Archief 745
Inventaris 745-409
Pagina 48
Dossier 44
Jaar 1943
Stadsarchief

Concept van een officiële brief.

10 mei 1943. Van: Vischverdeeling Amsterdam (namens een verdeelingscommissie). Aan: Directeur van de Nederlandsche Visscherij Centrale, 's-Gravenhage.

Origineel

Concept van een officiële brief. 10 mei 1943. Vischverdeeling Amsterdam (namens een verdeelingscommissie). Directeur van de Nederlandsche Visscherij Centrale, 's-Gravenhage. C o n c e p t. [handgeschreven paraaf/notitie: Dir.] vD/HB.
===============
Amsterdam, 10 Mei 1943.

Vischverdeeling
Amsterdam.

Den Heer Directeur der Neder-
landsche Visscherij Centrale,
's-Gravenhage.
=========================

Naar aanleiding van Uw brief d.d. 20 April jl. no. 10688/V/Ve. hebben de ondergeteekenden de eer U te berichten, dat de bijlage van Uw brief ons tot het maken van de volgende opmerkingen aanleiding heeft gegeven.

  1. Aantal en soort van in de verdeeling te Amsterdam opgenomen kleinhandelaren.

Voor zoover ons bekend zijn alle in de verdeeling opgenomen kleinhandelaren in het bezit van een door de Nederlandsche Visscherij-Centrale uitgegeven voorloopige erkenning. Hiernaar wordt thans op den afslag nog een nauwkeurig onderzoek ingesteld. Vaststaat evenwel, dat alle in de verdeeling opgenomen kleinhandelaren in de basisjaren visch hebben verhandeld, met uitzondering van enkele gevallen, die in opdracht van Hogerhand in de verdeeling moesten worden opgenomen. Het staat echter tevens vast, dat te Amsterdam buiten de in de verdeeling opgenomen handelaren nog vele personen rondloopen, die in het bezit zijn van een voorloopige erkenning der Centrale. Aan verzoeken van deze personen om in de verdeeling te worden opgenomen is niet voldaan, omdat deze naar het oordeel der Verdeelingscommissie in de basisjaren niet in den vischhandel werkzaam waren. Wij mogen U in dit verband verwijzen naar Uw brief d.d. [leeg gelaten] no. [leeg gelaten] waarin U, in antwoord op een onzerzijds gedaan verzoek toezegde, dat voortaan bij het verleenen van erkenningen overleg met den Dienst Marktwezen zal worden gepleegd.

Wat betreft de winkelbedrijven, comestibleszaken. e.d., die visch als nevenartikel verhandelen, diene het volgende.

Het is ons bekend, dat momenteel allerlei bedrijfsgroepen zich bezighouden met de afbakening van het werkterrein van de in die groepen opgenomen vakgenooten.

Ook op het gebied van den vischhandel worden, indien wij juist zijn ingelicht, reeds geruimen tijd door den Vakgroep kleinhandel richtlijnen bestudeerd, welke zouden moeten leiden tot een saneering van den visch- Dit document is een ambtelijk schrijven uit de bezettingsperiode waarin de spanning tussen lokale controle en centraal gezag (onder toezicht van de bezetter) zichtbaar wordt. De kernpunten zijn:
* Selectie: Er is een strikte selectie aan de gang wie vis mag verkopen. Men hanteert "basisjaren" (vooroorlogse jaren) als referentiepunt om te bepalen wie recht heeft op handel.
* Bureaucratische frictie: De lokale Amsterdamse commissie weigert handelaren toe te laten die wel een vergunning van de Centrale hebben, maar volgens hen geen "echte" visverkopers zijn.
* Dwang: De zinsnede "in opdracht van Hogerhand" wijst op directe tussenkomst van de Duitse bezetter of de pro-Duitse centrale overheid, waarbij bepaalde personen (mogelijk NSB'ers of begunstigden) buiten de regels om werden bevoordeeld.
* Ordening: Er wordt gewerkt aan "saneering", een eufemisme voor het inkrimpen en herstructureren van de sector, vaak ten koste van kleinere of ongewenste handelaren. In mei 1943 was de voedselvoorziening in Nederland zeer schaars en strikt gereguleerd via een distributiesysteem. Vis was een belangrijk maar schaars volksvoedsel. De Nederlandsche Visscherij Centrale was een door de bezetter gecontroleerd orgaan dat de gehele keten beheerde. In Amsterdam probeerde de lokale overheid (Dienst Marktwezen) grip te houden op wie er op de markten en in de winkels stond, deels om de eigen middenstand te beschermen tegen nieuwe gelukszoekers of politiek benoemde nieuwkomers. De term "saneering" past in de nationaalsocialistische gedachte van economische ordening, waarbij "niet-levensvatbare" of "ongewenste" bedrijven werden gesloten.

Samenvatting

Dit document is een ambtelijk schrijven uit de bezettingsperiode waarin de spanning tussen lokale controle en centraal gezag (onder toezicht van de bezetter) zichtbaar wordt. De kernpunten zijn:
* Selectie: Er is een strikte selectie aan de gang wie vis mag verkopen. Men hanteert "basisjaren" (vooroorlogse jaren) als referentiepunt om te bepalen wie recht heeft op handel.
* Bureaucratische frictie: De lokale Amsterdamse commissie weigert handelaren toe te laten die wel een vergunning van de Centrale hebben, maar volgens hen geen "echte" visverkopers zijn.
* Dwang: De zinsnede "in opdracht van Hogerhand" wijst op directe tussenkomst van de Duitse bezetter of de pro-Duitse centrale overheid, waarbij bepaalde personen (mogelijk NSB'ers of begunstigden) buiten de regels om werden bevoordeeld.
* Ordening: Er wordt gewerkt aan "saneering", een eufemisme voor het inkrimpen en herstructureren van de sector, vaak ten koste van kleinere of ongewenste handelaren.

Historische Context

In mei 1943 was de voedselvoorziening in Nederland zeer schaars en strikt gereguleerd via een distributiesysteem. Vis was een belangrijk maar schaars volksvoedsel. De Nederlandsche Visscherij Centrale was een door de bezetter gecontroleerd orgaan dat de gehele keten beheerde. In Amsterdam probeerde de lokale overheid (Dienst Marktwezen) grip te houden op wie er op de markten en in de winkels stond, deels om de eigen middenstand te beschermen tegen nieuwe gelukszoekers of politiek benoemde nieuwkomers. De term "saneering" past in de nationaalsocialistische gedachte van economische ordening, waarbij "niet-levensvatbare" of "ongewenste" bedrijven werden gesloten.

Locaties

Amsterdam.

Kooplieden in dit dossier 1

Stuks schoon ontvangen . . . . .

Gerelateerde Documenten 6