Handgeschreven ambtelijke notitie of memo.
Origineel
Handgeschreven ambtelijke notitie of memo. Knapp en Kohler
vragen v. p. v. gepelde
garnalen; uitgepelde
garnalen tegen. Dan is het
in de sam. [samenvatting?]. Daarvoor is
uitgep. garnalen is ook
[doorgestreept] zeer gering.
C. Kost stpl. haring
H. plein. uitgep. visch.
een - niet waar: alleen
haring: Zoute en J. Knapp [onderstreept]
H. Marius: toen over-
nemen van S. C. Marius d?
winkeltje in B. Oranjestr.
H. M. licht verzoek toe:
in 1938 en 1939 zelfst.
in visch gedaan. Op het Van Goghpl.
gestaan met schelvisch + wijting
en met garnalen in
Staatsliedenbuurt. Vóór de
oorlog winkeltje in B. Oranjestr.
Vader is oud. Toen mij over-
nemen. Ook besproken met
N.N.C. Hildebrand. Zaak zou
in orde zijn. Het document bevat twee verschillende aantekeningen die betrekking lijken te hebben op marktvergunningen en detailhandel in Amsterdam:
- Deel 1 (bovenaan): Betreft een kwestie rond de firma "Knapp en Kohler". Er wordt gediscussieerd over een vergunning voor de verkoop van "gepelde garnalen". Er lijkt een afweging te worden gemaakt over het aanbod, waarbij wordt opgemerkt dat de vraag of het aanbod aan uitgepelde garnalen "gering" is. Ook wordt de standplaats (stpl.) van C. Kost op het Haarlemmerplein (H. plein) genoemd in relatie tot haringverkoop.
- Deel 2 (onder de streep): Dit betreft een verzoek van H. Marius om een winkeltje in de Binnen Oranjestraat (B. Oranjestr.) over te nemen van S.C. Marius. Als argumentatie wordt de ervaring van de aanvrager aangevoerd: hij was in 1938/1939 zelfstandig werkzaam in de vis (op het Van Goghplein en in de Staatsliedenbuurt). De reden voor overname is dat de vader oud is. Er wordt verwezen naar overleg met een zekere "Hildebrand", wat suggereert dat de zaak ambtelijk bijna is afgerond. Dit document past in de context van de naoorlogse economische ordening en vergunningverlening in Amsterdam. In deze periode was de handel in levensmiddelen, waaronder vis, strikt gereguleerd via vergunningstelsels. De genoemde locaties (Haarlemmerplein, Binnen Oranjestraat, Staatsliedenbuurt) wijzen op de Amsterdamse Jordaan en de omliggende wijken, waar vanouds veel kleinschalige handel en visverkopers gevestigd waren. De referentie naar de jaren 1938-1939 dient als bewijs van vakbekwaamheid en "vestigingshistorie", wat cruciaal was voor het verkrijgen of overdragen van bedrijfsvergunningen in die tijd.