Getypt afschrift van een rapport met handgeschreven kanttekeningen.
Origineel
Getypt afschrift van een rapport met handgeschreven kanttekeningen. 46A/168/1 m. '43 5/3
A F S C H R I F T
R A P P O R T
Heden 5 Mei 1943 des 's morgens ongeveer 7 uur 30 vervoegde zich in de Gem. Visafslag, den heer Gouda, vertegenwoordiger van den Imex uit Ymuiden en vroeg een onderhoud met ondergeteekende K. Lammers, lid Verdeelingscommissie. Genoemde heer Gouda maakte bezwaar tegen de maatregel die Lammers een week tevoren had voorgesteld, met aanvoer van versche aal door de Imex (of H.W.), dat gezien het vele water, dat zich in die aal bevond, op verzoek van Lammers in overleg met heer Stam nagewogen zou worden.
Toen na het nawegen bleek, dat te kort aal aanwezig was in de eenmaal afgewogen kwantums van 40 pond en een laatste portie van 23 pond, bleek dat na een kwartier 23 pond tot 22 pond was verminderd. De Heer Lammers betoogde, dat hij op de hoogte was van de moeilijkheden die er zijn, ook voor de aanvoerders. Ook deelde Lammers mede, dat vroeger op iedere 100 pond aan de afslag 4 of 6 pond overwicht werd gegeven voor waterverlies, dat gebeurd heden niet meer dus kan het niet anders of er moet een tekort ontstaan.
Ook betoogde Lammers, dat nog nooit een aanvoerder aanmerkingen heeft gemaakt op het werk der Verdeel Commissie. Wij zijn te veel vakman om niet te kunnen of willen begrijpen, dat er zich moeilijkheden kunnen voordoen, die en aanvoerder en ontvangers kunnen overzien, maar dat alles neemt niet weg, dat onze taak als Verdeel Commissie eenerzijds, daarbij de mijne als werkzaam zijnde in de Verdeeling mij verplicht er zorg voor te dragen, dat aan de eenmaal genomen besluiten, altijd in overleg met de Chef-afslager de hand zal worden gehouden. Den Heer Gouda merkte op, dat als de vischkleinhandel zoo benepen is, op ieder tekort te reageeren, hij als vertegenwoordiger der Imex gezien zijn door-leveringsplicht geen of weinig visch meer naar Amsterdam zou zenden. Ook merkte de heer Gouda op, dat hij tot nog toe wegens het gemak van vervoer steeds te veel gestuurd had naar Amsterdam.
Op dit moment kwam juist Heer Stam voorbij, die zich met het gesprek ging bemoeien.
De Heer Stam deelde Heer Gouda mede, dat hij verplicht was zijn visch in Amsterdam te leveren, waarop de Heer Gouda antwoordde dat nog Heer Stam of Lammers konden weten, dat hij volkomen vrij was, daar te leveren, waar zijn door-leveringsplicht hem voorschreef, nadat Lammers nog had betoogd, dat juist de Heer Stam de man is geweest, die het aanvoerders had geambieerd om in Amsterdam te lossen. Zeker omdat Heer Stam als Afslager zich er nooit toe liet leenen om op wat voor manier ook een aanvoerder te laten bloeden ten gunste van den handel.
De Heer Stam deelde nog mede, dat hij als Chef er op staat, dat ieder zijn gerechtigheid ontvangt en zoo nodig rapport zal uitbrengen van mededeelingen die Heer Gouda doet. Gezien het feit nu, dat ondergetekende als lid der Verdeel Commissie gevaren ziet niet alleen wat betreft de aanvoer, maar ook dat men wil trachten zeer ten onrechte het beleid van Heer Stam en die der Verdeel Commissie aan te tasten daarbij overwegende, dat ondergeteekende verzocht werd een onderhoud met Heer Gouda te hebben, en Heer Stam er op het laatste oogenblik is bijgekomen is in overleg met den heer de Haer en Heer Stam dit rapport door K. Lammers gemaakt. Het welkdoende 5-5-43.
w.g. K. Lammers
w.g. Jac. Stam.
(Handgeschreven noten onderaan:)
In dezer op Lammers nader horen.
Door h. Lidm. h. behandeld - [onleesbaar] 19/5-43
Th. Luburgh bespr. 21-5-43
--- * Kern van het geschil: Het document beschrijft een technisch en zakelijk conflict over het gewicht van levende aal. Omdat vis in water wordt aangevoerd, treedt er gewichtsverlies op door uitlekken ("waterverlies"). De Verdeelingscommissie eist strengere controle (nawegen), terwijl de handelaar (Gouda) klaagt dat de marges die vroeger werden gehanteerd (4-6 pond per 100 pond) zijn verdwenen.
* Machtsstrijd: Er is een duidelijke spanning tussen de private sector (Imex) en de controlerende instanties (Verdeelingscommissie en Afslager). Gouda dreigt de aanvoer naar Amsterdam te staken of te verminderen als de regels te strikt worden gehandhaafd.
* Bureaucratische taal: Het rapport is geschreven in een defensieve, ambtelijke toon. Lammers benadrukt zijn "vakmanschap" en zijn plicht om "de hand te houden" aan besluiten.
* Handgeschreven toevoegingen: Deze wijzen op de administratieve afhandeling van het rapport in de weken na het incident (19 en 21 mei 1943), wat duidt op een escalatie naar hogere functionarissen (zoals Th. Luburgh).
--- Dit document stamt uit mei 1943, een periode midden in de Duitse bezetting van Nederland. De voedselvoorziening was in deze tijd strikt gereguleerd via distributiestelsels en "Verdeelingscommissies".
- Schaarsche en controle: Vis, en met name vette vis zoals aal, was een cruciaal onderdeel van de voedselvoorziening. De overheid hield streng toezicht op de gewichten om zwarte handel en prijsopdrijving te voorkomen.
- Amsterdam: De vermelding van de "leveringsplicht" naar Amsterdam is significant. Tijdens de oorlog werden grote steden prioritair bevoorraad om sociale onrust en honger te voorkomen, maar dit leidde vaak tot conflicten met handelaren uit visserijcentra zoals IJmuiden (Ymuiden).
- Imex: De firma Imex was een bekende speler in de vishandel. De frictie tussen dergelijke grote export/importbedrijven en lokale marktmeesters was in oorlogstijd aan de orde van de dag vanwege de tegenstrijdige belangen van winstbejag versus staatscontrole.