Getypt rapport/brief (pagina 7).
Origineel
Getypt rapport/brief (pagina 7). 8 mei 1943. - 7 -
de marktmeesters controleeren.
Mij persoonlijke meening is dan ook, dat het zwaartepunt van onze contrôle
niet op de markten gelegd moet worden. Contrôleeren steeds proefgewijs
en naar gelang de omstandigheden (b.v. bij drukke aanvoer). Wanneer wij op
de markten een wachtende houding moeten aannemen, geeft dit m.i. een rare
indruk was betreft ons week. Vooral de middagcontrole is er een van
"Zuster Anna, zietgij nog niets komen? Zoo kwam op Vrijdagmiddag de eerste
visch om ruim 4 uur op de markt Albert Cuypstraat zeevisch komt des mid-
dags uit Ymuiden. Wanneer en hoeveel weet men niet. Is de visch er dan
wordt zij direct verdeeld.
De contrôle heeft een preventief karakter, door het verkoopen in overdekte
ruimten onder toezicht is de kans op knoeierij al bijna tot niet geredu-
ceerd.
Men zal zich beroepen op onderwicht te hebben ontvangen aan den afslag. Op
de markten kan men de toegewezen visch onder contrôle laten nawegen. Een
erkenning kan daar gebruikt van maken, omdat men nu eenmaal niet alles kan
nawegen. Het zou b.v. ook wel eens nuttig zijn, om een bepaalde hoeveel-
heid toegewezen visch op de markt te laten nawegen en het resulaat door
te geven aan den marktmeester van de markt, waarvoor de visch bestemd is,
of den daar aanwezige contrôleur.
Mijn meening is, dat de contrôle op de markten niet belangrijk is dan de
contrôle op de overige vischverkoopplaatsen, waar de gelegenheid tot
knoeierij grooter is. Ook het wisselen van contrôleurs kan van belang zijn
Als den contrôleur steeds dezelfde personen controleert ontstaat een
natuurlijke afvlakking. Men zou de Gooische contrôleur eens in Amsterdam
laten exploiteeren en omgekeerd. Men kan hierbij wederzijdsch ervaringen
overgeven.
Amsterdam, 8 Mei 1943.
De controleur C.C.D.
w.g. B. Kruyt. In dit document rapporteert een controleur van de Crisis Controle Dienst (C.C.D.) over de efficiëntie van het toezicht op de vismarkt. De kernpunten zijn:
* Strategie van de controle: De auteur pleit tegen een constante aanwezigheid op de markten. Hij vindt dit inefficiënt ("wachtende houding") en suggereert steekproefsgewijze controles.
* Logistieke onzekerheid: Er wordt gewezen op de onvoorspelbaarheid van de aanvoer vanuit IJmuiden naar de Amsterdamse Albert Cuypmarkt.
* Preventie van fraude: Er wordt gesproken over "knoeierij" (fraude met gewichten of illegale handel). De auteur stelt voor om vis vaker na te wegen om claims over "onderwicht" (te weinig geleverde vis) van de afslag te verifiëren.
* Personeelsbeleid: Er is een opvallend advies om controleurs tussen regio's (bijv. Het Gooi en Amsterdam) uit te wisselen om "natuurlijke afvlakking" (corruptie of laksheid door te grote bekendheid met de handelaren) te voorkomen. Dit document stamt uit mei 1943, midden in de Duitse bezetting van Nederland. De Crisis Controle Dienst (C.C.D.) was een Nederlandse overheidsinstantie die belast was met het handhaven van de distributiewetten. Omdat voedsel schaars was en op de bon ging, was er een levendige zwarte handel.
Vis was een cruciaal onderdeel van de voedselvoorziening, zeker toen vlees steeds schaarser werd. De controle op de visafslagen en markten was essentieel om te zorgen dat de rantsoenen eerlijk verdeeld werden en niet in het illegale circuit verdwenen. De genoemde "knoeierij" verwijst naar de voortdurende strijd tussen de controlerende macht en handelaren die probeerden de schaarse goederen buiten het officiële systeem om te verkopen voor hogere winsten.