Administratieve brief/begeleidend schrijven.
Origineel
Administratieve brief/begeleidend schrijven. 27 april 1944. De Directeur (vermoedelijk van een gemeentelijke dienst of marktwezen). Den Heer Wethouder voor de Levensmiddelen, Alhier. [Handgeschreven in blauwe inkt:] Verzonden 27/4
[Getypt:]
41/4/1M. 1 27 April 1944. SV.
Den Heer Wethouder
voor de Levensmiddelen,
A l h i e r.
=============
In bijlage dezes heb ik de eer
U te doen toekomen een staat van ontvangen
marktgeld over de maand Maart 1944.
De Directeur, Het document is een kort, formeel schrijven dat dient als begeleiding bij een bijlage (die in dit beeld niet aanwezig is). De inhoud betreft de financiële verantwoording van het "marktgeld" (staangeld of belastingen geheven op markten) over de maand maart 1944.
De opmaak is kenmerkend voor ambtelijke correspondentie uit het midden van de 20e eeuw, inclusief de archiefcode linksboven ("41/4/1M. 1") en de initialen van de opsteller of typist ("SV."). De term "Alhier" onder de geadresseerde duidt aan dat zowel de verzender als de ontvanger zich in dezelfde gemeente bevinden. De handgeschreven notitie "Verzonden 27/4" is een administratieve aantekening om te bevestigen dat de brief daadwerkelijk de deur uit is gegaan op de dag van datering. De datum, 27 april 1944, plaatst dit document in de context van de Tweede Wereldoorlog tijdens de Duitse bezetting van Nederland. In deze periode was de rol van de "Wethouder voor de Levensmiddelen" cruciaal vanwege de schaarste en de complexe distributie van voedsel via bonkaarten.
Hoewel de brief zelf een routineuze administratieve handeling lijkt (het overdragen van een financieel overzicht), herinnert het aan de voortgang van de reguliere gemeentelijke bureaucratie onder bezettingstijd. Het marktgeld was een lokale inkomstenbron die, zelfs in oorlogstijd, nauwgezet werd bijgehouden door het lokale bestuur. De formele beleefdheidsvormen ("heb ik de eer U te doen toekomen") bleven onveranderd in de officiële communicatie. Marktwezen