Archief 745
Inventaris 745-431
Pagina 456
Dossier 10
Jaar 1944
Stadsarchief

Getypte ambtelijke brief met handgeschreven kanttekeningen.

7 januari 1944. Van: Onbekend (mogelijk een inspecteur of lokale ambtenaar van de visvoorziening).

Origineel

Getypte ambtelijke brief met handgeschreven kanttekeningen. 7 januari 1944. Onbekend (mogelijk een inspecteur of lokale ambtenaar van de visvoorziening). [Handgeschreven: "Husp."]
[Handgeschreven: "Verzonden 7/1"]
[Stempel/Kenmerk rechtsboven: VD/SV]

46b/176/10 M. [In rood potlood: 43]

7 Januari 1944.

den Heer Directeur van het
Bedrijfsschap voor Visscherijpro-
ducten,

2e Adelheidstraat 200,

's-G r a v e n h a g e.

In aansluiting op mijn brief d.d. 1 November 1943 no. 46b/176/8 M. inzake het opnemen in de vischverdeeling te dezer stede van S.C. Marinus Jr., Marnixstraat 69 I, Amsterdam bericht ik U, dat dezerzijds opnieuw een uitgebreid onderzoek is ingesteld naar de vraag, of Marinus in de basisjaren als kleinhandelaar is opgetreden.

Hiertoe is een onderzoek ingesteld in de afgegeven kwitanties van plaatsen op de Lindengracht, alwaar Marinus, volgens zijn zeggen, regelmatig een plaats zou hebben ingenomen. In de jaren 1939 en 1940 komt zijn naam echter slechts 4 maal voor namelijk op 7 Februari 1939, 4 Mei 1939, 25 Augustus 1939 en 18 April 1940.

Bovendien zijn dezerzijds twee grossiers in visch gehoord, die een verklaring hadden afgelegd, dat zij visch aan Marinus hadden geleverd, welke deze op de markt Lindengracht als kleinhandelaar had verkocht. Het betreft de grossiers J.H.C. Jansen en P. de Ruiter.

Jansen verklaart thans, dat hij Marinus sporadisch visch heeft geleverd. Gegevens kan hij hiervan niet overleggen, omdat steeds contant is gehandeld. Of Marinus met deze visch kleinhandel heeft gedreven, kan hij niet verklaren; dit heeft hij nooit zelf waargenomen.

De Ruiter verklaarde, dat hij met Marinus veel zaken heeft gedaan, zoowel als groothandelaar als kleinhandelaar. Marinus zou veel met visch buiten de stad hebben gevent, doch volgens De Ruiter ook regelmatig een plaats hebben ingenomen op de Lindengracht en wel 2 of 3 maal per week. Het feit, dat Marinus slechts 4 maal in de betalingsregisters is aangetroffen verklaart De Ruiter aldus, dat veelal clandestien een plaats zou zijn bezet, waarvoor geen marktgeld werd betaald!

Ook De Ruiter kan zijn verklaring niet met bewijzen staven; een boekhouding heeft hij in die jaren niet bijgehouden.

Uit het bovenstaande kan naar mijn meening aller- * Kern van de zaak: Het document betreft een administratief onderzoek tijdens de Tweede Wereldoorlog naar de legitimiteit van een vishandelaar, S.C. Marinus Jr. Om in aanmerking te komen voor een toewijzing van schaarse vis (de 'vischverdeeling'), moet hij aantonen dat hij reeds voor de oorlog (de 'basisjaren' 1939-1940) een gevestigde kleinhandelaar was.
* Bewijsvoering: De officiële registers van de markt op de Lindengracht spreken Marinus tegen: hij staat slechts vier keer genoteerd over een periode van twee jaar.
* Getuigenissen: Er is sprake van tegenstrijdige verklaringen. Grossier Jansen is vaag en heeft geen administratie. Grossier De Ruiter steunt Marinus wel, maar geeft een belastende verklaring voor de overheid: hij stelt dat Marinus de marktplaatsen "clandestien" bezette zonder marktgeld te betalen.
* Status: Het document stopt abrupt onderaan de pagina, maar de toon suggereert een negatief advies, aangezien er geen schriftelijke bewijzen of betrouwbare boekhouding aanwezig zijn om de beweringen van Marinus te staven. Dit document stamt uit de periode van de Duitse bezetting van Nederland. Tijdens de oorlog was er sprake van een strikte distributie van voedsel en goederen. Om de zwarte markt tegen te gaan en de schaarste te beheersen, moesten handelaren via de 'Bedrijfsschappen' (zoals die voor Visscherijproducten) aantonen dat zij recht hadden op een quotum.

De tekst illustreert de bureaucratische controle en de grijze gebieden van de vooroorlogse handel. Het vermelden van "clandestien" gebruik van marktplaatsen wijst op de informele economie die ook vóór de oorlog al bestond, maar die in 1944 door de autoriteiten werd gebruikt om aanvragen voor distributierechten af te wijzen. De Lindengracht was (en is) een bekende marktlocatie in de Amsterdamse Jordaan.

Samenvatting

  • Kern van de zaak: Het document betreft een administratief onderzoek tijdens de Tweede Wereldoorlog naar de legitimiteit van een vishandelaar, S.C. Marinus Jr. Om in aanmerking te komen voor een toewijzing van schaarse vis (de 'vischverdeeling'), moet hij aantonen dat hij reeds voor de oorlog (de 'basisjaren' 1939-1940) een gevestigde kleinhandelaar was.
  • Bewijsvoering: De officiële registers van de markt op de Lindengracht spreken Marinus tegen: hij staat slechts vier keer genoteerd over een periode van twee jaar.
  • Getuigenissen: Er is sprake van tegenstrijdige verklaringen. Grossier Jansen is vaag en heeft geen administratie. Grossier De Ruiter steunt Marinus wel, maar geeft een belastende verklaring voor de overheid: hij stelt dat Marinus de marktplaatsen "clandestien" bezette zonder marktgeld te betalen.
  • Status: Het document stopt abrupt onderaan de pagina, maar de toon suggereert een negatief advies, aangezien er geen schriftelijke bewijzen of betrouwbare boekhouding aanwezig zijn om de beweringen van Marinus te staven.

Historische Context

Dit document stamt uit de periode van de Duitse bezetting van Nederland. Tijdens de oorlog was er sprake van een strikte distributie van voedsel en goederen. Om de zwarte markt tegen te gaan en de schaarste te beheersen, moesten handelaren via de 'Bedrijfsschappen' (zoals die voor Visscherijproducten) aantonen dat zij recht hadden op een quotum.

De tekst illustreert de bureaucratische controle en de grijze gebieden van de vooroorlogse handel. Het vermelden van "clandestien" gebruik van marktplaatsen wijst op de informele economie die ook vóór de oorlog al bestond, maar die in 1944 door de autoriteiten werd gebruikt om aanvragen voor distributierechten af te wijzen. De Lindengracht was (en is) een bekende marktlocatie in de Amsterdamse Jordaan.

Kooplieden in dit dossier 18

Gerelateerde Documenten 6