Archief 745
Inventaris 745-301
Pagina 52
Dossier 2A
Jaar 1939
Stadsarchief

Archiefdocument

26 mei 1939

Origineel

26 mei 1939 85/59/M

Adressant, G. van Oosten deelt mede dat hij door verhoogde
onkosten financieel niet langer een huurstal ad f 3.- p. w.
kan aanhouden. Voorheen had hij een kelder voor f 3.- p. w.
doch wegens lekkage was hij genoodzaakt een onderstuk
te huren voor f 6.50 p. w. De kosten van f 9.50 p. w. kan hij
niet opbrengen en daarom moet hij voor uitstalling eigen
materiaal aanschaffen. Het voorstel van den stallenver-
huurder Piesaar, om den huurstal voor f 150 over te nemen
kan hij niet aanvaarden, omdat bedoeld materiaal z.i.
niet meer dan f 75.- waard is.
De stallenverhuurder Piesaar verklaart in bijzijn van
adressant dat later zal blijken dat door list wordt getracht
de ordemaatregel inzake kramenregeling tegen te werken
waarvan de gem. A’dam en hij schade zal ondervinden.
Ongeveer 1/2 jaar geleden heeft Piesaar het aan van Oosten ver-
huurde materiaal speciaal voor aardappelen-uitstalling laten
maken voor de somma van f 170.- Hij blijft den stal liever
verhuren, doch is bereid van Oosten tegemoet te komen.
Als de Directeur genegen is het verzoek van Oosten in over-
weging te nemen, dan stelt hij voor dat den stal wordt over-
genomen voor f 150.-
In verband met schrijven 85/47/2 M adviseer ik geen toestemming
te verlenen aan van Oosten voor het plaatsen van eigen
materiaal.

Amsterdam 26-5 ’39
(w.g.) [Onleesbare handtekening, mogelijk Knij..] Dit document is een ambtelijk verslag of adviesnota met betrekking tot een markt- of standplaatskwestie in Amsterdam. De kern van het conflict is financieel: de huurder, G. van Oosten, kan de opgelopen wekelijkse lasten (f 9,50 per week) niet meer dragen en wil eigen materiaal gaan gebruiken in plaats van materiaal te huren van de stallenverhuurder Piesaar.

Piesaar verzet zich hiertegen en beschuldigt Van Oosten van een "list" om de gemeentelijke kramenregeling te ontduiken. Piesaar voert aan dat hij specifiek voor Van Oosten voor f 170,- aan materiaal heeft laten maken. Hij is bereid de inventaris te verkopen voor f 150,-, terwijl Van Oosten de waarde slechts op f 75,- schat.

De rapporteur adviseert de Directeur negatief over het verzoek van Van Oosten. Er wordt expliciet geadviseerd geen toestemming te geven voor het gebruik van eigen materiaal, mede op basis van een eerder schrijven. Het document dateert van mei 1939, vlak voor de Tweede Wereldoorlog. In deze periode was de marktsector in Amsterdam strikt gereguleerd via gemeentelijke verordeningen ("kramenregeling"). Deze regels waren bedoeld om het straatbeeld uniform te houden en de concurrentie tussen handelaren en stallenverhuurders te beheersen.

Stallenverhuurders zoals Piesaar speelden een centrale rol in de logistiek van de Amsterdamse markten; zij leverden de kramen en toebehoren. De genoemde bedragen geven een goed beeld van de economische verhoudingen: een weekhuur van f 9,50 was aanzienlijk in een tijd waarin het gemiddelde weekloon voor een arbeider tussen de 20 en 30 gulden lag. Het document illustreert de bureaucratische bemoeienis van de gemeente met individuele ondernemersvragen op de markt.

Samenvatting

Dit document is een ambtelijk verslag of adviesnota met betrekking tot een markt- of standplaatskwestie in Amsterdam. De kern van het conflict is financieel: de huurder, G. van Oosten, kan de opgelopen wekelijkse lasten (f 9,50 per week) niet meer dragen en wil eigen materiaal gaan gebruiken in plaats van materiaal te huren van de stallenverhuurder Piesaar.

Piesaar verzet zich hiertegen en beschuldigt Van Oosten van een "list" om de gemeentelijke kramenregeling te ontduiken. Piesaar voert aan dat hij specifiek voor Van Oosten voor f 170,- aan materiaal heeft laten maken. Hij is bereid de inventaris te verkopen voor f 150,-, terwijl Van Oosten de waarde slechts op f 75,- schat.

De rapporteur adviseert de Directeur negatief over het verzoek van Van Oosten. Er wordt expliciet geadviseerd geen toestemming te geven voor het gebruik van eigen materiaal, mede op basis van een eerder schrijven.

Historische Context

Het document dateert van mei 1939, vlak voor de Tweede Wereldoorlog. In deze periode was de marktsector in Amsterdam strikt gereguleerd via gemeentelijke verordeningen ("kramenregeling"). Deze regels waren bedoeld om het straatbeeld uniform te houden en de concurrentie tussen handelaren en stallenverhuurders te beheersen.

Stallenverhuurders zoals Piesaar speelden een centrale rol in de logistiek van de Amsterdamse markten; zij leverden de kramen en toebehoren. De genoemde bedragen geven een goed beeld van de economische verhoudingen: een weekhuur van f 9,50 was aanzienlijk in een tijd waarin het gemiddelde weekloon voor een arbeider tussen de 20 en 30 gulden lag. Het document illustreert de bureaucratische bemoeienis van de gemeente met individuele ondernemersvragen op de markt.

Gerelateerde Documenten 6