Getypt afschrift van een officiële brief/beleidsvoorstel.
Origineel
Getypt afschrift van een officiële brief/beleidsvoorstel. 22 augustus 1942. AFSCHRIFT. HB.
no. 763 L.M.1942.
Aan den Heer Burgemeester
van Amsterdam,
Raadhuis.
Amsterdam, 22 Augustus 1942.
Zeer onlangs heb ik een bijeenkomst belegd met vertegenwoordigers van den groenten- en aardappelhandel, het Markt- en het Veilingwezen en den gemeentelijken Distributiedienst, teneinde hun meening te vernemen over de noodzakelijkheid en mogelijkheid van het treffen van maatregelen voor een bevredigende voorziening van de Amsterdamsche bevolking van groenten.
Eenparig waren de aanwezigen van oordeel, dat ongeveer tegen het aanbreken van den herfst een ingrijpen van de Overheid geboden is. Dit zou moeten beginnen met een ordening van de aanvoeren ter markt en het invoeren van een verdeelingssysteem onder de daarvoor in aanmerking komende plaatselijke groentehandelaren.
Ter vergadering werd vernomen, dat een dergelijk plan bij den Heer Directeur-Generaal voor de Voedselvoorziening in voorbereiding is.
Aannemende, dat dit plan tijdig tot uitvoering komt en dat het niet in het voornemen ligt de groenten te betrekken in het landelijke distributiesysteem, dat voor de overige levensmiddelen geldt, werd overwogen, welke plaatselijke regeling zou kunnen worden toegepast; in het hiernavolgende is in grove trekken geschetst, hoe men zich deze regeling dacht.
Aan ieder, die op wettige wijze in het bezit van een stamkaart is, wordt een inschrijvingskaart in duplo uitgereikt volgens bijgaand model. De handelaar behoudt het eene deel, de klant het andere. De handelaar legt een inschrijvingslijst volgens voorgeschreven model aan, waarop zijn klanten in volgorde van aanmelding staan geboekt. Het nummer van den klant wordt zoowel op de inschrijvingskaarten als op de lijsten vermeld.
Zoodra de inschrijvingstermijn afgeloopen is, levert de handelaar de kaarten en de lijsten in bij de instantie, welke daarvoor wordt aangewezen. Hij ontvangt daarvoor een toewijzingskaart volgens bijgesloten model. Het aantal ingeschreven klanten volgens stamkaart hierboven vermeld, blijkende uit de toewijzingskaart, vormt de basis voor de bevoorrading van den handelaar op de markt. Bij deze bevoorrading kan zooveel mogelijk rekening worden gehouden met de in de verschillende stadsbuurten bij voorkeur gewenschte groentensoorten.
Het kan voorkomen, dat personen om een of andere reden geen groentehandelaar kunnen vinden of van groentehandelaar wenschen te veranderen. In deze gevallen moet een daartoe in te stellen instantie bevoegd zijn, een groentehandelaar aan te wijzen. Diens toewijzingskaart en sterktestaat worden dienovereenkomstig gewijzigd en de wijzigingen worden aan de Centrale Markt medegedeeld.
Teneinde deze wijzigingen aan te brengen, wordt op de achterzijde van de toewijzingskaart de volgende regel meermalen onder elkaar opgenomen: .........194., gewijzigd in .........klanten (dienststempel).
Iedere houder van een inschrijvingskaart komt in aanmerking voor een nader vast te stellen gewichtshoeveelheid groenten. Het hangt van den aanvoer af, of hij dit kwantum iederen dag, dan wel eens in de zooveel dagen ontvangt.
De centrale markt maakt elken ochtend het percentage bekend, dat aan groenten zal worden toegewezen.
De detaillisten kunnen dien dag een overeenkomstig percentage van hun klanten helpen. Zij bepalen hoeveel klanten dit zijn en vermelden de volgnummers (te beginnen met het laagste volgnummer en vervolgens opklimmend) met cijfers van ten minste 10 cm. hoog op een, voor het publiek vanaf de straat duidelijk waarneembare plaats. Den volgenden dag Dit document vormt een blauwdruk voor de bureaucratische controle op de voedselketen in bezet Amsterdam. Het is een reactie op de groeiende schaarste en de onvoorspelbaarheid van de vrije markt tijdens de oorlogsjaren.
Enkele kernpunten uit het voorstel:
1. Gedwongen winkelnering: Burgers worden verplicht zich in te schrijven bij een specifieke groenteman. Dit systeem verbreekt de vrije keuze van de consument en bindt de handelaar aan een vast aantal klanten.
2. Kwantificering van behoeften: De toewijzing van voorraden aan handelaren wordt direct gekoppeld aan het aantal geregistreerde klanten ("sterktestaat"). Dit moet voorkomen dat handelaren voorraden op de zwarte markt verkopen.
3. Communicatie via de etalage: Het voorschrift om volgnummers van minstens 10 cm hoog in de etalage te hangen, is een praktisch detail dat bedoeld is om rijen en onrust op straat te beheersen. Het geeft aan de burger aan of het die dag hun 'beurt' is om groenten te kopen op basis van hun volgnummer.
4. Centralisatie: Hoewel het een lokaal Amsterdams plan is, wordt er nauw aangesloten bij de landelijke Directie-Generaal voor de Voedselvoorziening. In augustus 1942 was Nederland ruim twee jaar bezet door nazi-Duitsland. De voedselvoorziening werd steeds nijpender omdat grote hoeveelheden landbouwproducten naar Duitsland werden afgevoerd. Terwijl basisbehoeften zoals brood en vetten al vroeg op de bon gingen, bleven groenten en fruit langer buiten het centrale distributiesysteem vanwege hun bederfelijke aard.
Dit document laat zien hoe de gemeente Amsterdam (onder de door de Duitsers aangestelde burgemeester Edward Voûte) probeerde de dreigende chaos op de groentemarkt te bezweren. De winter van 1942-1943 was weliswaar nog niet de beruchte 'Hongerwinter' (die pas in 1944 inviel), maar de tekorten waren al dusdanig dat "ingrijpen van de Overheid" als onvermijdelijk werd gezien om sociale onrust te voorkomen. Het systeem van inschrijvingskaarten dat hier wordt voorgesteld, was een voorstadium van de volledige rantsoenering die later in de oorlog voor vrijwel alle goederen zou gelden.