Getypt afschrift van een verzoekschrift/brief.
Origineel
Getypt afschrift van een verzoekschrift/brief. M.H. (Mijne Heren), gericht aan een controlerende instantie (waarschijnlijk de Visscherijcentrale). A F S C H R I F T .
M.H.
Aangezien ik van Mijn leverancier gehoord heb
dat alle paling over de vischmarkt gaat wenschte ik gaarne
in aanmerking te komen heb sinds 1924 al mijn paling van
Gebr. Dil, Koog aan de Zaan.
w.g.J.de Winter, winkelier in vis en
fruit
Nieuwendijk 84
Amsterdam.
Voor eensluidend afschrift,
NEDERLANDSCHE VISSCHERIJCENTRALE.
[Handtekening]
Directeur * Inhoud: Het document is een formeel afschrift van een brief waarin J. de Winter, een viswinkelier uit Amsterdam, verzoekt om ook onder de nieuwe regelgeving paling te mogen blijven betrekken van zijn vaste leverancier, Gebroeders Dil uit Koog aan de Zaan.
* Kernpunt: De aanleiding is de nieuwe maatregel dat "alle paling over de vischmarkt gaat". De Winter voert zijn langdurige klantrelatie (sinds 1924) aan als argument om een uitzondering of specifieke toewijzing te krijgen.
* Terminologie: "w.g." staat voor "was getekend", wat gebruikelijk is bij afschriften om aan te geven wie de originele brief heeft ondertekend.
* Authenticiteit: Het document is onderaan gewaarmerkt door de Directeur van de "Nederlandsche Visscherijcentrale" als zijnde een "eensluidend afschrift". * Historische Context: De Nederlandsche Visscherijcentrale (NVC) speelde een cruciale rol in de regulering en distributie van vis tijdens de Duitse bezetting van Nederland (1940-1945). Om de voedselvoorziening te controleren en de zwarte handel in te dammen, werd de handel gecentraliseerd. Het verplicht stellen dat vis "over de vischmarkt" ging, was een methode om toezicht te houden op prijzen en hoeveelheden.
* Geografische Context: De Nieuwendijk in Amsterdam was (en is) een belangrijke winkelstraat. Gebr. Dil in Koog aan de Zaan is een historisch bekende palingrokerij in de Zaanstreek, een regio die van oudsher nauw verbonden was met de Amsterdamse vismarkt.
* Betekenis: Dit document illustreert de impact van bureaucratische centralisatie op kleine zelfstandigen. Winkeliers moesten formeel toestemming vragen om hun vertrouwde handelsrelaties voort te kunnen zetten binnen een streng gereguleerd systeem. J. de Winter M.H.