Brief (doorslag/kopie van een officieel schrijven).
Origineel
Brief (doorslag/kopie van een officieel schrijven). 6 november 1939. De Directeur (vermoedelijk van de Gemeentelijke Visafslag). De Inspecteur der Directe Belastingen te Zaandam. [Rechterbovenhoek handgeschreven:] Zend. Hr. de Haer.
[Midden boven handgeschreven:] extra.
[Linksboven getypt:] vP/HG.
46A/52/2 M.
[Rechts getypt:] 6 November 1939.
den Heer Inspecteur der
Directe Belastingen
te
Z A A N D A M .
Naar aanleiding van Uw brief d.d. 21 October jl.
(No.169) heb ik de eer U te berichten, dat uit de administra-
tieve gegevens van mijn dienst tot mijn spijt niet kan worden
nagegaan, welke hoeveelheden visch door M.Schoen-Kruit in den
Gemeentelijken Vischafslag hier ter stede of op het buitenter-
rein der Vischmarkt zijn gekocht. De voornoemde handelaarster
is bij het personeel der Vischmarkt bekend; het bedoelde per-
soneel is van oordeel, dat haar handel niet omvangrijk moet
worden geacht.
De Directeur, * Onderwerp: Een antwoord op een informatieverzoek van de belastingdienst betreffende de zakelijke activiteiten van een specifieke handelaarster.
* Inhoud: De inspectie der belastingen heeft opgevraagd hoeveel vis de handelaarster M. Schoen-Kruit inkocht, waarschijnlijk om haar belastingaangifte te controleren. De directeur van de visafslag moet rapporteren dat de officiële administratie hierover geen uitsluitsel geeft.
* Bewijsvoering: Bij gebrek aan harde cijfers in de administratie, wordt er teruggevallen op de getuigenis en de professionele inschatting van het personeel op de werkvloer ("het bedoelde personeel is van oordeel"). Zij typeren de handel als "niet omvangrijk".
* Taalgebruik: Formeel en ambtelijk ("heb ik de eer U te berichten", "hier ter stede", "voornoemde handelaarster"). Dit document stamt uit november 1939, een periode waarin Nederland zich in een staat van paraatheid bevond (mobilisatie) vlak voor het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog voor Nederland. De overheid hield in deze tijd van economische spanning de handel scherp in de gaten.
De brief illustreert de nauwe banden tussen verschillende overheidsinstanties (de belastingdienst en de gemeentelijke diensten) bij de controle op burgers en kleine ondernemers. Tevens toont het de beperkingen van de toenmalige handmatige administratie aan; de Visafslag kon niet zomaar per handelaar de totalen uit de boeken lichten, waardoor men afhankelijk was van de persoonlijke observaties van de marktmeesters en ander personeel. M. Schoen-Kruit was waarschijnlijk een kleine zelfstandige in de Zaanse regio die mogelijk op de markt of langs de deuren vis verkocht.