L. Princen
Bekijk Verhaal ➔Archiefdocumenten
Handgeschreven brief (verzoekschrift).
* **Kernboodschap:** De briefschrijver, C. L. Princen, vraagt om financiële steun of aandacht voor zijn situatie. Hij zit in een lastige positie omdat hij vanwege het feit dat hij nog bij zijn ouders woont, geen recht heeft op een werkloosheidsuitkering (steun). * **Economische nood:** De brief schetst een somber beeld van de economische situatie van het gezin. Niet alleen is de schrijver zelf werkloos, maar ook zijn twee broers. De vader, die een ambachtelijke schoenmakerij runt, verdient nauwelijks genoeg om het gezin te onderhouden. * **Modernisering:** Een interessant detail is de vermelding van de "electrische schoenmakerijen". Dit illustreert de overgang van handwerk naar industrialisatie; de traditionele ambachtsman kon niet opboksen tegen de snelheid en lagere prijzen van de gemechaniseerde concurrentie. * **Taalgebruik:** De brief is geschreven in een eerbiedige, maar eenvoudige stijl. Er staan enkele grammaticale fouten en spreektaalvormen in (zoals "hij heb", "verdiend" met een d, en "me ouders"), wat duidt op een schrijver uit de arbeidersklasse.
Brief (vermoedelijk een vervolgpagina, gemarkeerd met "II").
De tekst is geschreven in een duidelijk, enigszins formeel handschrift met de kenmerkende lussen van de vroege tot midden 20e eeuw. De schrijver doet verslag van zijn of haar werkzaamheden en economische situatie. Enkele opvallende zaken: * **Arbeidssituatie:** Er is sprake van onzekerheid. De schrijver probeert geld te verdienen op de Albert Cuypmarkt met de verkoop van fruit, maar de "handel" staat er blijkbaar slecht voor. * **Taalgebruik:** Het gebruik van "drukken tijd" en "eenige dagen" is typerend voor de oudere spelling en grammatica. Er staat een grammaticale fout in de tekst: "mocht *mijn* assisteren" (in plaats van *mij*). * **De Gruyter:** De vermelding van deze bekende Nederlandse grutter (kruidenier) plaatst het document in een specifieke sociaal-economische context van voor de jaren '70. * **Persoonlijke hoop:** De tekst ademt een sfeer van hoop op stabiliteit ("voor vast in"), wat wijst op de waarde die destijds aan een vaste aanstelling bij een gerenommeerd bedrijf werd gehecht.
Handgeschreven brief (mogelijk een kladversie of een vervolgblad, gemarkeerd met "III").
* **Verzoek:** De schrijver vraagt beleefd of zijn broer, L.L. Princen, hem mag vervangen op dagen dat hij een "oproeping" krijgt voor ander werk dat hij niet kan weigeren. Dit duidt op een tijd van grote arbeidsonzekerheid waarbij men meerdere banen of klussen moest combineren. * **Sociale context:** De moeder van de schrijver wordt ingezet als bemiddelaar ("Vanmorgen is mijn Moeder bij U geweest"). Dit was in die tijd gebruikelijk bij jonge arbeiders die bij hun ouders woonden; de ouders behartigden vaak de zakelijke belangen van hun kinderen bij werkgevers. * **Bedrijfscultuur:** De brief is gericht aan iemand in een hogere positie (aangeduid met de respectvolle hoofdletter "U"). Het taalgebruik is uiterst hoffelijk ("vraag ik U beleefd", "bevestigend antwoord zou willen sturen"). * **Arbeidsomstandigheden:** Er is sprake van "klantjes aan de kar", wat suggereert dat de schrijver een bezorgfunctie had, mogelijk met een hondenkar, handkar of bakfiets.
Briefblad (waarschijnlijk de laatste pagina van een langere brief).
* **Inhoud:** De schrijver, C. L. Princen, legt uit dat de marktmeesters hem geen vaste staanplaats kunnen toewijzen zonder een schriftelijke verklaring van de geadresseerde. De marktmeesters hebben hem geadviseerd deze kwestie direct met de geadresseerde op te lossen. De brief sluit af met een dringend verzoek om een snelle reactie of oproep. * **Handschrift:** Een verzorgd, hellend cursief handschrift met duidelijke lussen, typerend voor het onderwijs uit die periode. * **Taalgebruik:** Formeel en beleefd ("teeken ik met de meesten Hoogachting"). De spelling "zoo" en "Antwoord" (met hoofdletter) is kenmerkend voor de oudere spelling (vóór de hervorming van 1947). * **Structuur:** De markering "IIII" suggereert dat dit de vierde pagina is van een correspondentie. In de tweede regel is een woord onleesbaar gemaakt door de schrijver zelf.
Ambtelijk advies / brief.
* **Kern van het document:** Het document betreft een ambtelijk advies over een verzoek van een marktkoopman (C. L. Princen, standplaats 306 AC) om zich tijdelijk te laten vervangen door zijn broer (L. L. Princen). * **Motivatie van de aanvrager:** De aanvrager wil elders tijdelijk werk aannemen als verhuizersknecht om extra inkomen te genereren. * **Beoordeling:** De ambtenaar merkt op dat dergelijke vervangingen normaal gesproken niet zijn toegestaan om fraude of onregelmatigheden ("knoeierij") met vaste marktplaatsen te voorkomen. Echter, vanwege de economische situatie van het gezin (beide broers wonen samen en dragen bij aan het gezinsinkomen) wordt een uitzondering geadviseerd. * **Toekomstvisie:** Er wordt gesuggereerd dat de broer in de toekomst via de reguliere weg (als sollicitant voor een 'losse plaats') op de markt moet trachten te werken in plaats van via deze tijdelijke vervangingsconstructie.
Handgeschreven brief (verzoekschrift).
* **Kern van het verzoek:** De schrijver, C.L. Princen, is houder van marktstandplaats nummer 291 in Amsterdam. Vanwege zijn mobilisatie (militaire dienst) kan hij zijn werk niet uitoefenen. Hij verneemt dat zijn broer, L.L. Princen, ook een standplaats toegewezen heeft gekregen. Hij verzoekt de autoriteiten om hun standplaatsen te mogen ruilen. * **Motivatie:** De schrijver redeneert dat als zijn broer op zijn (gevestigde) plek staat, de klantenkring behouden blijft binnen de familie. Hij vreest dat hij na zijn diensttijd anders zijn volledige klandizie kwijt is aan een vreemde, terwijl de klanten nu "aan hem [de broer] overgegaan" zullen zijn, wat een terugkeer in de zaak na de diensttijd makkelijker maakt. * **Stijl en taal:** De brief is geschreven in een formeel-beleefde toon ("Weled Heer"), maar bevat enkele grammaticale imperfecties die typerend zijn voor de gesproken volkstaal van die tijd (bijv. "dat hij ook een standplaats heb gekregen" in plaats van "heeft").
Brief / Verzoekschrift
* **Inhoud:** De schrijver, C. L. Princen, richt een verzoek aan een niet nader genoemde instantie (waarschijnlijk een militaire commandant of een steuncomité). De kern van het verzoek is financiële nood of een verzoek om verlof/vrijstelling. De reden hiervoor is dat de "medekostwinner" Leo weliswaar thuis is, maar dat er door een strenge vorstperiode geen inkomsten waren. Daarnaast hebben noch de schrijver, noch de ouders enige (overheids)steun ontvangen. * **Schrift:** Het document is geschreven in een vlot, geoefend cursief handschrift, typerend voor de eerste helft van de 20e eeuw. * **Stijl:** Formeel en beleefd ("Hoogachtend", "U mijn verzoek zult kunnen inwilligen"). De spelling "teeken" en "den Heer" duidt op de periode vóór de spellinghervorming van 1947 (Spelling-Marchant/De Vries en Te Winkel). * **Adressering:** De schrijver woont normaal gesproken in de 1e Jan van der Heijdenstraat in Amsterdam (De Pijp), maar is op het moment van schrijven ingekwartierd bij een particulier (Fr. v.d. Kant) in Werkendam.
Administratief dossierstuk (mogelijk een bijblad of geleideformulier).
Dit document is een administratief formulier dat gebruikt werd om de voortgang van een dossier binnen de Nederlandse overheid bij te houden. Het betreft een "bijblad", wat suggereert dat het extra informatie of vervolgstappen bevat bij een hoofddossier. De chronologie van de aantekeningen is als volgt: 1. **18 maart 1940:** Het stuk wordt doorgezonden (volgens de stempel). 2. **20 maart 1940:** Er is sprake van een "advies", mogelijk naar aanleiding van "Th. v. Merkerke". 3. **28 maart 1940:** Er wordt een concrete instructie gegeven om de moeder van een zekere "C. L. Princen" op te roepen voor de eerstvolgende maandag. 4. **16 april 1940:** Een laatste aantekening verwijst naar een ander bijblad (nr. 86/17/1 '40) voor de definitieve afdoening van de zaak. De handtekening die onder alle drie de instructies staat, lijkt van dezelfde ambtenaar te zijn, wat duidt op een consistente behandeling van het dossier door één persoon of afdeling.
Getypte officiële brief of kennisgeving op blauwachtig papier.
* **Inhoud:** Het document betreft een officiële melding van een vrijstelling van betaling van marktgeld voor een standplaatshouder op de Albert Cuypmarkt in Amsterdam. Er is sprake van een tegoed van 1,35 gulden. * **Data:** Hoewel de brief gedateerd is op 10 september 1942, wordt er onderaan verwezen naar 16 augustus 1942, wat mogelijk de datum is waarop de vrijstelling betrekking heeft of de datum van de oorspronkelijke aanvraag/constatering. * **Handgeschreven annotatie:** De tekst "Verzonden 10/9" bevestigt dat de brief op de dag van datering daadwerkelijk is uitgestuurd. De naam daarboven is waarschijnlijk van de behandelend ambtenaar. * **Administratieve indeling:** "Wijk 17" verwijst naar de specifieke markt- of administratieve wijk waarbinnen de Albert Cuypstraat viel. "HB" staat mogelijk voor Hoofdbureau of een specifieke afdeling van de marktdienst.
Relevante Archieffragmenten
# TRANSCRIPTIE Advies op no 25/1/3/1 M39. Den Heer Inspecteur v/h Marktwezen Alhier. In verband met bijgaand verzoek van C. L. Princen, pl 306 AC, diene het volgende: Bedoeling van verzoeker is, dat diens broer L. L. Princen hem gedurende eenige weken vervangt, terwijl hij in dien tijd als verhuizersknecht tracht werkzaam te zijn. Uit den aard der zaak is een vervanging om hoe- danige reden in ...
# TRANSCRIPTIE [Rechtsboven, handgeschreven:] M. de Leer [Links, getypt:] vP/HG. 25/73/2 M. [Midden boven, handgeschreven:] Verzonden 30/5 [Rechts, getypt:] 30 Mei 1939. den Heer C.L. Princen, 1e J.v.d.Heydenstraat 44 II, Amsterdam-Zuid. Wijk 17. Naar aanleiding van Uw brief d.d. 28 April jl. verleen ik U hierbij gedurende ten hoogste een maand na dato dezes toestemming om zich op Uw plaats...
# TRANSCRIPTIE VP/HG. *extra* [handgeschreven] 25/73/2 M. 30 Mei 1939. den Heer C.L. Princen, 1e J.v.d.Heydenstraat 44 hs, <u>Amsterdam-Zuid.</u> Wijk 17. Naar aanleiding van Uw brief d.d. 28 April jl. verleen ik U hierbij g...
# TRANSCRIPTIE [Gecentreerd getypt] den heer L.Jansen, Prinsengracht 8 I A l h i e r (C)
# TRANSCRIPTIE Advies op $N^o$ 25/50/1 M d/o Den Heer Inspecteur v/h Marktwezen Alhier. In verband met bijgaand verzoek van P.L. Princen, pl. 291 A.C., bericht ik U het volgende: Princen is momenteel gemobiliseerd. Bij schrijven van 25/154/4 M 39 is hem echter toegestaan, dat hij vervangen kan worden door zijn moeder, terwijl R.H. Princen als assistent fungeerde (toegestaan bij schrijven van 25...