Officiële correspondentie (brief).
Origineel
Officiële correspondentie (brief). 28 januari 1939. Nederlandsche Visscherijcentrale, Den Haag. Directeur van de Gemeentelijke Visafslag, Amsterdam. [Stempel rechtsboven:] 678
NEDERLANDSCHE VISSCHERIJCENTRALE
JULIANA VAN STOLBERGPLEIN 3-4 'S-GRAVENHAGE
POSTGIROREKENING 245271 TELEFOON 720080*
TELEGRAMADRES: NEDVISCEN INTERCOMM. XX
[Stempel in paars:] № 46/3/4/1/ M. 1339 1/2
Afd. II 's-Gravenhage, 28 Januari 1939.
№ 1692/102
Betreffende: wijzigingen
schepenlijst.
[Handgeschreven notitie links:]
genoteerd
[Paraaf]
6/2-39
[Adresblok:]
AAN
den Heer Directeur van den
Gemeentelijken Vischafslag
te
AMSTERDAM.-
[Handgeschreven notitie rechts:]
m. Insp.
Th. Steems.
Hiermede verzoek ik U de onderstaande wijzigingen aan te brengen op de lijst (№ 402), waarop de schepen, welke in aanmerking komen voor steun volgens de Crisis-Steunbeschikking 1936 (kleine zeevisscherij), zijn vermeld.
Afvoeren per 18 Januari 1939
H.D. 228 Wed.J.H.M. Dito-Hoogenbosch te Den Helder.
Bijschrijven per
[Leeggehouden ruimte met doorhalingsstrepen]
DE DIRECTEUR,
[Handtekening: H.J. Vaulent (?)]
Ko/NP.
17524 - '38 Deze brief is een administratieve kennisgeving van de Nederlandsche Visscherijcentrale aan de Amsterdamse visafslag. Het doel is het actualiseren van de lijst van vaartuigen die recht hebben op financiële ondersteuning onder de "Crisis-Steunbeschikking 1936". Deze regeling was specifiek bedoeld voor de kleine zeevisserij, die zwaar getroffen was door de economische depressie.
De specifieke wijziging betreft het afvoeren (verwijderen) van het schip met registratie H.D. 228 (Den Helder) van de lijst, met ingang van 18 januari 1939. De eigenaar wordt vermeld als de weduwe J.H.M. Dito-Hoogenbosch.
De handgeschreven aantekeningen tonen de interne verwerking bij de visafslag in Amsterdam: de brief is daar op 6 februari 1939 genoteerd en doorgezet naar de inspectie. In de jaren '30 kampte de Nederlandse visserijsector met de gevolgen van de wereldwijde economische crisis. De overheid greep in met diverse steunmaatregelen en crisisschap-constructies om de sector overeind te houden. De Nederlandsche Visscherijcentrale speelde hierin een centrale, regulerende rol.
De administratieve precisie (met scheepsnummers en specifieke lijsten zoals № 402) was noodzakelijk om fraude te voorkomen en ervoor te zorgen dat de beperkte steungelden bij de juiste vissers terechtkwamen. Het feit dat een schip op naam van een weduwe staat, was in die tijd niet ongebruikelijk; zij zette vaak het bedrijf van haar overleden echtgenoot voort.