Brief op briefpapier van O.W.D. Wappler (Sachbearbeiter der „OMNIA“ Treuhandgesellschaft M.B.H.).
Origineel
Brief op briefpapier van O.W.D. Wappler (Sachbearbeiter der „OMNIA“ Treuhandgesellschaft M.B.H.). 5 januari 1944 (met administratieve aantekeningen tot 13 januari 1944). O.W.D. Wappler, namens OMNIA Treuhandgesellschaft M.B.H., Amsterdam. Gemeente Vischafslag, Amsterdam (gevestigd aan de De Ruyterkade). [Briefhoofd]
O. W. D. WAPPLER
SACHBEARBEITER DER „OMNIA“
TREUHANDGESELLSCHAFT M.B.H.
AMSTERDAM-C., KEIZERSGRACHT 810
TEL. 35907
[Datum en referentie rechtsboven]
Amsterdam, den 5.Januar 1944
0/59 Rs.
[Handgeschreven in zwart:] 686
[Doorgehaald adres van filiaal Arnhem]
[Stempels linksboven]
Nº 46 6/2/1
M.1944 6/7
[Adres ontvanger]
Gemeente Vischafslag,
Amsterdam.
de Ruyterkade (Halgebouw).
[Betreft-regel]
Betr.: Liquidation der Firma G.Wijnschenk, Vischhandel,
Weesperstraat 107, Amsterdam.
OMNIA: W 2168.
[Inhoud]
Durch Anordnung des Herrn Reichskommissars für die besetzten niederländischen Gebiete - Abt.Wirtschaftsprüfstelle - vom 27.11.1943 bezw.29.11.43 sind wir mit der Liquidation der obigen Firma beauftragt worden.
Wie Ihnen seitens der Wirtschaftsprüfstelle mitgeteilt sein wird, haben wir zu veranlassen, dass die freiwerdenden Kontingente, die ehedem Wijnschenk zugewiesen waren, auf
Herrn E.Dekker,
Vondellaan 59,
Driehuis
übertragen werden. Wir bitten Sie, uns bekanntzugeben um welche Zuweisungen es sich hier handelt, bezw. ob die Umlegung auf den arischen Abnehmer bereits von Ihnen veranlasst ist.
Hochachtungsvoll!
DER TREUHÄNDER
OMNIA
TREUHANDGESELLSCHAFT M.B.H.
[Handtekening:] Wappler
[Handgeschreven kanttekeningen onderaan]
[In rood potlood/inkt:]
Wie is E. Dekker?
Is d’aan bekend als kl.handelaar?
[In zwart:]
onbekend als kleinhandelaar.
12-1-’44
[Onleesbare paraaf]
[Onderaan in rood:]
Mededeelen dat de levering Wijnschenk de levering op de ay. abn. [arische abnehmer] reeds is geschied. 13-1-44 Dit document is een direct bewijsstuk van de economische vervolging en „arisering” van Joodse bedrijven tijdens de Duitse bezetting van Nederland.
- De Rol van OMNIA: De OMNIA Treuhandgesellschaft was een door de nazi's ingestelde organisatie die belast was met het beheren en liquideren van Joodse ondernemingen. Hier treedt zij op als liquidateur van de visahandel van G. Wijnschenk.
- Systematische Onteigening: De brief regelt de overdracht van „Kontingente” (toewijzingen/quota). In de oorlogseconomie waren deze quota cruciaal; zonder officieel toegewezen contingent mocht men geen goederen (zoals vis) inkopen of verhandelen. De rechten van de Joodse ondernemer (Wijnschenk) worden hier formeel ontnomen en overgedragen aan een „arische afnemer” (E. Dekker).
- Bureaucratische Verwerking: De handgeschreven noten tonen de interactie tussen de bezetter en de Amsterdamse gemeentelijke instanties. Er wordt intern nagevraagd wie de nieuwe ontvanger is (Dekker). Hoewel hij onbekend is als kleinhandelaar, wordt de administratieve afwikkeling (de overgang van het contingent) toch bevestigd als zijnde reeds geschied. De firma G. Wijnschenk was gevestigd in de Weesperstraat, het hart van de oude Amsterdamse Joodse buurt. Gedurende de bezetting werden Joodse eigenaren gedwongen hun zaken op te geven. Deze brief dateert uit januari 1944, een fase waarin de fysieke deportaties van de Joodse bevolking uit Amsterdam grotendeels waren voltooid en de „verwertung” (het te gelde maken) van achtergebleven bezittingen en handelsrechten in volle gang was.
De terminologie zoals „arischen Abnehmer” onderstreept de racistische grondslag van de economische herverdeling die door de Wirtschaftsprüfstelle (onderdeel van het Generalkommissariat für Finanz und Wirtschaft) werd gedicteerd. Het document illustreert hoe reguliere gemeentelijke diensten, zoals de visafslag, werden ingeschakeld om deze onteigeningen administratief te bekrachtigen.