Getypte brief (doorslag/archiefkopie).
Origineel
Getypte brief (doorslag/archiefkopie). 12 augustus 1940. De Directeur (vermoedelijk van de Marktwezen-dienst van de gemeente Amsterdam). De Secretaris van den Kooplieden- en Marktkramersbond "Mercurius". [Handgeschreven rechtsboven:] M. de Laer
[Handgeschreven middenboven:] verzonden v/o
[Getypt rechtsboven:] vP/HG.
den Heer Secretaris van den Kooplieden-
en Marktkramersbond "Mercurius",
Nwe.Achtergracht 101,
Amsterdam-Centrum.
[Links:] 33/68/2 M.
[Rechts:] Wijk 10.
12 Augustus 1940.
Naar aanleiding van Uw brief d.d. 26 Juli jl. in
zake de vaste plaats van L.Hijman op de markt Westerstraat, be-
richt ik U, dat dezerzijds geen bezwaar bestaat, dat L.Hijman
zijn vaste plaats gedurende ten hoogste drie maanden na dato
dezes niet bezet, mits hij zorg draagt, dat het ook tijdens zijn
afwezigheid verschuldigde marktgeld wekelijks wordt betaald.
De Directeur, Dit document is een officiële correspondentie tussen de gemeente (waarschijnlijk de Dienst van het Marktwezen) en de vakbond voor marktkramers "Mercurius". De kern van de brief is een formele toestemming aan de koopman L. Hijman om zijn vaste staanplaats op de Westermarkt in Amsterdam gedurende maximaal drie maanden onbezet te laten.
De voorwaarde die gesteld wordt, is strikt financieel: het marktgeld moet wekelijks doorbetaald worden om het recht op de plek te behouden. De brief is zakelijk en procedureel van aard, typerend voor de gemeentelijke bureaucratie uit die tijd. De datum van de brief, 12 augustus 1940, is saillant. Nederland was op dat moment drie maanden bezet door nazi-Duitsland. De Westerstraatmarkt in de Jordaan was een belangrijke volksmarkt.
De naam L. Hijman (waarschijnlijk Levie of Louis Hijman) is een veelvoorkomende Joodse naam in het Amsterdam van die tijd. In de zomer van 1940 waren de grootschalige anti-Joodse maatregelen (zoals het verbod voor Joden op markten, dat in 1941 werd ingevoerd) nog in een beginstadium, maar de druk op Joodse ondernemers nam al toe. Hoewel de brief een louter administratieve reden voor de afwezigheid kan hebben (zoals ziekte of persoonlijke omstandigheden), kan de aanvraag van de bond Mercurius om de plaats "vast te houden" ook wijzen op de onzekere situatie waarin Joodse marktkooplieden zich op dat moment bevonden. L. Hijman M. de Laer Gemeente Amsterdam Marktwezen