Archief 745
Inventaris 745-427
Pagina 575
Dossier 44
Jaar 1944
Stadsarchief

Archiefdocument

27 juli 1944

Origineel

27 juli 1944 ". baknootje" A'dam, 27/7 1944
Weth. L.M.
46 A/1/81/2 [in rood]
In bijlage dezes
hebben de ondergetekenden
de eer U een afschrift
te zenden van een van
den directeur der Be-
drijfschap voor Visserijpro-
ducten ontvangen brief
dd. 20 Jan. jl. no. 1738/VV/vj.
Alvorens uitvoering
aan het besluit van dezen
directeur te geven, achten
wij het gewenscht U de
zaak voor te leggen en
U te vragen of er aan-
leiding bestaat, dat
het Gemeentebestuur Het document is een ambtelijke notitie of briefing, geschreven in een formele, enigszins archaïsche stijl die typerend is voor de Nederlandse administratie uit die periode (bijv. "dezes", "den directeur", "het gewenscht"). De tekst is met de hand geschreven in een vlot maar duidelijk handschrift op gelinieerd papier.

De kern van de brief is een vraag om instructies aan de wethouder. De ambtenaren ("ondergetekenden") hebben een besluit ontvangen van het 'Bedrijfschap voor Visserijproducten', gedateerd op 20 januari 1944. Opvallend is de vertraging van zes maanden tussen de brief van het bedrijfschap en deze interne notitie (juli 1944). De afzenders aarzelen om het besluit direct uit te voeren en willen eerst het fiat of de mening van het gemeentebestuur/de wethouder horen.

De term ". baknootje" linksboven is curieus; het lijkt een informele aanduiding of een interne dossiernaam te zijn. Gezien de context van visserij zou het een (verschreven) verwijzing naar een vaartuig ("vlootje") kunnen zijn, maar letterlijk staat er "baknootje". De brief is geschreven op 27 juli 1944, een kritieke fase in de Tweede Wereldoorlog, minder dan twee maanden na D-Day en kort voor de bevrijding van Zuid-Nederland. Amsterdam was op dat moment nog bezet gebied.

De genoemde Bedrijfschappen waren publiekrechtelijke lichamen die tijdens de bezetting (onder de 'Organisatie-Besluit 1941') werden ingezet om de economie te reguleren en te controleren ten behoeve van de Duitse oorlogsindustrie en voedselvoorziening. Het Bedrijfschap voor Visserijproducten hield toezicht op de handel en distributie van vis, een schaars en strikt gerantsoeneerd goed in 1944.

De aarzeling van de ambtenaren om het besluit van de directeur van het bedrijfschap uit te voeren, kan duiden op administratieve frictie tussen de centrale controleorganen (die vaak onder sterke Duitse invloed stonden) en het lokale gemeentebestuur. Het kan ook een poging zijn om verantwoordelijkheid voor impopulaire maatregelen hogerop te leggen.

Samenvatting

Het document is een ambtelijke notitie of briefing, geschreven in een formele, enigszins archaïsche stijl die typerend is voor de Nederlandse administratie uit die periode (bijv. "dezes", "den directeur", "het gewenscht"). De tekst is met de hand geschreven in een vlot maar duidelijk handschrift op gelinieerd papier.

De kern van de brief is een vraag om instructies aan de wethouder. De ambtenaren ("ondergetekenden") hebben een besluit ontvangen van het 'Bedrijfschap voor Visserijproducten', gedateerd op 20 januari 1944. Opvallend is de vertraging van zes maanden tussen de brief van het bedrijfschap en deze interne notitie (juli 1944). De afzenders aarzelen om het besluit direct uit te voeren en willen eerst het fiat of de mening van het gemeentebestuur/de wethouder horen.

De term ". baknootje" linksboven is curieus; het lijkt een informele aanduiding of een interne dossiernaam te zijn. Gezien de context van visserij zou het een (verschreven) verwijzing naar een vaartuig ("vlootje") kunnen zijn, maar letterlijk staat er "baknootje".

Historische Context

De brief is geschreven op 27 juli 1944, een kritieke fase in de Tweede Wereldoorlog, minder dan twee maanden na D-Day en kort voor de bevrijding van Zuid-Nederland. Amsterdam was op dat moment nog bezet gebied.

De genoemde Bedrijfschappen waren publiekrechtelijke lichamen die tijdens de bezetting (onder de 'Organisatie-Besluit 1941') werden ingezet om de economie te reguleren en te controleren ten behoeve van de Duitse oorlogsindustrie en voedselvoorziening. Het Bedrijfschap voor Visserijproducten hield toezicht op de handel en distributie van vis, een schaars en strikt gerantsoeneerd goed in 1944.

De aarzeling van de ambtenaren om het besluit van de directeur van het bedrijfschap uit te voeren, kan duiden op administratieve frictie tussen de centrale controleorganen (die vaak onder sterke Duitse invloed stonden) en het lokale gemeentebestuur. Het kan ook een poging zijn om verantwoordelijkheid voor impopulaire maatregelen hogerop te leggen.

Locaties

Amsterdam ("A'dam")

Kooplieden in dit dossier 100

A. den Heyer Rijnsb.7 Rijnsb.7
A.den Heyer Rijnsb.7 Rijnsb.7
A.den Heyer Rijnsb.7 Rijnsb.7
A.F. Kitz 35221
A.F. Kitz 35221
A.F. Kitz 35221
A. Spanjaard 133.34 ✓
A. v.d. Mekke 233.34
C. de Jong 84040
C. de Jong 84040
C. de Jong 84040
C. de Mooij 100 – ✓
C. Kooy 8457 2
C. Kooy 84572
C. Kooy 84572
C. Kooy 84572
Alle 100 kooplieden →

Gerelateerde Documenten 3