Archiefdocument
Origineel
8 maart 1944. De Wethouder voor de Levensmiddelen, Wasch- en schoonmaak-, bad- en zweminrichtingen van Amsterdam. De Directeur van den Dienst van het Marktwezen, Amsterdam. [Briefhoofd]
Nº 46b/21/2
M. 1944 8/3 (stempel)
Gemeente Amsterdam
Raadhuis, O.Z. Voorburgwal
Telefoon 43130, 43321
Men wordt verzocht, bij het antwoord nauwkeurig den datum, het nummer en de afdeeling van dezen brief te vermelden
Aan
den heer Directeur van den Dienst van het Marktwezen.
Afd. L.M. No. 225 -1944-
Datum: 8 Maart 1944.
Onderwerp: Overschrijving v.e. vischtoewijzing.
[Handgeschreven aantekening over de datum/onderwerp]
ter verdere behandeling Insp. [onleesbaar]
[Inhoud]
Met Uw beschouwingen in Uw rapport d.d. 28 Februari 1944 No. 46b/21/1 M kan ik mij zeer wel vereenigen; mijnerzijds bestaat er mitsdien geen bezwaar tegen, dat de vergunning ten name van J.J. Looyen Sr., in verband met diens overlijden, op naam van zijn vrouw wordt overgeschreven.
Uw voorstel aan het slot van Uw rapport, om aan een van de zoons van de Wed. Looyen toe te staan een standplaats met visch in te nemen in de Alb. Cuypstraat acht ik een verzwakking van het principieel standpunt, dat U tevoren in Uw rapport hebt ingenomen. Ik heb er evenwel geen bezwaar tegen, mij uit practische overwegingen met dit voorstel te vereenigen. Evenwel zal dan dienen vast te staan, dat de Wed. Looyen op de Vischmarkt zèlf de haar toegewezen visch in ontvangst neemt en dat zij deze zelf op de markt in de Alb. Cuypstraat verkoopt.
vM
De Wethouder voor de Levensmiddelen Wasch- en schoonmaak-, bad- en zweminrichtingen,
[Handtekening, vermoedelijk P. Frank]
[Aantekeningen onderaan de brief]
(Links)
Mevr. Looyen en HH. Looyen op 10/3 44 een [?] antw meegedeeld geven
(Midden)
Gezien 13-3-44 [?] De kern van deze correspondentie is een administratieve beslissing over een marktvergunning. Na de dood van de heer J.J. Looyen Sr. moet zijn visvergunning worden overgedragen. De wethouder stemt ermee in dat de vergunning op naam van zijn weduwe komt te staan.
Er is echter een discussiepunt: het voorstel om een van de zoons een standplaats op de Albert Cuypstraat te laten innemen. De wethouder merkt op dat dit eigenlijk ingaat tegen de principes die eerder in een rapport zijn gesteld ("een verzwakking van het principieel standpunt"). Toch stemt hij "om practische overwegingen" in, op voorwaarde dat de weduwe zelf de toegewezen vis ophaalt bij de Vismarkt en deze ook zelf verkoopt op de Albert Cuypmarkt. Dit duidt op een streng toezicht op de uitvoering van het beroep om fraude of onderverhuur te voorkomen. * Tijdsgewricht: De brief is gedateerd op 8 maart 1944, tijdens de Duitse bezetting. Hoewel de brief een gewone bureaucratische toon heeft, was de context er een van schaarste.
* Distributiesysteem: De term "vischtoewijzing" verwijst naar het distributiesysteem tijdens de oorlog. Vis was, net als veel andere levensmiddelen, op de bon of onderworpen aan strikte toewijzingen door de overheid.
* Lokaal belang: De vermelding van de Albert Cuypstraat plaatst het document in het hart van de Amsterdamse marktgeschiedenis. De Albert Cuyp was (en is) een van de belangrijkste locaties voor de voedselvoorziening in de stad.
* Bestuur: De ondertekening door de Wethouder voor Levensmiddelen laat zien hoe nauw de gemeente betrokken was bij de dagelijkse overleving en economische structuur van de stad tijdens de oorlogsjaren. In 1944 was het Amsterdamse college van wethouders echter ondergeschikt aan de Duitse bezetter en een door hen aangestelde burgemeester.