Dienstbrief / Rapportage
Origineel
Dienstbrief / Rapportage 28 september 1939 Onbekend (waarschijnlijk een opzichter of beheerder van de Gemeentelijke Vischhal) Den WelEd. Heer Dr. A. van der Laan, Directeur Marktwezen te Amsterdam. Rapport.
Amsterdam 28 September 1939.
den WelEdHeer.
Dr. A. van der Laan.
Dir: Marktwezen
Amsterdam.
Heden wordt dagelijks in de Gem: Vischhal alhier, veel Snoekbaars aangevoerd. Er zijn dagen van 5000 tot 7000 pond! en vandaag Donderdag 28 Septr. had ik een aanvoer van 8130 pond.
Deze Snoekbaars wordt per 40 pond afgewogen en per pond verkocht. Ik ben in het bezit van twee hangklokschalen, welke nog zijn overgebleven van de Vischvoorziening. Eén daarvan heeft een capaciteit van 15 KG., waarin hoofdzaak alleen de tongen mee afgewogen kunnen worden. De 2e hangklok schaal heeft een capaciteit van 30 KG. Met deze laatste klokschaal moet al die snoekbaars, aal, baars, karper enz. afgewogen worden, wat veel tijd in beslag neemt. Vandaag heb ik een klokschaal te leen moeten vragen van een Grossier, zoodat ik in 2 ploegen kon laten afwegen, anders had ik niet op tijd klaar kunnen zijn, het zou te laat worden en menig koopman zou daarom weg kunnen gaan, omdat ze graag vroeg met hun handel de stad in willen! Ik verzoek U daarom beleefd voor de Vischhal te willen aanschaffen, een kleine staande klokschaal, met een capaciteit van ongeveer 75 KG., plus een emmer met 2 ooren.
Als het met de snoekbaars enz. zoo door mag gaan, heb ik zoo'n nieuwe klokschaal hoog noodig en raad ik U aan hiervan spoedig werk te maken.
Hoogachtend.
[Handtekening]
Kantlijnen:
* (Links midden, in potlood/stempel): marktwezen en binnenvaart
* (Links onder): Ook zonder massa's snoekbaars is die schaal blijvend noodig voor aal enz. In deze brief rapporteert een medewerker van de Gemeentelijke Vischhal in Amsterdam over een logistiek probleem veroorzaakt door een uitzonderlijk hoge aanvoer van vis, met name snoekbaars. Op de dag van schrijven werd er maar liefst 8130 pond (ruim 4000 kg) vis aangevoerd.
De kern van het probleem is dat de huidige weegapparatuur — twee verouderde hangklokschalen met een beperkte capaciteit van 15 en 30 kg — niet toereikend is voor dergelijke volumes. De medewerker legt uit dat visverkopers vroeg de stad in willen om hun handel te drijven; als het wegen te lang duurt, verliest de Vischhal klandizie. Om de drukte op de dag zelf aan te kunnen, moest er zelfs een weegschaal worden geleend van een grossier.
De schrijver verzoekt dringend om de aanschaf van een "staande klokschaal" met een capaciteit van 75 kg en een bijbehorende emmer met twee handvatten (ooren). In de kanttekening onderaan wordt benadrukt dat deze investering ook op de lange termijn noodzakelijk is voor andere vissoorten zoals aal. De brief is gedateerd op 28 september 1939. Dit is slechts enkele weken na het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog in Europa (de Duitse inval in Polen vond plaats op 1 september). Hoewel Nederland op dat moment nog neutraal was, heerste er al grote economische onzekerheid en werd de voedselvoorziening strenger gecontroleerd.
De "Gemeentelijke Vischhal" bevond zich destijds aan de De Ruijterkade aan het IJ. De genoemde "Vischvoorziening" waar de oude weegschalen van afkomstig waren, verwijst vermoedelijk naar de gemeentelijke instanties die tijdens of na de Eerste Wereldoorlog waren opgezet om de visdistributie te reguleren. Snoekbaars was in die tijd een belangrijke vissoort die op grote schaal werd gevangen in het IJsselmeer (de voormalige Zuiderzee). De brief illustreert de pragmatische, dagelijkse zorgen van marktmeesters om de voedseldistributie in de hoofdstad soepel te laten verlopen.