Ambtsrapport betreffende een overtreding van distributievoorschriften.
Origineel
Ambtsrapport betreffende een overtreding van distributievoorschriften. 11 april 1944. Rapport
Op Zaterdag 8 April l.l. is geconstateerd, dat de vischkoopman A. Sijmonsbergen, geboren 11-4-1905, een restant van kleine schol van ± 3 K.G. af 90 cent is totaal f 2.70 visch aan een vrouwspersoon had verkocht, ondanks hij ingevolge onze opdracht slechts 1 KG mocht verkoopen. Het was bijzonder klein goed. In bijzijn van den Directeur heb ik voorbedoelde Sijmonsbergen ernstig onderhouden.
Ik wil hierbij opmerken, dat het publiek op 8 April voor aankoop van een portie groote schol van f 2.50 tot f 3.25 moest betalen, waardoor de handeling van Sijmonsbergen, hoewel niet goed, doch niet als een ernstige overtreding kon worden aangemerkt. Sijmonsbergen houdt zich als regel aan onze aanwijzingen, doch heeft zich in dit geval laten overreden door het gejammer en geklaag van een vrouw, zooals hij verklaarde.
Ik verzoek Sijmonsbergen een ernstige waarschuwing te doen toekomen.
Amsterdam, 11 April '44
[Handtekening onleesbaar]
No 25/27/1 M. 1944 18/4
Alb: Cuypstraat.
[Kanttekening rechtsonder in potlood/rood:]
Betrokkene ernstig onderhouden door den m. ambtelijke [...] 15-4-44
[...] niet meer voorgekomen.
onderhouden 25-5-44 Dit rapport beschrijft een incident op de Amsterdamse Albert Cuypmarkt waarbij een viskoopman de vigerende rantsoeneringsregels overtrad. Sijmonsbergen verkocht drie kilogram kleine schol aan één klant, terwijl de limiet op één kilogram per persoon was gesteld.
De rapporteur nuanceert de overtreding door te wijzen op de economische context: de schol was klein en goedkoop (90 cent per kg), terwijl grotere schol die dag elders veel duurder was (tot f 3.25). De koopman gaf aan te zijn gezwicht voor het "gejammer en geklaag" van een klant. Vanwege zijn doorgaans goede gedrag en de aard van de waar, adviseert de rapporteur een officiële waarschuwing in plaats van zwaardere sancties. Uit de aantekeningen in de marge blijkt dat de man inderdaad in april en mei 1944 "ernstig is onderhouden" (vermaand). Het document dateert uit april 1944, tijdens de Duitse bezetting van Nederland in de Tweede Wereldoorlog. In deze periode was er sprake van extreme schaarste en waren bijna alle levensmiddelen, inclusief vis, onderworpen aan strikte distributieregels en prijsbeheersing om de zwarte markt tegen te gaan.
Dergelijke rapporten werden opgesteld door controleurs van de gemeente of de prijsbeheersing om toezicht te houden op de naleving van de distributiewetten. De Albert Cuypmarkt was (en is) een centraal punt voor voedselvoorziening in Amsterdam, waar de spanning tussen de strenge regels van de bezetter en de dagelijkse overlevingsdrang van burgers en handelaren constant voelbaar was. De vermelding van "gejammer en geklaag" van een vrouw illustreert de wanhoop van burgers om aan voldoende voedsel te komen. A. Sijmonsbergen