Archief 745
Inventaris 745-340
Pagina 33
Dossier 90
Jaar 1940
Stadsarchief

Doorslag van een officiële brief (ambtelijke correspondentie).

18 juli 1940. Van: De Directeur (vermoedelijk van de Marktwezen of een gerelateerde gemeentelijke dienst in Amsterdam). Referentie: VD/HG. Aan: Mw. J. Toet-Keus, Van Ostadestraat 41 bel., Amsterdam-Zuid.

Origineel

Doorslag van een officiële brief (ambtelijke correspondentie). 18 juli 1940. De Directeur (vermoedelijk van de Marktwezen of een gerelateerde gemeentelijke dienst in Amsterdam). Referentie: VD/HG. Mw. J. Toet-Keus, Van Ostadestraat 41 bel., Amsterdam-Zuid. [Handgeschreven, linksboven/midden]: verzonden 18/7
[Handgeschreven, rechtsboven]: M. de Boer [?]

[Geadresseerde]:
Mw. J. Toet-Keus,
Van Ostadestraat 41 bel.,
Amsterdam-Zuid.

Rechts: Wijk 22.
[Links]: 90/47/2 M.
Rechts: 18 Juli 1940.

Naar aanleiding van Uw briefkaart ingekomen op 27
Juni jl. bericht ik U, dat ik er geen bezwaar tegen heb, dat Uw
dochter W. Keus, geboren 4 Februari 1922, U gedurende vier weken
na dato dezes op Uw plaats op de markt Mosplein vervangt.

De Directeur, Deze brief is een formeel antwoord op een verzoek van mevrouw J. Toet-Keus. Zij heeft per briefkaart verzocht of haar dochter, de achttienjarige W. Keus, haar gedurende een periode van vier weken mag vervangen bij haar marktkraam. De directeur verleent hiervoor expliciet toestemming.

De toevoeging "bel." bij het adres staat voor "bel-etage" of benedenhuis. De handgeschreven aantekening "verzonden 18/7" duidt op de administratieve verwerking van de uitgaande post. De markt op het Mosplein bevond zich (en bevindt zich nog steeds) in Amsterdam-Noord, terwijl de verzoekster in Amsterdam-Zuid woonde. Dit wijst op een aanzienlijke reistijd voor de marktkoopvrouw in die tijd. Het document dateert van juli 1940, slechts twee maanden na de Duitse inval en het begin van de bezetting van Nederland. Hoewel de bezettingsautoriteiten hun grip op het dagelijks leven al verstevigden, bleven de gemeentelijke bureaucratie en de reguliere marktregels vooralsnog op de gebruikelijke wijze functioneren.

Het Mosplein was een belangrijk knooppunt en marktplein in het destijds relatief jonge Amsterdam-Noord. Het Marktwezen in Amsterdam was streng gereguleerd; standplaatshouders konden zich niet zomaar laten vervangen, zelfs niet door familieleden, zonder officiële goedkeuring van de gemeente. Dit document illustreert de rigide administratieve controle op de uitoefening van beroepen in de publieke ruimte.

Samenvatting

Deze brief is een formeel antwoord op een verzoek van mevrouw J. Toet-Keus. Zij heeft per briefkaart verzocht of haar dochter, de achttienjarige W. Keus, haar gedurende een periode van vier weken mag vervangen bij haar marktkraam. De directeur verleent hiervoor expliciet toestemming.

De toevoeging "bel." bij het adres staat voor "bel-etage" of benedenhuis. De handgeschreven aantekening "verzonden 18/7" duidt op de administratieve verwerking van de uitgaande post. De markt op het Mosplein bevond zich (en bevindt zich nog steeds) in Amsterdam-Noord, terwijl de verzoekster in Amsterdam-Zuid woonde. Dit wijst op een aanzienlijke reistijd voor de marktkoopvrouw in die tijd.

Historische Context

Het document dateert van juli 1940, slechts twee maanden na de Duitse inval en het begin van de bezetting van Nederland. Hoewel de bezettingsautoriteiten hun grip op het dagelijks leven al verstevigden, bleven de gemeentelijke bureaucratie en de reguliere marktregels vooralsnog op de gebruikelijke wijze functioneren.

Het Mosplein was een belangrijk knooppunt en marktplein in het destijds relatief jonge Amsterdam-Noord. Het Marktwezen in Amsterdam was streng gereguleerd; standplaatshouders konden zich niet zomaar laten vervangen, zelfs niet door familieleden, zonder officiële goedkeuring van de gemeente. Dit document illustreert de rigide administratieve controle op de uitoefening van beroepen in de publieke ruimte.

Gerelateerde Documenten 6