Archief 745
Inventaris 745-431
Pagina 363
Dossier 1
Jaar 1944
Stadsarchief

Handgeschreven verzoekschrift

Amsterdam, 15 maart 1944

Origineel

Handgeschreven verzoekschrift Amsterdam, 15 maart 1944 [Stempel/Kenmerk bovenaan:]
N° 46/6/33/1 / M. 1944 15/3 / V

Amsterdam 15 Maart 44

Mijnheer [Potloodaantekening: uit mij dossier 1/4 44]

Nadat ik van den Heer Stam
heb gehoord, dat er wederom ge-
legenheid is, om verandering of
verhooging van toewijzing te
vragen, neem ik met deze de
vrijheid om verhooging van mijn
toewijzing van zoetwatervisch
te vragen. Deze verhooging tot
een z.g. dubbele toewijzing,
komt mij m.i. ten volle toe
omreden ik één van de weinige
venters was, die voor het uit-
breken der oorlog, reeds jaren
regelmatig zoetwatervisch ver-
kocht. Dat ik thans slechts een
enkele toewijzing heb, komt mij
zeer onbillijk voor, omreden er
thans collega’s zijn die toen
in ’t geheel geen zoetwatervisch
verkochten en nu een dubbele
toewijzing hebben. Als bewijs
[onleesbare paraaf/teken] * Schrijver: Een Amsterdamse visventer. De identiteit is niet direct leesbaar in de ondertekening op deze pagina, maar hij identificeert zich als een vakman met jarenlange ervaring van vóór de oorlog.
* Doel: Het verkrijgen van een 'dubbele toewijzing' voor de verkoop van zoetwatervis.
* Argumentatie: De schrijver hanteert een moreel-economisch argument. Hij beroept zich op zijn status als gevestigde vakman ("reeds jaren regelmatig... verkocht"). Hij spreekt zijn verontwaardiging uit over het feit dat 'nieuwkomers' (collega's die voor de oorlog geen zoetwatervis verkochten) nu een grotere toewijzing krijgen dan hijzelf. Hij noemt dit "zeer onbillijk".
* Taalgebruik: Formeel en beleefd Nederlands, kenmerkend voor de periode (bijv. de genitief "der oorlog", de spelling "zoetwatervisch"). Het handschrift is een geoefend, leesbaar cursief. Dit document stamt uit de late oorlogsjaren (maart 1944), een periode van extreme schaarste in Nederland. Door de blokkades en de oorlog ter zee was zeevis nagenoeg onverkrijgbaar, waardoor de handel in zoetwatervis (uit de Nederlandse binnenwateren) cruciaal werd voor de voedselvoorziening.

De distributie van handelsproducten was strikt gereguleerd door de bezetter en de Nederlandse overheidsinstanties (zoals de Rijksbureaus). Winkeliers en venters waren afhankelijk van officiële "toewijzingen" om legaal te kunnen handelen. De brief weerspiegelt de spanningen binnen de beroepsgroep, waarbij de toewijzingspolitiek vaak als willekeurig of onrechtvaardig werd ervaren door degenen die al lang in het vak zaten. De vermelding van "den Heer Stam" suggereert een contactpersoon binnen een brancheorganisatie of het distributieapparaat.

Samenvatting

  • Schrijver: Een Amsterdamse visventer. De identiteit is niet direct leesbaar in de ondertekening op deze pagina, maar hij identificeert zich als een vakman met jarenlange ervaring van vóór de oorlog.
  • Doel: Het verkrijgen van een 'dubbele toewijzing' voor de verkoop van zoetwatervis.
  • Argumentatie: De schrijver hanteert een moreel-economisch argument. Hij beroept zich op zijn status als gevestigde vakman ("reeds jaren regelmatig... verkocht"). Hij spreekt zijn verontwaardiging uit over het feit dat 'nieuwkomers' (collega's die voor de oorlog geen zoetwatervis verkochten) nu een grotere toewijzing krijgen dan hijzelf. Hij noemt dit "zeer onbillijk".
  • Taalgebruik: Formeel en beleefd Nederlands, kenmerkend voor de periode (bijv. de genitief "der oorlog", de spelling "zoetwatervisch"). Het handschrift is een geoefend, leesbaar cursief.

Historische Context

Dit document stamt uit de late oorlogsjaren (maart 1944), een periode van extreme schaarste in Nederland. Door de blokkades en de oorlog ter zee was zeevis nagenoeg onverkrijgbaar, waardoor de handel in zoetwatervis (uit de Nederlandse binnenwateren) cruciaal werd voor de voedselvoorziening.

De distributie van handelsproducten was strikt gereguleerd door de bezetter en de Nederlandse overheidsinstanties (zoals de Rijksbureaus). Winkeliers en venters waren afhankelijk van officiële "toewijzingen" om legaal te kunnen handelen. De brief weerspiegelt de spanningen binnen de beroepsgroep, waarbij de toewijzingspolitiek vaak als willekeurig of onrechtvaardig werd ervaren door degenen die al lang in het vak zaten. De vermelding van "den Heer Stam" suggereert een contactpersoon binnen een brancheorganisatie of het distributieapparaat.

Kooplieden in dit dossier 18

Gerelateerde Documenten 6