Archiefdocument
Origineel
[Bovenaan handgeschreven in paars potlood:]
№ 39/100/2 M. 339 18/7 [339 is gestempeld]
M. Müller D.M/s
Zen. M. de Boer [?]
[Getypte tekst:]
No. 5/218 L.M. 1939. Afschrift.
Burgemeester en Wethouders van Amsterdam,
Gezien een adres van Izak Pront geboren 12 Juli 1906, wonende
Lepelstraat 86 III, waarbij vergunning wordt verzocht tot het inne-
men eener standplaats met een handkar ten verkoop van haring, zuur-
waren en aanverwante artikelen op den openbaren weg;
Geven adressant te kennen, dat hem onder intrekking van de hem
bij hun beschikking d.d. 28 Mei 1936, No. 5/293 L.M. verleende ver-
gunning tot wederopzeggens toe wordt toegestaan een standplaats in
te nemen met een handkar ten verkoop van haring, zuurwaren en aanver-
wante artikelen, op den openbaren weg, den rijweg van de Nieuwe
Kerkstraat, evenwijdig aan en tegen het verhoogde voetpad, gedeelte-
lijk voor den zijgevel van perceel Weesperstraat 73 en voor perceel
Nieuwe Kerkstraat 83, op een afstand van 8 meter van de gevelrooi-
lijn van de Weesperstraat, om daarvan gebruik te maken op Zondagen
van 11 uur v.m. tot 12 uur middernacht en op de overige dagen van 10
uur v.m. tot 3 uur n.m. en voorts onder de volgende voorwaarden:
a. het verschuldigde standplaatsgeld moet bij vooruitbetaling worden
voldaan;
b. de vergunninghouder mag alleen persoonlijk van deze vergunning
gebruik maken en zich niet door een helper(ster) laten bijstaan;
c. boven de kar mag zich niets anders bevinden dan een zeil of een
andere bedekking van een afmeting niet grooter dan de oppervlakte
van de kar, welke bedekking alleen aan de kar en niet, op welke
wijze ook, aan de straat of anderszins mag worden vastgemaakt;
d. aan de kar mag zich geen omheining bevinden, hetzij van zeildoek,
hetzij van getimmerte, zoodat het uitzicht boven, onder en langs
de kar naar alle zijden vrij blijve ;
e. onder de kar of in de onmiddellijke nabijheid daarvan, mogen zich
geen voorwerpen bevinden van welken aard ook;
f. de straat onder en in de nabijheid van de kar moet rein blijven;
g. de bereiding, verpakking, bewaring, behandeling en het vervoer
mag uitsluitend geschieden op zindelijke wijze en zoodanig, dat
verontreiniging voldoende wordt voorkomen;
Hiertoe moeten voor het gebruik ter plaatse onmiddellijk ge-
reed zijnde eetwaren worden bewaard, hetzij in gesloten vaatwerk,
hetzij in met glas bedekte bakken of kisten;
h. de verpakking van eetwaren mag niet geschieden in papier, dat
reeds voor andere doeleinden is gebruikt;
i. de vergunninghouder moet op de eerste aanzegging der Politie de
aangewezen plaats ontruimen, indien dit in het belang van de open-
bare orde of van het openbaar verkeer, door deze noodig wordt ge-
oordeeld, zullende de weder ingebruikneming niet mogen geschieden,
dan met haar toestemming, terwijl alle overige aanwijzingen door
haar te geven, stipt moeten worden nageleefd;
j. deze vergunning zal op eerste aanvraag aan alle ambtenaren van
de Politie en het Marktwezen ter inzage moeten worden overhandigd
zoomede de kwitantie betreffende het betaalde standplaatsgeld
over de loopende c.q. voorafgaande week.
[Onderaan handgeschreven in paars potlood:]
Uitger. 15/7 '39 Dit document biedt een gedetailleerd inzicht in de strikte regulering van de ambulante handel in Amsterdam aan de vooravond van de Tweede Wereldoorlog. Enkele kernpunten:
* Strenge voorschriften: De voorwaarden (a-j) tonen een hoge mate van controle op hygiëne, openbare orde en esthetiek (geen 'omheiningen', geen hergebruikt papier).
* Persoonlijke gebondenheid: Voorwaarde 'b' benadrukt dat de vergunning strikt persoonsgebonden is; de houder mag zich niet laten vervangen, wat wijst op een beleid om het aantal straathandelaren strikt te limiteren.
* Specifieke lokalisatie: De locatie wordt tot op de meter nauwkeurig beschreven ten opzichte van de gevelrooilijn, wat essentieel was voor de verkeersdoorstroming in de drukke Jodenbuurt. De vergunninghouder, Izak Pront (1906), was een Joodse Amsterdammer die met zijn gezin in de Lepelstraat woonde. Dit gebied (tussen de Weesperstraat en de Amstel) was het hart van de Amsterdamse Jodenbuurt.
De datum van uitgifte (juli 1939) is wrang: het is slechts twee maanden voor het begin van de Tweede Wereldoorlog. Tijdens de bezetting zouden de rechten van Joodse handelaren stapsgewijs worden ingeperkt tot een volledig verbod. Uit historische bronnen (Joods Monument) blijkt dat Izak Pront, samen met zijn vrouw en kinderen, de oorlog niet heeft overleefd; hij werd in 1943 in Sobibor vermoord. Dit document fungeert daarmee als een tastbaar bewijs van zijn dagelijks bestaan en ambacht vlak voordat de Holocaust de Joodse gemeenschap van Amsterdam ontmantelde. M. de Boer Marktwezen Politie