Handgeschreven brief.
Origineel
Handgeschreven brief. 3 november 1941. Mozes Hangjas, Rapenburgerstraat 26, Amsterdam. Onbekend (vermoedelijk de Marktmeester of de afdeling Marktwezen van de gemeente Amsterdam). Amsterdam 3-11-41.
Waarde Mijnheer. ik kreeg voor
eenige dagen terug een schrijven
van uw om mijn achterstalligge
marktgeld te betalen en ook
om mijn plaats te bezetten
anders zou uw mijn plaats in de
Albert Cuypstraat in trekken
de reden om dat ik mijn plaats
niet kon bezetten is omdat ik
op 27 September ben mee genomen
en opgesloten ben tot 29 October
door de sicherheitspolizei
afdeling Den. Haag.
nu heeft ik van 19 October
volledige ondersteuning
door 't bureau Sociale Zaken
afdeling Marnixstraat 317
en ik denk wel dat ik eenige
maanden in de steun blijft
Mozes Hangjas
Rapenburgerstraat 26
Amsterdam
№ 25/44/1 M.1941 3/11 * Inhoud: De schrijver, Mozes Hangjas, reageert op een aanmaning van de gemeente. Hem is medegedeeld dat hij zijn achterstallige marktgeld moet betalen en zijn staanplaats op de Albert Cuypmarkt weer moet innemen, op straffe van intrekking van zijn vergunning.
* Reden van afwezigheid: Hangjas legt uit dat hij van 27 september tot 29 oktober 1941 gevangen is gehouden door de Sicherheitspolizei (SiPo) in Den Haag. Dit verklaart waarom hij zijn marktplaats niet kon bezetten en geen inkomsten had.
* Financiële situatie: Hij geeft aan dat hij sinds 19 oktober een uitkering ("volledige ondersteuning") ontvangt van het bureau Sociale Zaken aan de Marnixstraat en verwacht voorlopig "in de steun" te blijven.
* Taalgebruik: Het document bevat diverse spellings- en grammaticafouten (bijv. "achterstalligge", "nu heeft ik", "Sicherheitspolizei" fonetisch gespeld), wat wijst op een schrijver uit de arbeidersklasse die probeert formeel te communiceren met een overheidsinstantie. Deze brief is een indringend historisch document uit de periode van de Duitse bezetting van Nederland.
1. Joodse vervolging: Mozes Hangjas (geboren in 1891) was een Joodse Amsterdammer. Zijn adres, de Rapenburgerstraat, lag in het hart van de Joodse buurt. In 1941 werden de maatregelen tegen Joodse marktkooplieden steeds strenger; zij werden uiteindelijk verbannen naar specifieke "Joodse markten".
2. Sicherheitspolizei: De arrestatie door de SiPo in september 1941 valt in een periode van toenemende razzia's en repressie. De reden voor zijn specifieke detentie in Den Haag wordt niet vermeld, maar het was een periode waarin veel Joodse mannen werden opgepakt.
3. De afloop: Uit historische bronnen (zoals Joods Monument) blijkt dat Mozes Hangjas de oorlog niet heeft overleefd. Hij is in 1943 vermoord in Sobibor. Deze brief toont zijn wanhopige poging om in 1941 zijn dagelijks brood en zijn rechten als burger (zijn marktplaats) te behouden, terwijl de mazen van de nazi-terreur zich rondom hem sluiten. Gemeente Amsterdam Marktwezen Sicherheitspolizei