Archief 745
Inventaris 745-374
Pagina 194
Dossier 109
Jaar 1942
Stadsarchief

Handgeschreven briefje/verzoekschrift.

Van: J. v.d. Velden.

Origineel

Handgeschreven briefje/verzoekschrift. J. v.d. Velden. M.H. m. Insp.
Omdat ik geen han-
del al eenige weken
heb verzoek ik U
van mijn standplaats
te ontheffing in de
hoop dat als ik weer
kan staan ik weer
in aanmerking kan
komen.
Hoogachtend
J vd Velden
G. Doustr. 44 In dit schrijven verzoekt J. v.d. Velden de marktinspectie om ontheffing van zijn of haar standplaats. De opgegeven reden is een gebrek aan klandizie of handel gedurende de afgelopen weken. De schrijver hoopt dat deze ontheffing tijdelijk is, aangezien de wens wordt uitgesproken om in de toekomst opnieuw in aanmerking te komen voor een plek wanneer de zaken beter gaan ("als ik weer kan staan").

Het handschrift is een vlot en geoefend cursief. Er is sprake van een grammaticale fout in de centrale zin: "te ontheffing" in plaats van de werkwoordsvorm "te ontheffen" of de constructie "om ontheffing te verzoeken". Dit duidt op een schrijver die formeel probeert te communiceren, maar wellicht minder geschoold is in de officiële ambtelijke taal van die tijd. Het adres onderaan de brief, G. Doustr. 44 (Gerard Doustraat 44), plaatst dit document vrijwel zeker in de Amsterdamse wijk 'De Pijp'. De Gerard Doustraat loopt parallel aan de beroemde Albert Cuypmarkt. Het is daarom zeer aannemelijk dat de betreffende "standplaats" een marktkoop op de Albert Cuypmarkt betrof.

Dergelijke verzoeken waren niet ongewoon in tijden van economische malaise of persoonlijke tegenspoed. Marktkooplieden die de dagelijkse of wekelijkse staangelden niet konden opbrengen door tegenvallende inkomsten, moesten officieel afstand doen van hun plek om te voorkomen dat hun schulden bij de gemeente verder opliepen. De hoop om later weer "in aanmerking te komen" wijst op de populariteit en de wachtlijsten die vaak voor dergelijke centrale marktlocaties golden. G. Doustr J. v.d. Velden

Samenvatting

In dit schrijven verzoekt J. v.d. Velden de marktinspectie om ontheffing van zijn of haar standplaats. De opgegeven reden is een gebrek aan klandizie of handel gedurende de afgelopen weken. De schrijver hoopt dat deze ontheffing tijdelijk is, aangezien de wens wordt uitgesproken om in de toekomst opnieuw in aanmerking te komen voor een plek wanneer de zaken beter gaan ("als ik weer kan staan").

Het handschrift is een vlot en geoefend cursief. Er is sprake van een grammaticale fout in de centrale zin: "te ontheffing" in plaats van de werkwoordsvorm "te ontheffen" of de constructie "om ontheffing te verzoeken". Dit duidt op een schrijver die formeel probeert te communiceren, maar wellicht minder geschoold is in de officiële ambtelijke taal van die tijd.

Historische Context

Het adres onderaan de brief, G. Doustr. 44 (Gerard Doustraat 44), plaatst dit document vrijwel zeker in de Amsterdamse wijk 'De Pijp'. De Gerard Doustraat loopt parallel aan de beroemde Albert Cuypmarkt. Het is daarom zeer aannemelijk dat de betreffende "standplaats" een marktkoop op de Albert Cuypmarkt betrof.

Dergelijke verzoeken waren niet ongewoon in tijden van economische malaise of persoonlijke tegenspoed. Marktkooplieden die de dagelijkse of wekelijkse staangelden niet konden opbrengen door tegenvallende inkomsten, moesten officieel afstand doen van hun plek om te voorkomen dat hun schulden bij de gemeente verder opliepen. De hoop om later weer "in aanmerking te komen" wijst op de populariteit en de wachtlijsten die vaak voor dergelijke centrale marktlocaties golden.

Genoemde Personen 2

Locaties

Albert Cuypmarkt Centrale Markt

Producten

Kruidenier (Droog): Meel Vis & Zee: Aal Vis & Zee: Vis

Thema's

Jodenster/Maatregelen

Gerelateerde Documenten 6