Ambtelijke notitie of rapportage betreffende markttoezicht.
Origineel
Ambtelijke notitie of rapportage betreffende markttoezicht. 23 maart 1942. 27/9/1 Adressant: AJ Pahlman merkt op dat
Genetia den heelen winter zijn vaste plaats
in de Alb. Cuypstr. niet heeft ingenomen en dat
hij niet begrijpt dat zijn plaats niet is ingetrokken.
Welnu, ook Pahlman is den geheelen winter niet
op de markt Ten Katestraat verschenen.
Pahlman dient eenigen tijd de markt geregeld te
bezoeken. Er zijn nog twintig sollicitanten voor
hem. Deze week zal ik een opgave indienen
van de voorkeurshouders die de markt niet
hebben bezocht. Dezen kunnen dan na waarschu-
wing worden afgevoerd, terwijl de geregelde bezoekers een
vaste plaats zal worden toegewezen.
Amsterdam 23-3 '42
[Handtekening, mogelijk: Vrij] In deze notitie rapporteert een marktbeambte over een klacht van een zekere A.J. Pahlman. Pahlman klaagt over een andere koopman, Genetia, die zijn vaste plek op de Albert Cuypmarkt de gehele winter onbezet heeft gelaten. Pahlman suggereert dat de vergunning van Genetia ingetrokken had moeten worden.
De ambtenaar reageert hierop met een ironische vaststelling: Pahlman zelf is de hele winter ook niet komen opdagen op zijn eigen plek in de Ten Katestraat. De tekst legt bloot dat er grote schaarste is aan standplaatsen; er staan maar liefst twintig gegadigden op de wachtlijst ("sollicitanten") voor de plek van Pahlman. De ambtenaar kondigt een opschoning van het register aan: wie niet verschijnt, krijgt een waarschuwing en wordt bij aanhoudende afwezigheid geschrapt, zodat de plaatsen naar actieve kooplieden kunnen gaan. Het document dateert uit maart 1942, midden in de Duitse bezetting van Nederland. In deze periode was de handel op de Amsterdamse markten onderhevig aan strenge regulering en distributiemaatregelen. De schaarste aan goederen en de economische druk zorgden voor grote concurrentie om de schaarse marktplaatsen.
Opmerkelijk is dat de Albert Cuypmarkt en de Ten Katestraat in die tijd belangrijke knooppunten waren voor de voedselvoorziening van de stad. Het feit dat er twintig mensen op de wachtlijst stonden voor één enkele plek, getuigt van de desperate economische situatie van veel kleine zelfstandigen tijdens de oorlogsjaren. De administratieve discipline (het "afvoeren" van niet-actieve vergunninghouders) was noodzakelijk om de markten functionerend te houden. A.J. Pahlman Genetia. Gemeente Amsterdam