Handgeschreven nota met bijgevoegde ambtelijke lijst.
Origineel
Handgeschreven nota met bijgevoegde ambtelijke lijst. 25 september 1943 (met latere aantekeningen tot 14 oktober 1943). Linker document (Nota):
Nota van bemerkingen bij vischlijst
Mosplein van 25 Sept 1943.
- J. Schilder Holywood
heeft op 25/9 ontvangen
50 kg schol gr. Ma 3.40. (7433/5)
Zijn niet op dagstaat als aanvoer
vermeld.
[In rood potlood/inkt:]
Deze schol is niet
op het Mosplein
aangevoerd, maar
op eigen initiatief
in de winkel van zijn broer
op de Waddenweg verkocht.
13/10-'43
Adam 14/10-'43
[Initialen/Parraaf]
[Linksonder:]
Ongev:
nos. 14/10-'43
oproepen
HB
Rechter document (Gedeeltelijke lijst):
[Gestempeld:] OPLIEDEN VISCH.
25 September 1943.
marktambtenaar
[Kolommen:] ger. aal | zee-visch | Opmerkingen
[...]
52 ½ kg kabeljouw
50 ½ kg gr. m schol.
52 ½ kg schelvisch gr. m.
2. 6. 2. * De kern van de zaak: Het document beschrijft een controle van de vismarkt op het Mosplein. Een zekere J. Schilder (uit de buurt "Holywood" in Amsterdam-Noord) heeft 50 kg schol verkregen die niet officieel geregistreerd stond op de dagstaat van de aanvoer.
* De overtreding: Uit het onderzoek (in rode tekst) blijkt dat de handelaar de vis buiten de officiële markt om heeft verkocht in de winkel van zijn broer aan de Waddenweg. Dit werd in 1943 gezien als een vorm van illegale handel of het omzeilen van de distributievoorschriften.
* Handhaving: De aantekening "oproepen" bij de datum 14/10-'43 wijst erop dat de betrokkenen zich moesten verantwoorden voor deze actie. De afkorting "Adam" staat waarschijnlijk voor Amsterdam.
* Terminologie: "Holywood" was een populaire bijnaam voor de buurt rond de Distelweg in Amsterdam-Noord. "Gr. Ma" staat waarschijnlijk voor een sortering of kwalificatie van de vis (Groot/Middel). Dit document stamt uit het midden van de Tweede Wereldoorlog. Tijdens de bezetting was de voedselvoorziening in Nederland onderworpen aan uiterst strenge regels en distributie. Alle verhandelbare goederen moesten via officiële kanalen lopen om de bezetter controle te geven over de voorraden en zwarte handel tegen te gaan.
Handelaren die goederen "op eigen initiatief" buiten de markt om verkochten, pleegden in de ogen van de bezettende autoriteiten (en de Nederlandse controle-instanties zoals de CCD, de Crisis Controle Dienst) een economisch delict. De markt op het Mosplein was een cruciaal distributiepunt voor Amsterdam-Noord. Dit specifieke dossier toont de kleinschalige, dagelijkse strijd om voedsel en de bureaucratische controle daarop in bezet Nederland.