Handgeschreven verslag/notities van een bespreking.
Origineel
Handgeschreven verslag/notities van een bespreking. 9 juli 1943 9/7 1943 bespreking Dir. met
HH Kaufmann Gootjes
Böhme, De Hoek, over
plan Mevr. Redeker
bespreking bij Weth. met
Mens v. d. G.
Plan Mevr. R. moet
nauw uitgevoerd. Thans
critisch bekijken.-
$\pm$ onuitvoerbaar. Bepaalde perioden
zeer veel groote visch brasem
e.d. Bron instelling is dan
uitgeput. Hoe denkt Mevr. R.
dat uit te voeren.
Hotels: zonder bon? groote
alle fijne zeevisch: tarbot
kabeljauw en groote grieten
naar hotels.
Instellingen krijgen zooveel
visch, dat bevolking hiervan
dupe zoude worden
Alle behoorlijke visch zou
weggaan.
Brasem en andere zoetvisch
tot 3 pond in de veiling
daarboven naar instelling De notities leggen een ambtelijke discussie vast over de praktische bezwaren tegen een nieuw distributieplan voor vis (het "Plan Mevr. Redeker"). De kernpunten van de analyse zijn:
* Sociaal-economische spanning: Er is een duidelijke vrees dat de gewone bevolking de "dupe" wordt. Men is bang dat alle "behoorlijke visch" (kwaliteitsvis) verdwijnt naar hotels en instellingen, waardoor er voor de burger niets overblijft.
* Beleidsdilemma's: Men vraagt zich af of hotels vis mogen ontvangen "zonder bon" (buiten het officiële distributiestelsel).
* Logistieke uitwerking: Er wordt een concreet voorstel gedaan om de stroom te reguleren: zoetwatervis tot 3 pond gaat naar de openbare veiling voor de burger, terwijl grotere vissen direct aan instellingen worden toegewezen.
* Kritische houding: Ondanks de opdracht het plan "nauw" uit te voeren, bestempelen de aanwezigen het als nagenoeg "onuitvoerbaar" vanwege de dreigende uitputting van bronnen. Het document is geschreven in juli 1943, tijdens de Duitse bezetting van Nederland in de Tweede Wereldoorlog. In deze periode was er sprake van nijpende voedseltekorten en een strikt bonnenstelsel. Vis was een van de weinige beschikbare eiwitbronnen, maar de visserij op de Noordzee was door de oorlogsvoering zeer beperkt. De discussie over de verdeling tussen "instellingen" (waaronder mogelijk ook Duitse instanties of gaarkeukens), "hotels" (die vaak nog voor een elite of officieren konden koken) en de "bevolking" illustreert de dagelijkse strijd om schaars voedsel en de bureaucratie die nodig was om zwarte handel en honger te beheersen.