Getypte officiële brief of kennisgeving op blauwachtig papier.
Origineel
Getypte officiële brief of kennisgeving op blauwachtig papier. Vermoedelijk een gemeentelijke instantie belast met markttoezicht (gezien de vermelding "HB" en "Wijk 17"). [Links boven:]
25/39/2 M.
[Midden boven, handgeschreven in blauwe inkt:]
Middelman [onzeker]
Verzonden 10/9
[Rechts boven:]
HB.
10 September 1942.
[Geadresseerde, rechts uitgelijnd:]
den Heer L. Princen,
1e Jan v.d. Heydenstraat 44,
Amsterdam-Zuid.
Wijk 17.
[Links midden:]
Albert Cuypstraat .
[Midden:]
Vrijstelling betaling.
marktgeld: Tegoed f 1,35.
============
[Rechts onder:]
Albert Cuypstraat
16 Augustus 1942
[Onderaan midden:]
----- * Inhoud: Het document betreft een officiële melding van een vrijstelling van betaling van marktgeld voor een standplaatshouder op de Albert Cuypmarkt in Amsterdam. Er is sprake van een tegoed van 1,35 gulden.
* Data: Hoewel de brief gedateerd is op 10 september 1942, wordt er onderaan verwezen naar 16 augustus 1942, wat mogelijk de datum is waarop de vrijstelling betrekking heeft of de datum van de oorspronkelijke aanvraag/constatering.
* Handgeschreven annotatie: De tekst "Verzonden 10/9" bevestigt dat de brief op de dag van datering daadwerkelijk is uitgestuurd. De naam daarboven is waarschijnlijk van de behandelend ambtenaar.
* Administratieve indeling: "Wijk 17" verwijst naar de specifieke markt- of administratieve wijk waarbinnen de Albert Cuypstraat viel. "HB" staat mogelijk voor Hoofdbureau of een specifieke afdeling van de marktdienst. * Historische context: Het document stamt uit de periode van de Duitse bezetting van Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog. Ondanks de oorlogssituatie bleven civiele administratieve processen, zoals het innen van marktgeld en het verlenen van vrijstellingen, grotendeels doorgaan volgens de bestaande bureaucratische structuur.
* Locatie: De Albert Cuypstraat is de locatie van de bekendste dagmarkt van Amsterdam. De 1e Jan van der Heydenstraat ligt in de directe nabijheid (De Pijp), wat logisch is voor een lokale marktkoopman.
* Financieel: Een bedrag van f 1,35 (één gulden en vijfendertig cent) was in 1942 een reëel bedrag voor dagelijkse marktkosten, hoewel de koopkracht destijds door inflatie en schaarste sterk onder druk stond. Voor een kleine ondernemer was een dergelijke vrijstelling of teruggave relevant voor de bedrijfsvoering. L. Princen Hoofdbureau