Archief 745
Inventaris 745-431
Pagina 508
Dossier 100
Jaar 1944
Stadsarchief

Archiefdocument

20 mei 1944 (verzonden op 22 mei 1944). Aan: Den Heer Wethouder voor de Levensmiddelen, Alhier (Amsterdam).

Origineel

20 mei 1944 (verzonden op 22 mei 1944). Den Heer Wethouder voor de Levensmiddelen, Alhier (Amsterdam). [Handgeschreven aantekening bovenaan:]
Verzonden 22/5 AVD
[onleesbare initialen]

[Getypte tekst:]
46b/65/4M 1 20 Mei 1944. RP.

Vischtoewijzing Den Heer Wethouder
W.Botter. voor de Levensmiddelen,
--------- A l h i e r.
===========

    In bijlage dezes hebben, de ondergetee-

kenden de eer U een afschrift te doen toeko-
men van een van het Bedrijfschap voor Vissche-
rijproducten ontvangen brief d.d. 1 Mei jl. no.
9336/V/Vy.
Aangezien U destijds hebt besloten, de
aaltoewijzing van Botter te verlagen van 200
op 120 kg. (vide ook Uw no.454 L.M.1943) ver-
zoeken wij U ons te willen berichten, welk
standpunt door U ten opzichte van deze zaak
wordt ingenomen; wij kunnen U hierbij mededee-
len, dat W.Botter sedert eenige maanden niet
meer in zijn functie bij de Oostcompagnie na-
melijk bij de visscherij aan het Peipusmeer,
werkzaam is; hij is thans weder in den visch-
handel teruggekeerd.
Het gedeelte van den brief, handelende
over de toewijzing fijne zeevisch zal dezer-
zijds in de verdeelingscommissie voor visch
in behandeling worden gebracht.

De Gemt. Adviseur voor De Directeur,
Voedings-en Distributie-
aangelegenheden,

--- Deze ambtelijke correspondentie betreft de herziening van een visquota (toewijzing) voor de handelaar W. Botter. Kernpunten uit de brief zijn:

  • Statusverandering: De aanleiding voor de brief is dat W. Botter is teruggekeerd in de reguliere vishandel nadat hij enkele maanden werkzaam was voor de "Oostcompagnie" bij het Peipusmeer (op de grens van het huidige Estland en Rusland).
  • Eerdere sanctie of beperking: Er wordt verwezen naar een eerdere beslissing uit 1943 waarbij zijn aaltoewijzing aanzienlijk werd verlaagd (van 200 naar 120 kg). De brief vraagt de wethouder om een hernieuwd standpunt nu de persoonlijke omstandigheden van Botter zijn gewijzigd.
  • Bureaucratische afhandeling: De toewijzing van "fijne zeevisch" wordt apart behandeld door een specifieke verdeelingscommissie. Dit onderstreept de strikte regulering van schaarse goederen tijdens de bezetting.

--- Dit document is een treffend voorbeeld van de economische en maatschappelijke situatie in Nederland tijdens de Duitse bezetting (mei 1944):

  1. De Nederlandse Oost Compagnie (NOC): De vermelding van de "Oostcompagnie" en het Peipusmeer duidt op de Nederlandse betrokkenheid bij de exploitatie van bezette gebieden in de Sovjet-Unie. De NOC probeerde Nederlanders te werven voor visserij en landbouw in het Oosten onder het mom van "Lebensraum".
  2. Distributiesysteem: Tijdens de oorlog was voedsel schaars en de handel volledig onderworpen aan staatstoezicht via Bedrijfschappen en distributiecommissies. Elke kilo vis moest administratief worden verantwoord.
  3. Collaboratie en Normalisering: Het feit dat een handelaar simpelweg "terugkeert" in de vishandel na een dienstverband bij een collaborerende organisatie als de NOC, toont hoe dergelijke loopbanen destijds verweven waren met de dagelijkse economische realiteit.
  4. Tijdsgewricht: Mei 1944 was slechts enkele weken voor D-Day. De druk op de voedselvoorziening in de grote steden (waarschijnlijk Amsterdam, gezien de term "Wethouder voor de Levensmiddelen") nam hand over hand toe, wat de precisie in deze toewijzingsbrieven verklaart.

Samenvatting

Deze ambtelijke correspondentie betreft de herziening van een visquota (toewijzing) voor de handelaar W. Botter. Kernpunten uit de brief zijn:

  • Statusverandering: De aanleiding voor de brief is dat W. Botter is teruggekeerd in de reguliere vishandel nadat hij enkele maanden werkzaam was voor de "Oostcompagnie" bij het Peipusmeer (op de grens van het huidige Estland en Rusland).
  • Eerdere sanctie of beperking: Er wordt verwezen naar een eerdere beslissing uit 1943 waarbij zijn aaltoewijzing aanzienlijk werd verlaagd (van 200 naar 120 kg). De brief vraagt de wethouder om een hernieuwd standpunt nu de persoonlijke omstandigheden van Botter zijn gewijzigd.
  • Bureaucratische afhandeling: De toewijzing van "fijne zeevisch" wordt apart behandeld door een specifieke verdeelingscommissie. Dit onderstreept de strikte regulering van schaarse goederen tijdens de bezetting.

Historische Context

Dit document is een treffend voorbeeld van de economische en maatschappelijke situatie in Nederland tijdens de Duitse bezetting (mei 1944):

  1. De Nederlandse Oost Compagnie (NOC): De vermelding van de "Oostcompagnie" en het Peipusmeer duidt op de Nederlandse betrokkenheid bij de exploitatie van bezette gebieden in de Sovjet-Unie. De NOC probeerde Nederlanders te werven voor visserij en landbouw in het Oosten onder het mom van "Lebensraum".
  2. Distributiesysteem: Tijdens de oorlog was voedsel schaars en de handel volledig onderworpen aan staatstoezicht via Bedrijfschappen en distributiecommissies. Elke kilo vis moest administratief worden verantwoord.
  3. Collaboratie en Normalisering: Het feit dat een handelaar simpelweg "terugkeert" in de vishandel na een dienstverband bij een collaborerende organisatie als de NOC, toont hoe dergelijke loopbanen destijds verweven waren met de dagelijkse economische realiteit.
  4. Tijdsgewricht: Mei 1944 was slechts enkele weken voor D-Day. De druk op de voedselvoorziening in de grote steden (waarschijnlijk Amsterdam, gezien de term "Wethouder voor de Levensmiddelen") nam hand over hand toe, wat de precisie in deze toewijzingsbrieven verklaart.

Kooplieden in dit dossier 18

Gerelateerde Documenten 6