Archief 745
Inventaris 745-324
Pagina 308
Dossier 82
Jaar 1940
Stadsarchief

Doorslag (carbonkopie) van een officiële brief.

12 augustus 1940. Van: De Directeur (vermoedelijk van een Amsterdamse gemeentelijke dienst, gezien de vermelding van "Wijk 10"). Aan: De Secretaris van de Kooplieden- en Marktkramersbond "Mercurius".

Origineel

Doorslag (carbonkopie) van een officiële brief. 12 augustus 1940. De Directeur (vermoedelijk van een Amsterdamse gemeentelijke dienst, gezien de vermelding van "Wijk 10"). De Secretaris van de Kooplieden- en Marktkramersbond "Mercurius". Extra (handgeschreven)

VP/HG.

den Heer Secretaris van den Kooplieden-
en Marktkramersbond "Mercurius",
Nwe. Achtergracht 101,
Amsterdam-Centrum.

Wijk 10.
12 Augustus 1940.

33/68/2 M.

Naar aanleiding van Uw brief d.d. 26 Juli jl. in
zake de vaste plaats van L. Hijman op de markt Westerstraat, be-
richt ik U, dat dezerzijds geen bezwaar bestaat, dat L. Hijman
zijn vaste plaats gedurende ten hoogste drie maanden na dato
dezes niet bezet, mits hij zorg draagt, dat het ook tijdens zijn
afwezigheid verschuldigde marktgeld wekelijks wordt betaald.

De Directeur, In deze brief reageert een gemeentelijke instantie op een verzoek van de marktbond "Mercurius". Het verzoek betrof de koopman L. Hijman, die een vaste staanplaats had op de markt in de Westerstraat (Amsterdam). De directeur stemt ermee in dat Hijman zijn plaats maximaal drie maanden onbezet laat, onder de strikte voorwaarde dat het verschuldigde marktgeld wel wekelijks doorbetaald wordt. Hiermee behoudt hij zijn rechten op de vaste plek zonder er fysiek aanwezig te hoeven zijn. De toon is zakelijk en bureaucratisch. De datum van de brief, 12 augustus 1940, is saillant: de Duitse bezetting van Nederland was op dat moment drie maanden oud. De achternaam "Hijman" is een veelvoorkomende Joodse naam. Hoewel de brief geen reden geeft voor de afwezigheid, is het in de context van 1940 denkbaar dat de heer Hijman door de veranderende omstandigheden of persoonlijke onzekerheid zijn handel tijdelijk moest staken. In deze vroege fase van de bezetting functioneerde de Nederlandse bureaucratie nog grotendeels volgens de bestaande regels. De bond "Mercurius" behartigde de belangen van de Amsterdamse marktkooplieden. De Westerstraatmarkt was (en is) een van de belangrijkste markten van de stad, gelegen in de Jordaan.

Samenvatting

In deze brief reageert een gemeentelijke instantie op een verzoek van de marktbond "Mercurius". Het verzoek betrof de koopman L. Hijman, die een vaste staanplaats had op de markt in de Westerstraat (Amsterdam). De directeur stemt ermee in dat Hijman zijn plaats maximaal drie maanden onbezet laat, onder de strikte voorwaarde dat het verschuldigde marktgeld wel wekelijks doorbetaald wordt. Hiermee behoudt hij zijn rechten op de vaste plek zonder er fysiek aanwezig te hoeven zijn. De toon is zakelijk en bureaucratisch.

Historische Context

De datum van de brief, 12 augustus 1940, is saillant: de Duitse bezetting van Nederland was op dat moment drie maanden oud. De achternaam "Hijman" is een veelvoorkomende Joodse naam. Hoewel de brief geen reden geeft voor de afwezigheid, is het in de context van 1940 denkbaar dat de heer Hijman door de veranderende omstandigheden of persoonlijke onzekerheid zijn handel tijdelijk moest staken. In deze vroege fase van de bezetting functioneerde de Nederlandse bureaucratie nog grotendeels volgens de bestaande regels. De bond "Mercurius" behartigde de belangen van de Amsterdamse marktkooplieden. De Westerstraatmarkt was (en is) een van de belangrijkste markten van de stad, gelegen in de Jordaan.

Gerelateerde Documenten 6