Archiefdocument
Origineel
2 juli 1940 J. Witzenhausen, Jodenbreestraat 51-II, Amsterdam Directeur van Marktwezen, Amsterdam No 90/50/M.1940 4/7
Amsterdam, 2 Juli
M.O. Insp. [?]
Aan den Directeur van Marktwezen.
De Ondergetekende vraagt langs
dezen weg voor zijn zoon Jes Witzenhausen geb:
12 Juni 1922, vergunning om op de Zaterdag markt
Mosplein o/y aan mij te helpen. Aangezien hij
werkloos is en zoodoende in de gelegenheid is mij
te helpen bij het bedienen van mij cliënten. Ook
om geen last met de marktmeester te veroorzaken
hoop ik voor hem een bewijs te krijgen.
Inmiddels teeken ik
J. Witzenhausen
Jodenbreestraat 51 II
A'dam. * Inhoud: J. Witzenhausen verzoekt de directeur van het Amsterdamse Marktwezen om een officiële vergunning voor zijn zoon, Jes Witzenhausen. De zoon is achttien jaar oud en werkloos. De vader wil dat Jes hem helpt bij zijn kraam op de zaterdagmarkt op het Mosplein (Amsterdam-Noord).
* Motivatie: De briefschrijver geeft twee redenen aan: enerzijds is de zoon werkloos en kan hij dus bijstaan in de bediening van klanten, anderzijds wil de vader een officieel bewijs hebben om problemen ("last") met de marktmeester te voorkomen.
* Schrijfstijl: De brief is geschreven in een beleefde, formele toon met gebruik van de destijds gangbare spelling (bijv. "dezen weg", "zoodoende", "teeken ik"). Het handschrift is goed leesbaar en getuigt van een zekere mate van geletterdheid. De afkorting "o/y" bij Mosplein staat vermoedelijk voor "Over 't IJ", de gebruikelijke aanduiding voor de locatie van het Mosplein in Amsterdam-Noord. Dit document is gedateerd op 2 juli 1940, slechts enkele weken na de Duitse inval en het begin van de bezetting van Nederland. De afzender woont in de Jodenbreestraat, een straat in het hart van de toenmalige Joodse buurt van Amsterdam. De naam Witzenhausen is een bekende Joods-Amsterdamse familienaam.
Hoewel de brief op het eerste gezicht een routineus administratief verzoek lijkt, krijgt het binnen de historische context van de vroege bezettingstijd een extra lading. In deze periode begonnen de eerste restricties voor de Joodse bevolking vorm te krijgen, hoewel de meest ingrijpende maatregelen (zoals de Jodenster en grootschalige uitsluiting van het economisch leven) op dat moment nog moesten komen. De wens om alles "officieel" via een bewijs te regelen om "last" te voorkomen, duidt op een behoefte aan zekerheid in een onzeker wordende maatschappelijke en administratieve omgeving. De zaterdagmarkt op het Mosplein was een algemene markt waar veel Joodse marktkooplieden hun waar verkochten. J. Witzenhausen M.O. Insp Marktwezen