ambtelijk schrijven.
Origineel
Dienstbrief / Ambtelijk schrijven. 15 juli 1943. De Directeur (van een niet nader genoemde gemeentelijke dienst). [Handgeschreven in paars potlood:] extra
vB/RP.
1.
8A/55/4 M.
15 Juli 1943.
Den Heer Wethouder
voor de Arbeidszaken,
Raadhuis,
A l h i e r.
Naar aanleiding van Uw circulaire d.d. 14
Juli 1943 no.1144a Arb.1943; heb ik de eer U in bij-
lage dezes een opgave te doen toekomen van bij mijn
dienst werkzaam zijnd mannelijk personeel geboren
in de jaren 1923 en 1922.
De Directeur, Dit document is een formeel administratief schrijven uit de periode van de Duitse bezetting van Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog. De kern van de brief is de rapportage over mannelijk personeel geboren in 1922 en 1923.
Enkele opvallende diplomatieke kenmerken:
* Referenties: De codes (vB/RP en 8A/55/4 M.) zijn interne archief- of bureaukenmerken die duiden op een strak georganiseerde ambtelijke structuur.
* Taalgebruik: Het gebruik van de uiterst formele stijl ("heb ik de eer U... te doen toekomen") was standaard voor die tijd, zelfs voor interne communicatie tussen een diensthoofd en een wethouder.
* Annotatie: De handgeschreven term "extra" bovenaan kan duiden op een spoedbehandeling of een specifieke rubricering in het archief van de ontvangende partij. De datum, 15 juli 1943, is cruciaal voor de interpretatie. Op dit moment in de oorlog was de Arbeitseinsatz (de gedwongen tewerkstelling in Duitsland) in volle gang. De bezetter had de behoefte aan arbeidskrachten voor de Duitse oorlogsindustrie drastisch opgevoerd.
Mannen uit de jaargangen 1920-1924 werden specifiek gezocht en opgeroepen. Dit document laat zien hoe de Nederlandse gemeentelijke bureaucratie, al dan niet onder dwang, meewerkte aan het in kaart brengen van potentiële kandidaten voor uitzending. De wethouder voor Arbeidszaken fungeerde hierbij als intermediair tussen de verschillende gemeentelijke diensten en de Duitse autoriteiten (vaak via de Gewestelijke Arbeidsbureau's). De term "Alhier" bevestigt dat dit een intern schrijven is binnen dezelfde gemeente, gericht aan het Raadhuis.
Samenvatting
Dit document is een formeel administratief schrijven uit de periode van de Duitse bezetting van Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog. De kern van de brief is de rapportage over mannelijk personeel geboren in 1922 en 1923.
Enkele opvallende diplomatieke kenmerken:
* Referenties: De codes (vB/RP en 8A/55/4 M.) zijn interne archief- of bureaukenmerken die duiden op een strak georganiseerde ambtelijke structuur.
* Taalgebruik: Het gebruik van de uiterst formele stijl ("heb ik de eer U... te doen toekomen") was standaard voor die tijd, zelfs voor interne communicatie tussen een diensthoofd en een wethouder.
* Annotatie: De handgeschreven term "extra" bovenaan kan duiden op een spoedbehandeling of een specifieke rubricering in het archief van de ontvangende partij.
Historische Context
De datum, 15 juli 1943, is cruciaal voor de interpretatie. Op dit moment in de oorlog was de Arbeitseinsatz (de gedwongen tewerkstelling in Duitsland) in volle gang. De bezetter had de behoefte aan arbeidskrachten voor de Duitse oorlogsindustrie drastisch opgevoerd.
Mannen uit de jaargangen 1920-1924 werden specifiek gezocht en opgeroepen. Dit document laat zien hoe de Nederlandse gemeentelijke bureaucratie, al dan niet onder dwang, meewerkte aan het in kaart brengen van potentiële kandidaten voor uitzending. De wethouder voor Arbeidszaken fungeerde hierbij als intermediair tussen de verschillende gemeentelijke diensten en de Duitse autoriteiten (vaak via de Gewestelijke Arbeidsbureau's). De term "Alhier" bevestigt dat dit een intern schrijven is binnen dezelfde gemeente, gericht aan het Raadhuis.