Archief 745
Inventaris 745-409
Pagina 85
Dossier 100
Jaar 1943
Stadsarchief

Getypte brief op officieel briefpapier met handgeschreven kanttekeningen en stempels.

5 mei 1943. Van: J. Nanne Swierstra, Accountant en Economisch Adviseur. Aan: Directie van de Centrale Markthallen, Afdeling Gemeentelijke Visvoorziening, Amsterdam.

Origineel

Getypte brief op officieel briefpapier met handgeschreven kanttekeningen en stempels. 5 mei 1943. J. Nanne Swierstra, Accountant en Economisch Adviseur. Directie van de Centrale Markthallen, Afdeling Gemeentelijke Visvoorziening, Amsterdam. [Briefhoofd]
J. NANNE SWIERSTRA
ACCOUNTANT
ECONOMISCH ADVISEUR
POSTREKENING No. 479700
GEMEENTE-GIRO S. 10637

AMSTERDAM, 5 Mei 1943.
HEERENGRACHT 334
TELEFOON 33851

[Handgeschreven notities rechtsboven]
823
Oproepen 7-5-43
De Ruijg

[Kenmerk in de linkermarge, handgeschreven/stempel]
afm
46a/151/4

[Onderwerp]
Inzake: vistoewijzing.

[Referentie]
Ds. No. 0165.
No. 46a/151/3 M. 1943

[Adres]
Aan de Directie van de Centr. Markthallen
Afd. Gemeentelijke Visvoorziening,
Jan van Galenstraat 14,
A M S T E R D A M (W).
=============================

[Inhoud]
Mijne Heren,

Ten mijne kantore vervoegde zich de heer S. de Ruijg, Kleine Katteburgerstraat 132 III te Amsterdam, van beroep visventer en in het bezit van een vergunning voor het venten van verse vis sedert 16 Juli 1932.

Genoemde De Ruijg kan in aanmerking komen voor een toewijzing voor verse vis van de Nederlandse Visserij-mits hij kan overleggen zijn omzet over de jaren 1938, 1939 tot Mei 1940. Volgens zijn bewering, heeft hij over genoemd tijdvak slechts vis betrokken van de Gemeentelijke Visvoorziening. Gaarne zou ik van U vernemen, of de administratie van de Gemeentelijke Visvoorziening bereid is de verlangde gegevens te verstrekken, opdat hij voor toewijzing in aanmerking komt.

Genoemde De Ruijg is georganiseerd in de Nederlandse Visserij Centrale onder Nr. 10565.

Het zal mij aangenaam zijn de betreffende gegevens van U te mogen ontvangen.

Hoogachtend,
[Handtekening J. Nanne Swierstra]

[Handgeschreven aantekeningen onderaan de brief]
(Links):
[Onleesbare naam/krabbel]
Amsterdam

Heeft 17 jaar in Tuindorp
Oostzaan gevent.

Dit is reeds
aan S. de Ruijg
bericht! [Paraaf]

(Rechts):
10 10 of 12 Mei ’43
5 ½ - 12

afwijzen
aan verzoek kan niet worden
voldaan, aangezien we overzichten
v. koopers op slag hebben
steeds van hun koopen kwitanties
ontvangen, welke Ruijg dan
niet overlegt. Δδ De brief is een formeel verzoek van een accountant die optreedt als tussenpersoon voor een cliënt, de visventer S. de Ruijg. De Ruijg wil aantonen dat hij voor de oorlog al een gevestigde visverkoper was om aanspraak te kunnen maken op een officiële "vistoewijzing" (distributie-overeenkomst).

De handgeschreven notities onderaan laten de interne afhandeling bij de Gemeentelijke Visvoorziening zien. Hoewel er wordt opgemerkt dat De Ruijg al 17 jaar actief is in Tuindorp Oostzaan, wordt het verzoek uiteindelijk afgewezen. De reden voor de afwijzing is bureaucratisch van aard: de administratie stelt dat kopers zelf kwitanties (bewijzen) van hun aankopen moeten kunnen overleggen, en aangezien De Ruijg deze niet kon presenteren, weigert de dienst de gevraagde gegevens te leveren of hem de toewijzing te geven. Het document dateert van mei 1943, midden in de Tweede Wereldoorlog. Nederland verkeerde onder Duitse bezetting en er was een strikt systeem van distributie en rantsoenering van kracht. Voedsel, inclusief vis, was schaars en de handel werd streng gecontroleerd door instanties zoals de Nederlandse Visserij Centrale.

Voor kleine zelfstandigen zoals visventers was het verkrijgen van een officiële toewijzing van levensbelang om hun bedrijf voort te kunnen zetten. De bemoeienis van een accountant/economisch adviseur zoals J. Nanne Swierstra toont aan hoe complex en juridisch beladen de bureaucratie rondom de voedselvoorziening in oorlogstijd was geworden. De afwijzing op basis van ontbrekende kwitanties illustreert de onverbiddelijke houding van de overheidsinstanties onder druk van de bezettingsomstandigheden.

Samenvatting

De brief is een formeel verzoek van een accountant die optreedt als tussenpersoon voor een cliënt, de visventer S. de Ruijg. De Ruijg wil aantonen dat hij voor de oorlog al een gevestigde visverkoper was om aanspraak te kunnen maken op een officiële "vistoewijzing" (distributie-overeenkomst).

De handgeschreven notities onderaan laten de interne afhandeling bij de Gemeentelijke Visvoorziening zien. Hoewel er wordt opgemerkt dat De Ruijg al 17 jaar actief is in Tuindorp Oostzaan, wordt het verzoek uiteindelijk afgewezen. De reden voor de afwijzing is bureaucratisch van aard: de administratie stelt dat kopers zelf kwitanties (bewijzen) van hun aankopen moeten kunnen overleggen, en aangezien De Ruijg deze niet kon presenteren, weigert de dienst de gevraagde gegevens te leveren of hem de toewijzing te geven.

Historische Context

Het document dateert van mei 1943, midden in de Tweede Wereldoorlog. Nederland verkeerde onder Duitse bezetting en er was een strikt systeem van distributie en rantsoenering van kracht. Voedsel, inclusief vis, was schaars en de handel werd streng gecontroleerd door instanties zoals de Nederlandse Visserij Centrale.

Voor kleine zelfstandigen zoals visventers was het verkrijgen van een officiële toewijzing van levensbelang om hun bedrijf voort te kunnen zetten. De bemoeienis van een accountant/economisch adviseur zoals J. Nanne Swierstra toont aan hoe complex en juridisch beladen de bureaucratie rondom de voedselvoorziening in oorlogstijd was geworden. De afwijzing op basis van ontbrekende kwitanties illustreert de onverbiddelijke houding van de overheidsinstanties onder druk van de bezettingsomstandigheden.

Kooplieden in dit dossier 1

Stuks schoon ontvangen . . . . .

Gerelateerde Documenten 6