Ambtelijk schrijven / Rapportage
Origineel
Ambtelijk schrijven / Rapportage 11 november 1944 Den Heer Inspecteur [Koptekst links:] Ten Katestraat.
[Koptekst rechts:] 11 November 1944
[In rode inkt tussen de regels:]
nu „mobiele controle” met succes
afgel[open]. kan dit stuk als
afgedaan worden beschouwd
[Adressering:]
Den Heer
Inspecteur
[Body:]
Bijgaande brief, is zoo goed als zeker geschreven door een vaste plaatshouder, welke nogal aan een vaste plaatshad, en zeer beleedigd was dat hij ruimte moest maken voor een koopman welke reeds van 1936 een vaste plaats had. Nadat hij op het hoofdkantoor geweest was om datgene te verkrijgen wat hij zijn recht noemde, en hem dat niet gelukt was, kreeg ik ten antwoord, „je zal er wel meer van hooren. Dat zich in de kinkerstraat bij de Ten Katestraat een aantal personen staan welke van alles te koop hebben, tabak, bleekpoeder (enkel krijgt) enz. is ook aan de politie bekend, maar er wordt niets aan gedaan. Meermalen heb ik de enkele agenv.pol: welke zich laat zien wel eens aangesproken, maar gezien de resultaten, doe ik dat niet meer en blijf ik zelf maar aan het jagen als de toegang tot de markt versperd wordt.
[Ondertekening:]
J. Rens
[Marge links, verticaal:]
m.i. opbergen
13-11-44
[Paraaf] Het document is een interne rapportage van een marktmeester of opzichter (J. Rens) aan zijn inspecteur. De kern van het schrijven betreft een conflict over standplaatsen op de Ten Kate-markt in Amsterdam. Een ontevreden koopman, die zijn vaste plek moest afstaan aan een collega met oudere rechten (sinds 1936), heeft klaarblijkelijk gedreigd of een klacht ingediend.
De brief onthult frustratie over de handhaving op en rond de markt. Rens merkt op dat er in de Kinkerstraat op grote schaal illegale handel plaatsvindt (tabak, bleekpoeder), maar dat de politie hier nauwelijks tegen optreedt. Hij geeft aan dat hij zelf het initiatief neemt om de toegang tot de markt vrij te houden ("aan het jagen"), aangezien de aanwezige politieagenten weinig resultaat boeken.
De rode aantekening bovenaan geeft aan dat de zaak inmiddels is afgedaan omdat een "mobiele controle" succesvol is uitgevoerd. Dit document stamt uit november 1944, midden in de Hongerwinter tijdens de Duitse bezetting van Nederland. In deze periode was er een enorm tekort aan alles, waardoor de zwarte handel (zoals genoemd: tabak en bleekpoeder) floreerde in de Amsterdamse volksbuurten.
De Ten Katemarkt was (en is) een centraal punt voor de voedselvoorziening in Amsterdam-West. De spanningen tussen de officiële marktkooplieden en de illegale straathandelaren waren groot. De politie had in deze tijd vaak de handen vol aan andere zaken of was gedemoraliseerd, wat de klacht van Rens over het gebrek aan handhaving verklaart. De term "mobiele controle" duidt mogelijk op een gerichte razzia of controle-eenheid die door de bezetter of de collaborerende overheid werd ingezet om de illegale straathandel de kop in te drukken. J. Rens Politie