Archiefdocument
Origineel
7 december 1944. Wijkhoofd van Wijk E, vak 6 (naam niet vermeld). De Burgemeester van Amsterdam en de Plaatselijk Leider van de Luchtbeschermingsdienst. (Handgeschreven linksboven:) Verzonden 7/12
(Rechtsboven:) S/HB.
(Linksboven onder aantekening:) 37/113/1M.
(Rechtsmidden:) 7 December 1944.
den Heer Burgemeester
van Amsterdam,
Plaatselijk Leider ~~der~~ van den
Luchtbeschermingsdienst,
Raadhuis,
A l h i e r .
Hiermede heb ik de eer U het volgende te berichten.
Op Donderdag 7 dezer is geconstateerd, dat tijdens lucht-
alarm een ploeg werklieden, bezig zijnde met het inkuilen van
bieten op het grasveld vóór de markthal, in afwijking van de
dienaangaande bestaande voorschriften, aan het werk is gebleven.
Het is gebleken, dat hiertoe eigenmachtig toestemming is
verleend door den leider van den Wache- und Schutzdienst op de
Centrale Markt.
Uiteraard kan een dergelijke goedkeuring slechts uitgaan van
ondergeteekende als wijkhoofd van Wijk E. in vak 6, die daartoe
vooraf de toestemming zal moeten hebben van de hoogste instanties
van den Luchtbeschermingsdienst.
Ik merk hierbij op, dat de Wache- und Schutzdienst is aange-
wezen voor de bewaking van eigendommen van de Weermacht, welke
zich op de Centrale Markt bevinden. Ondanks het feit, dat bij
schrijven van het Bureau voor Inkwartiering d.d. 10 November '44
bericht werd, dat door de Duitsche Militaire Autoriteiten alle op
de Centrale Markt gevorderde objecten weer waren vrijgegeven, zijn
tot nog toe nog steeds niet ontruimd de Noordelijke reserve-ter-
reinen der Centrale Markt. Hierop bevinden zich nog bergplaatsen
met, voor zoover na te gaan, eenig hooi. Blijkbaar in verband
hiermede is ook de Wache- und Schutzdienst nog niet teruggetrokken.
Het personeel van dezen dienst beweegt zich over de Centrale
Markt en komt op plaatsen, die ver van de te bewaken objecten
liggen en bemoeit zich met zaken, waar het niet mee te maken heeft
en bedreigt daarbij personeel en publiek met de wapenen, waaruit
moeilijkheden ontstaan. In verband met het doodschieten van een
waakhond door een lid van het personeel van bovengenoemden dienst
werd dezerzijds reeds een klacht ingediend bij de Feldgendarmerie.
Van de zijde van de Kommandantur werd toezegging verkregen,
dat aan de ongewenschte situatie zoodra mogelijk een eind zou
worden gemaakt. * Kernproblematiek: De brief kaart een jurisdictieconflict aan tussen de Nederlandse Luchtbeschermingsdienst (LBD) en een Duitse bewakingseenheid (Wache- und Schutzdienst) op de Centrale Markt in Amsterdam.
* Incident 1: Werklieden negeerden het luchtalarmprotocol (doorwerken bij het inkuilen van bieten) op gezag van de Duitsers, terwijl alleen het LBD-wijkhoofd hiervoor toestemming mag geven.
* Incident 2: Klachten over het wangedrag van de Duitse bewakers. Zij treden buiten hun bevoegdheid, bedreigen burgers en personeel met wapens, en hebben een waakhond doodgeschoten.
* Status van de Markt: Er is onduidelijkheid over de Duitse aanwezigheid; hoewel objecten officieel zijn vrijgegeven, weigeren de Duitsers bepaalde terreinen (met hooi) te verlaten.
* Toon: De brief is formeel-ambtelijk, maar de ondertoon is er een van grote irritatie over de Duitse inmenging in civiele veiligheidsprocedures en het gewelddadige optreden van de bezetter. Dit document stamt uit december 1944, midden in de Hongerwinter. Amsterdam was bezet en de voedselsituatie was kritiek. Dat er werklieden bezig waren met het "inkuilen van bieten" op de Centrale Markt onderstreept de noodzaak om de schaarse voedselvoorraden te beschermen en te conserveren.
De Luchtbeschermingsdienst (LBD) was een civiele organisatie die tijdens de bezetting nauwgezet moest toezien op de veiligheid tijdens geallieerde luchtaanvallen. Dit leidde vaak tot spanningen met de Duitse bezettingsautoriteiten, die hun eigen regels stelden.
De genoemde Wache- und Schutzdienst was een paramilitaire bewakingseenheid. Het incident waarbij een waakhond werd doodgeschoten en burgers werden bedreigd, is typerend voor de toenemende nervositeit en repressie van de Duitse troepen aan het eind van de oorlog. De melding dat er beklag is gedaan bij de Feldgendarmerie (Duitse militaire politie) en de Kommandantur toont aan dat de Nederlandse ambtenaren nog steeds probeerden via de officiële Duitse kanalen orde op zaken te stellen, hoewel hun machtsmiddelen beperkt waren. Politie