Handgeschreven ambtelijke of zakelijke notitie/besluit.
Origineel
Handgeschreven ambtelijke of zakelijke notitie/besluit. 25 juni 1944. handelaars, aan wie indertijd geen extra
toewijzing zeevisch, in den vorm van fijne
zeevisch, is verstrekt. Alleen de grootere
zaken, die meer onkosten hadden, is in
dezen tegemoetgekomen. Bovendien heeft
adressante in de basisjaren nimmer of vrij-
wel nimmer fijne zeevisch verkocht.
Adressante is hiervan door het gemeente-
bestuur alhier mededeeling gedaan.
25/6.’44 ly
dd.
[v.d.M.?] * Inhoud: Het document betreft een afwijzing of verklaring aangaande een extra quotum "fijne zeevisch" (zoals tong of tarbot) voor een specifieke vrouwelijke handelaar ("adressante"). De reden voor de afwijzing is tweeledig: ten eerste kregen alleen grotere zaken met hogere onkosten deze extra toewijzing, en ten tweede had de betrokkene in de referentieperiode ("basisjaren") nauwelijks of nooit dergelijke vis verkocht.
* Schrift: Het handschrift is een vlot, enigszins zakelijk cursief uit het midden van de 20e eeuw. De spelling "zeevisch" en "mededeeling" is conform de toen geldende spelling-De Vries en Te Winkel (vóór de hervorming van 1947).
* Terminologie: De term "basisjaren" duidt op een referentiepunt dat werd gebruikt om distributierechten vast te stellen. "Adressante" is een formele term voor de indiener van een verzoekschrift. Dit document stamt uit juni 1944, de periode van de Duitse bezetting van Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog. In deze tijd was de voedselvoorziening strikt gereguleerd via een distributiesysteem. De overheid (vaak op lokaal niveau via het gemeentebestuur) bepaalde hoeveel voorraad een handelaar kreeg op basis van historische verkoopcijfers uit de "basisjaren" (meestal de laatste jaren voor de oorlog). Kleine zelfstandigen hadden het vaak moeilijk om aan voldoende handel te komen vergeleken met grotere zaken, wat uit deze notitie ook duidelijk naar voren komt.