Getypt afschrift van een ambtelijke brief.
Origineel
Getypt afschrift van een ambtelijke brief. Behoort bij brief No.37/113/1a M. d.d. 28 December 1944 aan den
Heer J.J.D.H.Verschoor, Hoofd Luchtbeschermingsdienst van den
Directeur van het Marktwezen.
No.98/2/1 M. 1944 14/11 Afschrift.
G E M E E N T E A M S T E R D A M .
Amsterdam, 10 November 1944.
Bureau voor inkwartiering
de Lairessestraat 20
telefoon: 96749
Reg/B.
No.376-551-567-1607-1645-1213-1735
Hierbij heb ik de eer U te berichten, dat blijkens
verkregen inlichtingen het perceel Jan van Galenstraat 14:
44.796 m2 terrein, Pier C = 4600 m2 waarvan 1.000 m2 bebouwd
360 m2 terrein tusschen Hoofdgebouw en Koelhuis; 1 lokaal = 40 m2
2 koelcellen, vanaf 1 November 1944 niet meer door de Duitsche
militaire autoriteiten wordt gebruikt, zoodat de vordering is af-
geloopen.
De periode van vordering is vastgesteld van ..........
...................tot...................
De Chef van het Bureau
voor inkwartiering,
w.g. onleesbaar.
Voor eensluidend afschrift:
De Directeur van het
Marktwezen,
[Handtekening/Paraaf] Het document is een formeel bericht van het Amsterdamse Bureau voor inkwartiering aan de Directeur van het Marktwezen. De kern van de boodschap is dat een aanzienlijk deel van het terrein aan de Jan van Galenstraat 14 (het terrein van de Centrale Markthallen) niet langer gevorderd is door de Duitse militaire autoriteiten.
De vordering is officieel beëindigd per 1 november 1944. Het document specificeert de vrijgekomen oppervlaktes en ruimtes, waaronder:
* Bijna 45.000 m² terrein.
* Pier C (met 1.000 m² bebouwing).
* Een terrein tussen het hoofdgebouw en het koelhuis.
* Een lokaal en twee koelcellen.
Opmerkelijk is dat de exacte vorderingsperiode onderaan het document niet is ingevuld (stippellijnen), wat suggereert dat de administratieve afhandeling van de bezettingstermijn op dat moment nog niet volledig was. Dit document stamt uit november/december 1944, midden in de Hongerwinter. Amsterdam bevond zich in een kritieke situatie waarin de voedselvoorziening nagenoeg was ingestort. De Jan van Galenstraat was de locatie van de Centrale Markthallen, het logistieke hart van de Amsterdamse voedseldistributie.
Dat de Duitse Wehrmacht op dit punt in de oorlog delen van het marktterrein vrijgaf, was van groot belang voor het Gemeentelijk Marktwezen. De vordering door de bezetter ("vordering" of Requisition) betekende gedurende de oorlog dat gebouwen en infrastructuur gedwongen moesten worden afgestaan voor militair gebruik. Het herwinnen van zeggenschap over koelcellen en opslagruimte was cruciaal, hoewel er door de blokkades en brandstoftekorten in deze periode nauwelijks nog aanvoer van goederen was.
De brief is gericht aan J.J.D.H. Verschoor, het hoofd van de Luchtbeschermingsdienst (LBD). De LBD speelde een centrale rol in het beheer van de stad en de veiligheid van publieke objecten tijdens de bezetting en de geallieerde bombardementen. B. Gemeente Amsterdam Marktwezen Wehrmacht