Archief 745
Inventaris 745-431
Pagina 200
Dossier 109
Jaar 1944
Stadsarchief

Handgeschreven ambtelijke notitie/conceptbrief.

Verwijst naar een eerdere brief van "17 Febr. j.l." (waarschijnlijk tijdens de Tweede Wereldoorlog).

Origineel

Handgeschreven ambtelijke notitie/conceptbrief. Verwijst naar een eerdere brief van "17 Febr. j.l." (waarschijnlijk tijdens de Tweede Wereldoorlog). onderwerp:
Toewijzing van J Grishaver 4b 6/18/2 A/ Bedrijfschap

n.a.v. Uw brief d.d. 17 Febr. j.l.
no. 3880/Verk./KK bericht ik U, dat mij
na onderzoek het volgende is gebleken.
J. Grishaver, Rijndeurstr 25 alhier was vroeger
in de verdeeling van visch aan den afslag alhier
opgenomen. Sedert de ariseering van de
vischhandel is deze zaak echter uitge-
schakeld en in handen gesteld van de Omnia
(Treuhandgesellschaft).
Daarvan is de liquidatie van
den zaak niet afgewikkeld, omdat alle papieren nog
niet in orde zijn. Vermoedelijk zal de
zaak wel worden heropend, doch dan
op naam van den zoon. Zoover is het echter
[nog niet].

T Hauptsachbearbeiter F. Vaelen * Kern van de zaak: Het document beschrijft de situatie van de vishandel van J. Grishaver aan de Rijndeurstraat 25. De zaak was voorheen opgenomen in de officiële visverdeling bij de lokale afslag.
* Arisering: De tekst vermeldt expliciet de "ariseering". Dit was het proces tijdens de Duitse bezetting waarbij Joodse eigenaren gedwongen werden hun bedrijf af te staan.
* Omnia Treuhandgesellschaft: De zaak is overgedragen aan de Omnia Treuhandgesellschaft. Dit was een beruchte nazi-organisatie die belast was met het liquideren of "verduitsen" van Joodse ondernemingen in Nederland.
* Status van de liquidatie: De administratieve afhandeling (liquidatie) is nog niet voltooid vanwege ontbrekende documentatie. Er wordt gespeculeerd over een heropening op naam van de zoon, wat mogelijk wijst op een poging om de zaak binnen de familie (die wellicht als niet-Joods of 'gemengd' werd aangemerkt) voort te zetten, of een constructie van de bezetter.
* Handschrift en stijl: Het betreft een zakelijke, ambtelijke stijl met doorstregingen en correcties (zoals boven de regel toegevoegde woorden), wat duidt op een concept of een intern rapport. Dit document is een direct bewijsstuk van de economische vervolging van Joodse burgers in Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog. De Omnia Treuhandgesellschaft speelde een centrale rol in de roof van Joods kapitaal. De Rijndeurstraat (mogelijk een verschrijving van de Rijndiepstraat of een lokale straat in een vissersplaats zoals Scheveningen/Den Haag) was de locatie van dit specifieke bedrijf. Het document laat zien hoe de bureaucratie van de bezetter en de Nederlandse bedrijfschappen nauwgezet de status van onteigende Joodse bezittingen bijhielden. De ondertekenaar, een Hauptsachbearbeiter (hoofdzaakbehandelaar), was een functionaris binnen het Duitse bestuurapparaat in Nederland.

Samenvatting

  • Kern van de zaak: Het document beschrijft de situatie van de vishandel van J. Grishaver aan de Rijndeurstraat 25. De zaak was voorheen opgenomen in de officiële visverdeling bij de lokale afslag.
  • Arisering: De tekst vermeldt expliciet de "ariseering". Dit was het proces tijdens de Duitse bezetting waarbij Joodse eigenaren gedwongen werden hun bedrijf af te staan.
  • Omnia Treuhandgesellschaft: De zaak is overgedragen aan de Omnia Treuhandgesellschaft. Dit was een beruchte nazi-organisatie die belast was met het liquideren of "verduitsen" van Joodse ondernemingen in Nederland.
  • Status van de liquidatie: De administratieve afhandeling (liquidatie) is nog niet voltooid vanwege ontbrekende documentatie. Er wordt gespeculeerd over een heropening op naam van de zoon, wat mogelijk wijst op een poging om de zaak binnen de familie (die wellicht als niet-Joods of 'gemengd' werd aangemerkt) voort te zetten, of een constructie van de bezetter.
  • Handschrift en stijl: Het betreft een zakelijke, ambtelijke stijl met doorstregingen en correcties (zoals boven de regel toegevoegde woorden), wat duidt op een concept of een intern rapport.

Historische Context

Dit document is een direct bewijsstuk van de economische vervolging van Joodse burgers in Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog. De Omnia Treuhandgesellschaft speelde een centrale rol in de roof van Joods kapitaal. De Rijndeurstraat (mogelijk een verschrijving van de Rijndiepstraat of een lokale straat in een vissersplaats zoals Scheveningen/Den Haag) was de locatie van dit specifieke bedrijf. Het document laat zien hoe de bureaucratie van de bezetter en de Nederlandse bedrijfschappen nauwgezet de status van onteigende Joodse bezittingen bijhielden. De ondertekenaar, een Hauptsachbearbeiter (hoofdzaakbehandelaar), was een functionaris binnen het Duitse bestuurapparaat in Nederland.

Kooplieden in dit dossier 18

Gerelateerde Documenten 6