AI-Synthese 53

M.H. was een marktkoopman in Amsterdam die tussen 1939 en 1944 actief was als ontvanger, ondertekenaar en aanvrager bij diverse markten zoals de Albert Cuypstraat, Ten Katestraat, Waterlooplein, Nieuwmarkt, Westerstraat, Lindengracht, Gaaspstraat en Noordermarkt. Hij was betrokken bij de arisering van Joodse markten en de distributie via de Joodsche Raad, met specifieke aandacht voor sectoren zoals de Bloemenmarkt, Vischmarkt en de Centrale Hal. De documentatie uit deze periode omvat 78 administratieve documenten die zijn gerelateerd aan het beleid voor buitenlanders en de werking van de Centrale Hal.

Lotgevallen

1939 administratie Actief als ontvanger en ondertekenaar bij meerdere markten.
1939 administratie Betrokken bij 7 documenten gerelateerd aan marktactiviteiten.
1939 administratie Betrokken bij 20 documenten gerelateerd aan marktactiviteiten.
1940 administratie Actief in 11 documenten over marktwezen en arisering.
1941 administratie Actief in 10 documenten over distributie en Joodsche Raad.
1942 administratie Actief in 18 documenten over bloemenmarkt, vischmarkt en centrale hal.
1943 administratie Actief in 6 documenten over buitenlandersbeleid en arisering.
1944 administratie Actief in 4 documenten over marktdistributie.

Relaties

vader van M.H. (familie)

Handel

bloemenvis Albert CuypstraatTen KatestraatWaterloopleinMospleinNieuwmarktWesterstraatLindengrachtGaaspstraatNoordermarktCentrale Markt
Arisering Joodse MarktenCentrale Hal & BuitenlandersbeleidJoodsche Raad & DistributieBloemenmarkt & MarktwezenVischmarkt Amsterdam
Gebaseerd op 56 archiefbronnen

Archiefdocumenten

Archief 745 | 745-273 | Pagina 147 | 1939

Getypt verslag / Ambtelijke correspondentie.

Het document is een ambtelijk onderzoeksrapport betreffende de naleving van marktreglementen in Amsterdam. Er worden vier specifieke gevallen (genummerd VII t/m X) behandeld: * **L. Vos:** Bevestiging dat de echtgenote gebruikmaakt van de standplaatsen, wat conform Artikel 18 van het reglement is. * **W. van Eyken:** Verduidelijking dat de echtgenote de vergunninghoudster is. Het feit dat de dochter incidenteel een eigen 'losse plaats' inneemt wanneer de moeder verhinderd is, wordt als reglementair beschouwd. * **H.L. Smis:** Een situatie waarbij een broer (M.H. Smis) assisteert of zelf losse plaatsen inneemt. De term "onvolwaardig" duidt hier waarschijnlijk op een fysieke of mentale beperking waardoor hij de oorspronkelijke vaste plaats had opgegeven. Ook hier wordt geconcludeerd dat er geen overtreding is. * **Ph. Druif:** Wederom een bevestiging van het recht van de echtgenote om de standplaatsen op Waterlooplein en Dapperstraat in te nemen. De teneur van het rapport is defensief: het lijkt erop dat er klachten of vermoedens van onregelmatigheden waren, die na onderzoek ongegrond zijn gebleken.

Archief 745 | 745-294 | Pagina 208 | 1939

Zakelijke correspondentie (betalingsherinnering/aanmaning voor emballage).

* **Inhoud:** De firma N.V. Electro sommeert het Gemeente Magazijn om een geleende gascilinder (Dissouscylinder No. 16486) terug te sturen. De cilinder was reeds op 16 mei 1939 geleverd. Er wordt gedreigd met een factuur van 90 gulden (een aanzienlijk bedrag voor die tijd) indien de cilinder niet binnen 14 dagen retour is. * **Terminologie:** "29 pto" (passato) verwijst naar de 29e van de vorige maand (augustus). "Dissouscylinder" is een specifiek type cilinder voor opgelost acetyleen, veel gebruikt bij laswerkzaamheden. * **Staat van het document:** De handgeschreven aantekeningen rechtsboven suggereren dat er contact is geweest met een zekere heer Jonkman en dat de brief op 12 september is beantwoord. De verwijzing naar "31/8" duidt op eerdere correspondentie in het dossier van de ontvanger.

Archief 745 | 745-302 | Pagina 208 | 1939

Formele brief / verzoekschrift.

In deze brief verzoekt een marktkoopman om uitstel voor het innemen van zijn standplaats. De schrijver heeft op 11 maart 1939 een 'voorkeurskaart' (nummer 417) verkregen voor de weekmarkt op het Mosplein in Amsterdam-Noord. Hij had aangegeven daar met een ijswagen te gaan staan. De kern van de brief is een mededeling van overmacht: vanwege de slechte weersomstandigheden in het vroege voorjaar is het niet rendabel of mogelijk om met de ijswagen uit te rijden. Hij kondigt daarom aan dat hij pas op 29 april (bijna twee maanden na de toewijzing) zal starten. De toon is uiterst formeel en hoffelijk, zoals gebruikelijk in de correspondentie met overheidsinstanties in die tijd.

Archief 745 | 745-295 | Pagina 210 | 1939

Handgeschreven verklaring met betrekking tot huisvesting en onderhuur.

Het document is een officiële verklaring of bewijsstuk betreffende een woning aan het Stuijvesantplein 12-II te Amsterdam. * **Onderhuur:** De kern van de tekst draait om toestemming voor onderhuur. De eigenaar of hoofdhuurder, S. Leegwater, tekent voor akkoord ("Uw d. w. dn." oftewel "Uw dienstwillige dienaar"). * **Terminologie:** In de hoofdtekst staat "onderpant" (oude spelling voor onderpand). Hoewel de context sterk wijst op "onderhuur", kan dit duiden op een ontvangen waarborgsom of een garantstelling. * **De rol van J.W. Haas:** De onderste regels lijken te zijn toegevoegd door J.W. Haas (mogelijk de vrouw of een familielid van W. de Haas) om te expliciteren dat de verhuurder akkoord gaat met de situatie vanwege de bijzondere omstandigheden.

Archief 745 | 745-276 | Pagina 220 | 1939

Document

De brief is een formeel verzoek of beklag van een groep markthandelaren ("ondergeteekenden") gericht aan de Directeur van het Marktwezen in Amsterdam. De kern van de zaak is de toewijzing van staanplaatsen op de markt. Een groep fruitkooplieden, die voorheen afhankelijk was van de Maatschappelijke Steun (M.S.), keert terug naar de markt. De regelmatige kooplieden, die het hele jaar door op hun vaste plekken staan, beklagen zich erover dat zij hun goede plaatsen moeten afstaan aan deze terugkerende kooplieden. Zij worden gedwongen te verhuizen naar minder gunstige locaties, wat zij als onrechtvaardig ervaren gezien hun jaarronde aanwezigheid. De toon is beleefd doch dringend.

Archief 745 | 745-276 | Pagina 283 | 1939

Brief (verzoekschrift)

In deze brief verzoekt de afzender om uitstel voor het persoonlijk afhalen van een "Voorkeurskaart" voor de Albert Cuypmarkt in Amsterdam. De afzender, woonachtig in Apeldoorn, legt uit dat de oproep hem/haar pas afgelopen zaterdag bereikte, precies op het moment dat hij/zij al in Amsterdam was (maar van niets wist). Omdat de afzender pas de volgende zaterdag weer voor zaken in Amsterdam kan zijn, vraagt hij/zij om een uitzondering op de uiterste inlever- of ophaaldatum van 29 juni. De toon is beleefd en formeel ("M.H." staat voor Mijne Heeren; "ten Uwent" voor bij uw kantoor/instantie). De administratieve krabbels bovenin duiden op de verwerking door de betreffende instantie: het document is geregistreerd op 27 juni en blijkbaar afgehandeld of gedeponeerd op 28 juni 1939. De vermelding "port à f 0,05" wijst op verschuldigde portokosten.

Archief 745 | 745-302 | Pagina 409 | 1939

Afschrift van een officiële brief/verzoekschrift.

* **Inhoud:** Het document is een formeel verzoek van de heer J.G. Buiten aan de gemeente (waarschijnlijk de afdeling marktwezen) voor een vergunning om warme dranken (koffie, thee en chocolademelk) te mogen verkopen op de markt aan het Mosveld in Amsterdam-Noord. * **Vorm:** Het betreft een getypt "AFSCHRIFT", wat blijkt uit de koptekst en de afkorting "w.g." (welgetekend) voor de naam van de afzender onderaan de brief. * **Taalgebruik:** De tekst hanteert de toenmalige officiële spelling (bijv. "Ondergeteekende", "dezen", "geeurd"). Opvallend is de aaneenschakeling "koffie-theeechocolade" waarbij mogelijk een koppelteken mist tussen thee en chocolade. * **Veiligheid:** Er wordt specifiek melding gemaakt van "petroleumstellen" die gebruikt worden voor het verwarmen van de dranken. De aanvrager geeft aan dat het veiligheidsapparaat gereed is voor keuring door de Brandweer, wat duidt op strikte gemeentelijke regels omtrent brandveiligheid op markten.

Archief 745 | 745-318 | Pagina 93 | 1940

Zakelijke brief / correspondentie.

In deze brief reageert J. Onrust op een schrijven van de marktinsectie (gedateerd 6 november). De strekking van de brief is dat de firma genoodzaakt is haar activiteiten op de markt tijdelijk te staken. De reden hiervoor is een officieel slacht- en verkoopverbod op diverse soorten gevogelte (kippen, eenden, ganzen en kalkoenen). Onrust geeft aan dat zij direct weer aan de markt willen deelnemen zodra de handel weer wordt vrijgegeven. Tevens toont de afzender de bereidheid om het nog openstaande (achterstallige) marktgeld te voldoen, wat duidt op een wens om de handelsrelatie en de staanplaats op de markt voor de toekomst veilig te stellen.

Archief 745 | 745-339 | Pagina 109 | 1940

Formele brief / Rekest

In deze brief verzoekt de heer H. Fransman de dienst Marktwezen om het behoud van zijn vaste marktstaanplaatsen in de **Rijnstraat** en op het **Maasplein**. De brief geeft inzicht in de precaire financiële situatie van een kleine zelfstandige aan de vooravond van de Tweede Wereldoorlog: 1. **Sociale context:** De schrijver zat in een procedure voor 'steun' (sociale bijstand), wat destijds gepaard ging met een streng onderzoek naar de middelen van bestaan. Hierdoor kon hij niet eerder reageren op correspondentie van de gemeente. 2. **Financiële nood:** Vanwege zijn armoede heeft hij een schuld opgebouwd (vermoedelijk achterstallig marktgeld). Hij verzoekt om kwijtschelding of uitstel van betaling totdat hij zijn handel weer kan hervatten. 3. **Geografie:** De locaties (zowel het woonadres als de marktplaatsen) situeren zich in de Amsterdamse Rivierenbuurt.

Archief 745 | 745-324 | Pagina 126 | 1940

Handgeschreven verzoekschrift / administratieve correspondentie.

* **Inhoud:** De schrijver verzoekt de instantie om een "plaats" (waarschijnlijk een marktplaats of standplaats) gereserveerd te houden vanwege ziekte, totdat hij/zij hersteld is. * **Handschrift:** Een vlot, geoefend cursief handschrift, kenmerkend voor de eerste helft van de 20e eeuw. De afkorting "p/o" staat voor 'per order', wat suggereert dat de ondertekenaar namens iemand anders tekent (mogelijk voor een ziek familielid). * **Administratieve sporen:** Het stempel "M. 1940" duidt op het administratieve jaar 1940. De letter 'M' wordt in Amsterdamse archieven vaak geassocieerd met het **Marktwezen**. Het nummer 33/12/1 is een dossier- of volgnummer. De handgeschreven datum "16/I" suggereert dat het verzoek op 16 januari is verwerkt.

Archief 745 | 745-340 | Pagina 146 | 1940

Handgeschreven brief (verzoekschrift).

* **Taal en spelling:** De brief is geschreven in het Nederlands met enkele spellings- en grammaticale fouten die typerend zijn voor die tijd en het opleidingsniveau van de schrijver (bijv. "spijd" in plaats van "spijt", "amtenaar" in plaats van "ambtenaar", en "een bijdragen" in plaats van "een bijdrage"). * **Inhoud:** De heer Rooselaar schrijft naar aanleiding van een gesprek bij de Dienst Maatschappelijk Steun. Hem werd gevraagd of hij financieel kon bijdragen aan de zorg voor zijn ouders. Hij moest dit weigeren vanwege zijn eigen lage inkomen. Tegelijkertijd hoorde hij dat de marktvergunning (de "marktplaats") van zijn ouders door de dienst was ingetrokken. Hij verzoekt nu om die vergunning op zijn naam te krijgen. Hij voert aan dat hij al jaren op die plek werkt en dat hij zo in het onderhoud van zowel zijn eigen gezin als dat van zijn ouders kan voorzien. * **Kernbegrippen:** Maatschappelijk Steun (M.S.), marktplaats, gezinssituatie, armoede.

Archief 745 | 745-330 | Pagina 180 | 1940

Handgeschreven zakelijke brief.

De schrijver, J. Karssen, is een vishandelaar uit Elburg die zijn afzetmarkt probeert te vergroten. Hij zoekt "soliede adressen" (betrouwbare klanten) voor de dagelijkse levering van zoetwatervis. De brief geeft een interessant inkijkje in de visserijsector van die tijd: 1. **Assortiment:** Hij handelt in blei, voorn, zeelt, snoek, snoekbaars (sander), baars en paling. 2. **Seizoensinvloeden:** De aanvoer van vis wordt belemmerd door natuurlijke factoren (ijs op het IJsselmeer) en wettelijke beperkingen (de "gesloten tijd" die op 15 maart ingaat). 3. **Bedrijfsethiek:** Karssen benadrukt dat hij alleen zaken wil doen met eerlijke mensen; hij heeft een afkeer van bedrog of "nawerk" (waarschijnlijk refererend aan gedoe achteraf of late betalingen).

Archief 745 | 745-315 | Pagina 182 | 1940

Handgeschreven brief (verzoekschrift).

* **Inhoud:** De schrijver, J. J. Mooy, verzoekt om kwijtschelding van schulden. De reden die hiervoor wordt opgegeven is de aanhoudende vorst van de afgelopen maanden, waardoor hij niet heeft kunnen "uitpakken". Daarnaast voert hij zijn leeftijd (65 jaar) aan als verzachtende omstandigheid. * **Terminologie:** De uitdrukking "niet uit kunnen pakken" duidt er in deze context op dat de schrijver waarschijnlijk een straatverkoper, marktkoopman of venter was. Door het winterse weer was het onmogelijk om zijn waren uit te stallen en te verkopen, wat leidde tot een gebrek aan inkomsten en het ontstaan van schulden. * **Taalgebruik:** Het taalgebruik is formeel en beleefd ("Met deze wil ik u het volgende schrijven", "bereidwilligheid"), wat gebruikelijk was voor correspondentie met officiële instanties in die tijd. * **Administratie:** Het paarse stempel onderaan geeft aan dat de brief op 16 februari 1940 (één dag na schrijven) is binnengekomen en geregistreerd onder een specifiek dossiernummer.

Archief 745 | 745-329 | Pagina 203 | 1940

Zakelijke correspondentie (bevestigingsbrief)

Dit document is een kort, administratief schrijven van de Nederlandse Spoorwegen aan de gemeentelijke dienst Marktwezen in Amsterdam. De kern van de boodschap is de bevestiging van ontvangst van een eerdere brief (gedateerd 23 augustus 1940) en een fysiek object: een sleutel. De toon is uiterst zakelijk en formeel ("M.H." voor Mijne Heren, "23 dezer" voor de huidige maand). Opvallend is het gebruik van specifieke administratieve kenmerken: 1. **Locatie:** Het station Amsterdam Oostenburgergracht was destijds een belangrijk punt voor goederenvervoer nabij de pakhuizen van de Oostelijke Eilanden. 2. **Adressering:** De ontvanger, het Marktwezen aan de Jan van Galenstraat, verwijst naar de Centrale Markthallen. Er bestond een directe logistieke lijn tussen de spoorwegen en de voedselvoorziening van de stad. 3. **Archivering:** De verschillende nummers (S. no 024 en het grote stempel onderaan) duiden op een strikte dossierbeheersing bij zowel de NS als de gemeente.

Archief 745 | 745-306 | Pagina 230 | 1940

Getypte brief (afschrift).

De brief is een formeel aanbod van de heer J.H. van Schie aan het Amsterdamse gemeentebestuur. Hij meldt dat hij de mogelijkheid heeft om grote hoeveelheden kwaliteitsaardappelen in te kopen die de stad nog ongehinderd kunnen bereiken. Hij stelt voor dit namens en op rekening van de gemeente te doen en vraagt om een snelle reactie. Het taalgebruik is uiterst formeel en hoffelijk, kenmerkend voor zakelijke correspondentie uit die tijd (bijv. "Hiermede heb ik de eer U mede te deelen", "mij gaarne willende belasten"). De afkorting "w.g." staat voor "was getekend", wat aangeeft dat dit document een getypt afschrift is van het origineel. De spelling is deels verouderd ("mede te deelen", "koopen", "zoo").

Archief 745 | 745-324 | Pagina 330 | 1940

Handgeschreven brief (verzoekschrift).

In deze brief verzoekt Elisabeth Velleman-de Jong de marktinstanties (waarschijnlijk de Marktmeester van Amsterdam) om tijdelijke ontheffing van haar plicht om op de markt in de Westerstraat te staan. Ze voert hiervoor twee redenen aan: 1. Haar echtgenoot is ziek (reuma) en heeft thuis verzorging nodig. 2. Ze heeft op dat moment weinig handelswaar op voorraad. Opmerkelijk is dat zij expliciet vermeldt dat zij de 'marktcontributie' (het stageld) wil blijven doorbetalen. Hiermee hoopt zij haar recht op de staanplaats te behouden voor de toekomst. De brief is geschreven in een formele, enigszins archaïsche stijl die typerend is voor die periode.

Archief 745 | 745-307 | Pagina 337 | 1940

Getypte verklaring/getuigschrift.

Dit korte, zakelijke document is een verklaring van goede zakelijke relatie. De ondertekenaar, Jac. Smit, verklaart dat hij al sinds 1932 zaken doet met de heer A.S. Kroon uit Amsterdam en dat dit altijd op een correcte manier is verlopen. Opmerkelijk is de spelfout in het woord "verklaard" (moet met een 't' zijn als persoonsvorm in de tegenwoordige tijd). De brief is geadresseerd aan "M.H.", wat staat voor "Mijne Heeren" of "Mijnheer", een gebruikelijke formele aanhef wanneer de specifieke ontvanger niet bij naam bekend is. De tekst is met een typemachine opgesteld, wat duidt op een officiële of semi-officiële status van het document. De handtekening van Jac. Smit is in een zwierig handschrift gezet en onderstreept.

Archief 745 | 745-334 | Pagina 401 | 1940

Document

* **Inhoud:** De afzender, K. Omer, verzoekt om kwijtschelding ("ontheffing") van een openstaande schuld van 2,50 gulden. Deze schuld is gerelateerd aan de huur van een staanplaats in "den hal" (waarschijnlijk de Centrale Markthal in Amsterdam). * **Motivatie:** De schrijver verkeert in grote financiële nood ("het mijn zeer slecht gaad") en is fysiek of financieel niet in staat de schuld af te lossen. Hij stelt als alternatief voor om de betaling op te schorten ("schorsing") zodat hij op een later moment zijn werkzaamheden kan hervatten en de schuld eventueel alsnog kan voldoen. * **Vorm en Stijl:** De brief is geschreven in een nederige, formele toon ("un Edelen", "Bij voorbaat dank"). Er zijn diverse spelfouten en grammaticale onjuistheden aanwezig (bijv. "gaad" met een 'd', "un" voor "uw", "betaaling" met dubbel 'a'), wat typerend is voor correspondentie van burgers met een beperkte schoolopleiding in die periode.

Archief 745 | 745-353 | Pagina 5 | 1941

Handgeschreven brief (correspondentie).

* **Inhoud:** De afzender, L. Prins, stelt de directeur van het Amsterdamse Marktwezen op de hoogte dat hij/zij afziet van het innemen van een toegewezen vaste standplaats (nummer 538) op de Westerstraat (Westermarkt). * **Reden:** Als reden wordt "gebrek aan handel" opgegeven. De brief eindigt met de wens om opnieuw in aanmerking te komen wanneer de omstandigheden weer zijn genormaliseerd. * **Taalgebruik:** De brief is formeel van toon ("Den Heer Direkteur", "Hoogachtend"). Er zit een grammaticale fout in de laatste zin ("tijdsomstandigheden [...] is" in plaats van "zijn"), wat duidt op een minder geschoolde achtergrond of een informeel taalgebruik in een formele setting. * **Fysieke kenmerken:** De brief is geschreven op gelinieerd papier. Bovenaan staat een administratief stempel van de gemeente, wat aangeeft dat de brief officieel is ontvangen en geregistreerd door de betreffende dienst.

Archief 745 | 745-349 | Pagina 33 | 1941

Zakelijke brief / Verzoekschrift.

In deze brief verzoekt K. van der Meer om de formele overdracht van een marktvergunning. De essentie van het schrijven is als volgt: * **Historiek:** De vader van de schrijver had decennialang een vaste staanplaats op de Amsterdamse bloemenmarkt aan het Singel. * **Huidige status:** Na het overlijden van de vader is de vergunning automatisch (ambtshalve) op naam van de weduwe gezet. * **Verzoek:** De schrijver verzoekt nu om de vergunning over te schrijven op de nieuw gevormde firma (Gebr. K. & C. van der Meer) of op zijn eigen naam. Hij motiveert dit door aan te geven dat hij de plek feitelijk al sinds de tijd van zijn vader bezet houdt. Het handschrift is een vlot, zakelijk cursief uit het midden van de 20e eeuw. Opvallend is het gebruik van aanhalingstekens in de tekst, waarmee de schrijver mogelijk refereert aan een specifieke omschrijving in de regelgeving of zijn eigen status als feitelijk gebruiker van de marktplaats benadrukt.

Archief 745 | 745-355 | Pagina 60 | 1941

Zakelijke brief op officieel briefpapier.

In deze brief informeert de firma S. Stam & Co. bij het beheer van de Centrale Markthallen in Amsterdam naar de beschikbaarheid van standplaatsen. Het bedrijf heeft vernomen dat er veertig plaatsen vrijkomen en toont interesse om daar als groentengrossier een plek te bemachtigen. De kernvraag van de brief betreft de juridische en financiële afwikkeling van zo'n standplaats: wordt een standplaats direct door de gemeente/markthallen toegewezen aan een nieuwe huurder, of moet men de rechten op die plek 'kopen' van de vertrekkende ondernemer? Dit duidt op een tijd waarin standplaatsen op belangrijke logistieke knooppunten zeer gewild en schaars waren. De toon is formeel en zakelijk, kenmerkend voor de handelsbriefwisseling uit die periode. De diverse stempels en handgeschreven notities wijzen op een actieve archivering en behandeling door de ontvangende instantie (het Marktwezen). ---

Archief 745 | 745-361 | Pagina 120 | 1941

Zakelijke correspondentie (briefkaart-formaat op briefpapier).

Dit document is een korte, zakelijke kennisgeving van de Veilingsvereeniging Geldermalsen aan de directeur van het Amsterdamse Marktwezen. De afzender kondigt een bezoek aan de markt aan voor de komende woensdagochtend. Opvallende elementen: * **Stempels:** De grote paarse stempel "M. 10 11 1/4" duidt waarschijnlijk op een registratie- of aankomsttijd bij de ontvangende instantie in Amsterdam. * **Annotaties:** De handgeschreven toevoeging "Th Brouwer" verwijst vermoedelijk naar de persoon die het bezoek zal afleggen of de afzender van het bericht. De toevoeging "spoed" onderstreept de noodzaak van een snelle verwerking, wellicht omdat het bezoek al op zeer korte termijn (woensdag) gepland staat. * **Status:** De brief is gedateerd op 31 maart 1940, slechts enkele weken voor de Duitse inval in Nederland.

Archief 745 | 745-358 | Pagina 277 | 1941

Zakelijke brief (getypt op briefpapier)

De brief is een formeel verzoek van een vishandelaar uit Hoorn aan de administratie van het Amsterdamse Marktwezen. De handelaar heeft gegevens nodig over zijn eigen aanvoer (specifiek aal en paling) in de jaren 1939 en 1940 om te kunnen voldoen aan de rapportageplicht tegenover de landelijke instantie in Den Haag. **Opvallende kenmerken:** * **Taalgebruik:** Het document hanteert de spelling van vóór de hervorming van 1947 (bijv. *vischerycentrale*, *vischafslag*, *blykt*, *zyn*). * **Handgeschreven notitie:** De berekening onderaan de brief lijkt een interne aantekening van de ontvanger (het Marktwezen). Hoewel de brief uit 1941 stamt, verwijst deze notitie naar een transactie op 26 september 1940 betreffende baars en snoekbaars. Mogelijk is dit een controle-aantekening uit het register bij het opstellen van het gevraagde uittreksel.

Archief 745 | 745-359 | Pagina 342 | 1941

Getypt afschrift van een zakelijke brief.

* **Inhoud:** De brief is een klacht van H.S. Kuperus uit Stavoren over een ontbrekende betaling. Hij heeft 570 pond snoekbaars verzonden naar de vismarkt in Amsterdam, maar heeft slechts betaling ontvangen voor 540 pond. Hij verzoekt de instantie om bij de Gemeentelijke Vishal in Amsterdam te informeren naar de resterende 30 pond. * **Taalgebruik:** Formeel Nederlands uit het midden van de 20e eeuw. De aanhef "M.H." staat voor "Mijne Heren". De afkorting "w.g." staat voor "was getekend", wat aangeeft dat dit een kopie is van een origineel ondertekend document. * **Administratieve context:** Het document is gewaarmerkt als "eensluidend afschrift" door de Nederlandsche Visscherijcentrale (NVC). Dit betekent dat de tekst een exacte kopie is van het origineel en officieel is opgenomen in de administratie van de centrale.

Archief 745 | 745-350 | Pagina 367 | 1941

Handgeschreven verzoekschrift

* **Inhoud:** Het document is een formeel verzoek van een marktkoopman/-vrouw (J.C. Icke) aan de marktmeester. De verzoeker exploiteert een aardappelkraam op de Dappermarkt (Dapperplein) en vraagt officieel toestemming (een vergunning) om geholpen te worden door zijn/haar dochter, Sophia Westenburg-Icke. * **Taalgebruik:** Het taalgebruik is formeel en hoffelijk ("verzoekt U beleefd", "Achtend"). De spelling is kenmerkend voor de tijd (vóór de spellinghervorming van 1947), zichtbaar in woorden als "eene" en "den". * **Identificatie:** De dochter wordt aangeduid als "Westenburg Icke - 'Sophia'". Dit suggereert dat 'Westenburg' haar getrouwde naam is en 'Icke' haar geboortenaam, met 'Sophia' als roepnaam.

Archief 745 | 745-352 | Pagina 379 | 1941

Handgeschreven verzoekschrift.

* **Taal en spelling:** Het document is geschreven in het Nederlands met de destijds gangbare formele spelling (zoals "den" en "mijne"). De toon is uiterst beleefd en zakelijk. * **Inhoud:** De brief is een formeel verzoek van G. de Vos om de marktvergunning voor een standplaats op de maandagse markt over te nemen van zijn vader, L. de Vos. * **Reden:** Als motivatie wordt opgegeven dat de vader fysiek niet meer in staat is om zijn beroep op de markt uit te oefenen ("niet meer in staat is, op de markt te staan"). * **Uiterlijke kenmerken:** Het betreft een handgeschreven tekst op gelinieerd papier. De paarse stempel bovenaan duidt op een officiële registratie in een inkomend postregister van een overheidsinstantie.

Archief 745 | 745-363 | Pagina 383 | 1941

Handgeschreven rapportage/brief.

Het document is een korte dienstmededeling betreffende de werkzaamheden van een visboer genaamd Van Schaik. De auteur rapporteert dat Van Schaik een opslagplaats ("bergplaats") heeft aan de Johanneskade. Hier stalt hij zijn handelswaar (vis) uit voordat hij begint met "venten" (het langs de deuren verkopen van goederen). De auteur geeft aan dat er over de gang van zaken op zaterdagen geen bijzonderheden te melden zijn ("niets mede te deelen"). Het handschrift is een duidelijk 20e-eeuws cursief met gebruik van de oude spelling (zoals "visch" en "hy").

Archief 745 | 745-352 | Pagina 384 | 1941

Handgeschreven brief (correspondentie met marktwezen).

* **Inhoud:** De afzender, M. van der Horst, geeft formeel zijn of haar staanplaats (nummer 64) op de markt bij Uilenburg op. * **Reden van opzegging:** De voornaamste reden is een tekort aan grondstoffen. Door dit gebrek kan de afzender het product ("artikel") dat normaliter verkocht wordt niet meer vervaardigen. * **Financiële status:** De brief vermeldt expliciet dat een openstaande schuld van zes weken aan stageld op de voorgaande zondag is afgelost aan de marktmeester. Dit duidt op een poging om de zaken netjes en zonder openstaande schulden af te wikkelen. * **Schrift:** Een duidelijk, verzorgd handschrift in cursief, kenmerkend voor de eerste helft van de 20e eeuw. De afkorting "u.d.d." staat voor "uw dienstvaardige dienaar", een destijds gebruikelijke beleefdheidsformule.

Archief 745 | 745-396 | Pagina 100 | 1942

Handgeschreven brief (verzoekschrift).

* **Inhoud:** C. Visser reageert op een eerdere brief van de gemeente waarin melding werd gemaakt van een geplande nieuwe markt in de Beethovenstraat. Hij meldt zich aan als gegadigde voor een staanplaats. * **Kwalificaties:** De afzender voert aan dat hij over een "groentenerkenning" beschikt. Hij merkt op dat hij een aardappeltoewijzing heeft moeten inleveren (wat duidt op de strengere regelgeving tijdens de bezetting). Tevens geeft hij aan ervaring te hebben in de "Fischhandel" (vishandel). * **Taal en spelling:** De brief is opgesteld in een beleefde, ietwat formele stijl ("beleeft de vrijheid", "teeken ik"). Er zijn enkele archaïsche of onjuiste spellingen zichtbaar, zoals "bekent" (met een -t) en "Fischhandel" (met -sch, mogelijk onder invloed van de Duitse taal of oudere spelling). * **Administratieve weg:** De brief is binnen drie dagen na verzending geregistreerd (stempel 9/6) en ongeveer elf dagen later voor archivering gemarkeerd ("m.i. opbergen", 19/6).

Archief 745 | 745-375 | Pagina 207 | 1942

Handgeschreven brief (verzoekschrift).

* **Inhoud:** De schrijver, de heer S. Altschuler, informeert de directie van het Marktwezen dat hij momenteel zijn standplaats op de markt aan het Waterlooplein niet kan innemen. De reden hiervoor is een gebrek aan koopwaar ("handelswaar"). Hij geeft aan dat zijn leverancier verwacht over enige tijd weer voorraad te hebben en verzoekt daarom om zijn verplichting tot het innemen van een plaats voor een periode van twee à drie maanden op te schorten. * **Stijl en Taal:** De brief is geschreven in een formele, beleefde zakelijke stijl die gebruikelijk was voor correspondentie met overheidsinstanties in die tijd (bijv. "v/h" voor van het, "M.H." voor Mijne Heren, "benoodigde"). * **Contextuele aanwijzingen:** De datum (mei 1942) en de locatie (Waterlooplein) zijn cruciaal. Het Waterlooplein was van oudsher een belangrijke Amsterdamse markt met veel Joodse kooplieden.

Archief 745 | 745-374 | Pagina 230 | 1942

Getypte brief (mogelijk een briefkaart) met handgeschreven ambtelijke kanttekeningen.

Het document is een zakelijk verzoek van een marktkoopman aan de Amsterdamse dienst Marktwezen. De schrijver is opgenomen in het Wilhelmina Gasthuis (afgekort als "W.gasthuis") en kan daarom zijn standplaats (nummer 268) op de Albert Cuypmarkt niet zelf bezetten. De vergunning voor zijn vader, die als tijdelijk vervanger optreedt, dreigt te verlopen. De brief is een formeel verzoek om deze regeling te verlengen. Opvallend is de ambtelijke afhandeling: er zijn diverse parafen en handgeschreven adviezen toegevoegd. De inspecteur adviseert dat er "geen bezwaar" is en stelt een verlenging van twee maanden voor. De naam "F.F. Kwak" is handgeschreven toegevoegd, wat mogelijk duidt op een ambtenaar of controleur die de specifieke marktplaats beheert.

Archief 745 | 745-394 | Pagina 254 | 1942

Brief met ambtelijke kanttekeningen.

Het document toont de tragische overgang van een hoopvolle verwachting naar de harde realiteit. De familie denkt eind september nog dat vader Jacob "volgende week waarschijnlijk weer thuis" komt. De term **"werkverruimingskamp"** was in 1942 een eufemisme voor de werkkampen van de werkverschaffing waar Joodse mannen werden verzameld, vaak als voorstadium voor deportatie naar Westerbork. De ambtelijke molen maalt echter door. De focus van de gemeenteambtenaren ligt niet op het lot van de persoon, maar op de administratieve afwikkeling van de marktplaats (Gaaspstraat 116) en de openstaande schulden. Opmerkelijk is de verschuiving in de tonen van de aantekeningen: 1. **1 oktober:** Men houdt de plaats nog even vast. 2. **26 oktober:** Men concludeert "Zomerplaag komt niet meer" en noemt "Hoogezand" (verwijzend naar kampen in het noorden, zoals Westerbork of de omliggende werkkampen). 3. **7 november:** De focus verschuift volledig naar de "wanbetaling". Men adviseert de standplaats op te zeggen. 4. **16 november:** De definitieve beslissing: "Opzeggen".

Archief 745 | 745-373 | Pagina 265 | 1942

Getypt afschrift van een verzoekschrift.

* **Inhoud:** De heer J. de Groot verzoekt om een vaste staanplaats op een van de Amsterdamse "Joodsche markten". Hij voert als reden aan dat hij "afgekeurd" is voor het werkkamp waar hij voorheen verbleef. * **Toon:** De brief is geschreven in een formele, onderdanige stijl ("U Dienaar"), wat gebruikelijk was voor officiële correspondentie in die tijd, maar ook de precaire positie van de verzoeker onderstreept. * **Status verzoeker:** De afzender is een Joodse Amsterdammer die tracht in zijn eigen onderhoud te voorzien binnen de beperkende regels van de bezetter. Het feit dat hij is afgekeurd voor een werkkamp (waarschijnlijk vanwege fysieke redenen of leeftijd) dwingt hem om naar andere middelen van bestaan te zoeken.

Archief 745 | 745-382 | Pagina 311 | 1942

Handgeschreven verklaring op gelinieerd papier.

De tekst is een formele schriftelijke verklaring van een handelaar (C. Roterman) gericht aan een onbekende instantie ("Mijne Heren"). In het document bevestigt Roterman dat W.B. Reuter al jarenlang (sinds circa 1936) vis bij hem afneemt. De kern van de verklaring is dat deze transacties niet op naam van Reuter zelf stonden, maar op naam van de inmiddels overleden ("wijlen") heer G.C. Woudenberg. De tekst is in een zakelijk, ietwat archaïsch Nederlands geschreven.

Archief 745 | 745-382 | Pagina 352 | 1942

Zakelijke circulaire/brief.

* **Kernboodschap:** De palingrokerij W. Kok stelt haar Amsterdamse klanten op de hoogte van het feit dat zij niet langer direct gerookte paling mogen leveren. Alle vis moet voortaan via de Gemeentelijke Visafslag in Amsterdam worden gedistribueerd. * **Taalgebruik:** De brief is geschreven in de destijds gebruikelijke formele spelling (de 'spelling-Marchant', met 'visch', 'zooals', 'behooren'). Opvallend is de spelfout "behelsd" (moet 'behelst' zijn). * **Toon:** De toon is beleefd en verontschuldigend. De ondernemer benadrukt de goede historische band met de klant en spreekt zijn hoop uit op een terugkeer naar "normale tijden". * **Administratieve details:** Het briefhoofd toont een professionele bedrijfsvoering met een bankrelatie bij de Twentsche Bank en zelfs een filiaal in Den Bosch, wat wijst op een aanzienlijk distributienetwerk voor die tijd.

Archief 745 | 745-381 | Pagina 366 | 1942

Getypte briefkaart of memo met handgeschreven toevoegingen en een administratief stempel.

* **Kernboodschap:** De afzender (L. Sterk) bericht dat de betaling ("remise") voor een goederenzending van 4 mei ontbreekt. Uit eerdere telefonische correspondentie was reeds gebleken dat de betreffende zending was gestolen. De lege transportkist is inmiddels wel teruggekeerd bij de afzender. * **Taal en spelling:** Het document hanteert een strikt formele zakelijke toon. Opvallend is de spelling "terrug" (met dubbel 'r'), wat een typefout is of een restant van oudere spellingsgewoonten. * **Administratieve context:** De aanwezigheid van het nummer "46A/154/1" en het grote jaartalstempel wijst op een systematische archivering, waarschijnlijk binnen een handelsonderneming of transportbedrijf.

Archief 745 | 745-384 | Pagina 377 | 1942

Getypt afschrift van een brief.

In deze brief verzoekt J. Coenra om de officiële status van viskoopman over te nemen van zijn vader, G. Coenra. De vader is na meer dan 55 jaar gedwongen te stoppen vanwege ouderdomskwalen en fysieke uitputting. Een opvallend element in de tekst is de vermelding van de bijnaam "Rooie Gerrit". De schrijver merkt op dat de familienaam Coenra wellicht onbekend is in de officiële registers, maar dat de vader onder zijn roepnaam een gevestigde waarde is op de vismarkt. Dit argument wordt gebruikt om de rechtmatige plek op de "verdeelingslijsten" (distributielijsten) op te eisen voor diverse vissoorten zoals garnalen en aal.

Archief 745 | 745-394 | Pagina 401 | 1942

Brief (administratieve correspondentie)

* **Kern van de brief:** A. Mercado (waarschijnlijk Rodrigues de Mercado) vraagt om een adreswijziging voor de marktvergunning van de firma M. Acohen. Mercado heeft van het Rijksbureau 'Distex' toestemming gekregen om de zaak over te nemen of voort te zetten. * **De eigenaar:** M. Acohen (geboren 15-12-1873) had een vaste marktplaats (nummer 132) op de markt in de Gaaspstraat in Amsterdam. * **Ambtelijke verwerking:** De brief is voorzien van diverse archiefnummers en data (november/december 1942), wat wijst op een actieve behandeling door de inspectie van het marktwezen. * **Tragische onthulling:** De potloodaantekening rechtsonder bevat de meest cruciale informatie: M. Acohen is gedeporteerd ("naar Duitschland"), zijn vrouw is overleden en zijn marktplaats is op dat moment nog niet formeel ingetrokken.

Archief 745 | 745-375 | Pagina 403 | 1942

Handgeschreven bericht/notitie op een archiefkaart.

* **Inhoud:** De afzender reageert op een officieel schrijven van 7 januari 1941. De strekking van het bericht is een afmelding: de afzender verklaart al bijna twee jaar (1 3/4 jaar) niet meer op de markt te staan. Hieruit vloeit voort dat de marktvergunning of registratie ("de kaart") voor de Westerstraat kan worden beëindigd. * **Taal en handschrift:** Het document is geschreven in een zakelijk en correct Nederlands. Het handschrift is een vlot Latijns cursief, kenmerkend voor het midden van de 20e eeuw, en is goed leesbaar. * **Afkortingen:** "M.H." staat voor *Mijne Heeren* (de toenmalige standaardaanhef); "dd." staat voor *de dato* (gedateerd); "Westerstr." verwijst naar de *Westerstraat*; "Insp" verwijst vermoedelijk naar de *Inspectie*.

Archief 745 | 745-372 | Pagina 424 | 1942

Handgeschreven brief (recto).

De brief is een formeel verzoekschrift gericht aan de directeur van het Marktwezen in Amsterdam. De toon is beleefd doch dringend. De schrijver zet uiteen dat zijn of haar "ventvergunning" (een vergunning om goederen op straat te verkopen) in januari 1942 is ingetrokken. Daarnaast meldt de schrijver dat op 2 maart 1942 de aankoop van een toegangsbewijs voor de Centrale Markthallen werd geweigerd. De schrijver heeft vernomen dat er momenteel weer vergunningen worden teruggegeven en verzoekt om ook voor deze teruggave in aanmerking te komen. De brief breekt af aan het einde van de pagina; de volledige argumentatie of handtekening ontbreekt op dit beeld.

Archief 745 | 745-381 | Pagina 425 | 1942

Getypt afschrift van een verzoekschrift/brief.

* **Inhoud:** Het document is een formeel afschrift van een brief waarin J. de Winter, een viswinkelier uit Amsterdam, verzoekt om ook onder de nieuwe regelgeving paling te mogen blijven betrekken van zijn vaste leverancier, Gebroeders Dil uit Koog aan de Zaan. * **Kernpunt:** De aanleiding is de nieuwe maatregel dat "alle paling over de vischmarkt gaat". De Winter voert zijn langdurige klantrelatie (sinds 1924) aan als argument om een uitzondering of specifieke toewijzing te krijgen. * **Terminologie:** "w.g." staat voor "was getekend", wat gebruikelijk is bij afschriften om aan te geven wie de originele brief heeft ondertekend. * **Authenticiteit:** Het document is onderaan gewaarmerkt door de Directeur van de "Nederlandsche Visscherijcentrale" als zijnde een "eensluidend afschrift".

Archief 745 | 745-385 | Pagina 437 | 1942

Brief / Verzoekschrift

* **Inhoud:** De afzender, E. Spel, verzoekt om zijn huidige marktvergunning voor de handel in groente en fruit te laten omzetten naar een vergunning voor de handel in mosselen. Hij motiveert dit door aan te geven dat hij reeds over een officiële toewijzing voor mosselen beschikt. * **Handschrift:** Het document is geschreven in een duidelijk en verzorgd cursief handschrift, representatief voor het midden van de 20e eeuw. De tekst bevat enkele lichte spelfouten ("markt kaart" en "in leveren" als losse woorden), wat destijds niet ongebruikelijk was. * **Administratief proces:** De stempels tonen de ambtelijke weg van het document. Het verzoek is vermoedelijk eind september ingediend (stempel 29/9), officieel geregistreerd op 12 oktober 1942, en na controle ("Heeft kaart") definitief afgehandeld en gearchiveerd op 26 oktober 1942.

Archief 745 | 745-372 | Pagina 447 | 1942

Handgeschreven brief (verzoekschrift).

In deze brief verzoekt de heer G. Roovelaar de Directie van het Marktwezen om een standplaats voor de verkoop van Jamin-ijs. De achterliggende reden voor dit verzoek is tragisch en dwingend: de afzender bevindt zich op dat moment in een werkkamp in Gijsselte (Drenthe). Hij hoopt dat het verkrijgen van werk (een standplaats) in Amsterdam hem de mogelijkheid biedt om uit het kamp ontslagen te worden en terug te keren naar zijn gezin. De brief is formeel en beleefd van toon ("U Ed", "M.H."), maar de ondertoon van wanhoop is voelbaar. Roovelaar verwijst naar zijn arbeidsverleden op de "O.M." (vermoedelijk de Oosterparkmarkt of Ooster Markt) om zijn geschiktheid aan te tonen. Een ambtelijke krabbel in de marge bevestigt dat hij waarschijnlijk via het Gewestelijk Arbeidsbureau naar Drenthe is gezonden.

Archief 745 | 745-381 | Pagina 531 | 1942

Handgeschreven brief (verzoekschrift).

* **Kern van het schrijven:** De heer D. Tolk, een Amsterdamse vishandelaar gespecialiseerd in garnalen en paling, beklaagt zich over de minimale toewijzing van handelswaar. Hij verzoekt om een grotere toewijzing om zijn zakelijke klanten (hotels en restaurants) te kunnen blijven bedienen. * **Cijfers:** De afzender schetst een schril contrast tussen de huidige levering (20 pond garnalen per week) en de normale behoefte van vóór de schaarste (250 tot 300 pond per week). * **Toon:** De brief is beleefd en zakelijk, maar straalt een zekere machteloosheid uit. De schrijver wijst op de klachten die hij dagelijks van zijn eigen klanten ontvangt. * **Opvallend:** Het gebruik van de term "Visscherij Centrale" (door de schrijver gespeld als Vischerij Centrale) duidt op de centrale sturing van de voedselvoorziening tijdens de bezettingsjaren.

Archief 745 | 745-394 | Pagina 538 | 1942

Brief/Circulaire van de Nederlandsche Groenten- en Fruitcentrale.

* **Inhoud:** Het betreft een officiële kennisgeving aan de groenten- en fruitveilingen dat drie specifieke handelaren (Emanuel Waterman, Leendert Carolus Hofman en Gerrit de Boer) een tijdelijk beroepsverbod opgelegd hebben gekregen. * **Aanleiding:** Het verbod vloeit voort uit een "tuchtbeschikking van de Inspectie voor de Prijsbeheersing". Dit duidt erop dat deze personen zich waarschijnlijk schuldig hebben gemaakt aan overtredingen van de prijsvoorschriften (zoals woekerprijzen of handel op de zwarte markt). * **Termijnen:** De verboden variëren van ongeveer één maand (De Boer) tot twee maanden (Waterman en Hofman). * **Handgeschreven toevoegingen:** De annotatie "Geantwoord 27/2-42" rechtsboven wijst op de administratieve verwerking door de ontvangende partij (een veilingbestuur of administratie).

Archief 745 | 745-383 | Pagina 568 | 1942

Zakelijke brief.

* **Inhoud:** De visnhandelaar J. Verbeek uit Hoorn beklaagt zich over onjuiste vrachtberekeningen door de visafslag van de Gemeente Amsterdam. Hij voert als bewijs een vrachtbrief van zijn expediteur (Wesemius) aan om aan te tonen dat de vrachtkosten reeds voldaan zijn. Hij eist een creditnota. * **Escalatie:** Verbeek geeft aan dat hij de "Visschery Centrale" in Den Haag reeds heeft ingelicht via een controleur, wat duidt op een serieus zakelijk conflict waarbij hij toezichthoudende instanties inschakelt. * **Administratieve sporen:** De brief bevat talrijke administratieve aantekeningen van de ontvangende instantie (het Marktwezen). De aantekening "ter behandeling met Jongbloed?" suggereert dat een specifieke ambtenaar of functionaris belast werd met het uitzoeken van deze klacht. De stempel "31/7" geeft de datum van binnenkomst of verwerking aan. * **Taal en Spelling:** De brief is opgesteld in het zakelijk Nederlands van die tijd. Opvallend is de typefout "crditnota" (in plaats van creditnota). ---

Archief 745 | 745-410 | Pagina 40 | 1943

Zakelijke correspondentie (brief).

* **Inhoud:** De firma Dirk de Jager uit Stellendam bevestigt de ontvangst van een betaling van 34,24 gulden via een postwissel. De afzender verzoekt de gemeente Amsterdam (Marktwezen) om toekomstige betalingen via de girorekening te voldoen in plaats van per postwissel, wat duidt op een behoefte aan administratieve efficiëntie. * **Administratieve sporen:** De brief is voorzien van een paarse registratiestempel van de ontvanger, gedateerd op 6 juni (6/6). Tevens is er een handgeschreven notitie "m. vischmarkt" toegevoegd, wat aangeeft dat het document intern is doorgeleid naar de afdeling die de vismarkt beheert. * **Taalgebruik:** Het taalgebruik is formeel en beleefd ("Gaarne zouden wij", "verzoeken U beleefd", "U bij voorbaat dankend").

Archief 745 | 745-403 | Pagina 374 | 1943

Handgeschreven brief (verzoekschrift).

In deze korte, zakelijke brief verzoekt Rebekka Schaap-Kaltiel om de marktvergunning van haar echtgenoot op haar eigen naam te laten zetten. Zij motiveert dit door te stellen dat haar man "sinds geruimen tijd afwezig" is en dat zij toestemming heeft om de nering voort te zetten. De brief is een schoolvoorbeeld van de ambtelijke molen tijdens de bezetting. Ondanks de dramatische omstandigheden in de Joodse buurt van Amsterdam, bleven administratieve processen rondom marktstandplaatsen strikt gehandhaafd. De aantekening "m.i. geen bezwaar" (naar mijn inzicht geen bezwaar) van 8 februari 1943 laat zien dat de ambtenaar de aanvraag in eerste instantie als een normale procedurele zaak behandelde.

Archief 745 | 745-412 | Pagina 391 | 1943

Zakelijke brief (handgeschreven)

De brief is een verzoek van D. Tolk om te worden opgenomen op de verdeellijst (distributielijst) voor verse vis. De schrijver geeft aan dat hij momenteel slechts "gez. visch" (gezouten vis) toegewezen krijgt, maar dat de inkomsten hiervan onvoldoende zijn om zijn kosten te dekken. Hij herinnert de instantie aan een eerdere toezegging van ongeveer twee maanden daarvoor. Onderaan de brief is de interne correspondentie van de betreffende instantie te zien. Er wordt gevraagd of de aanvraag al eerder is behandeld. Na controle in de notulen van een vergadering wordt genoteerd: "Ja, afgewezen." De brief is uiteindelijk op 27 oktober 1943 gearchiveerd ("Opbergen").

Archief 745 | 745-410 | Pagina 478 | 1943

Document

* **Kern van het verzoek:** De firma Joh. Tolk, een Amsterdamse vishandel, verzoekt om twee uitbreidingen van hun handelsvergunning: 1. Toestemming om de aan hen toegewezen vis ook aan restaurants te mogen leveren, hun belangrijkste klantenkring sinds 1917. 2. Toestemming om te handelen in alle soorten verse zee- en zoetwatervis, omdat de producten die zij momenteel mogen verhandelen (gepelde garnalen en gerookte vis) nauwelijks leverbaar zijn. * **Argumentatie:** De schrijver wijst op de continuïteit van zijn bedrijfsvoering (sinds 1917) en de noodzaak om inkomsten te genereren omdat de vaste lasten ("mijn kosten") doorlopen terwijl de aanvoer van hun huidige specialiteiten stokt. * **Besluitvorming:** Uit de handgeschreven krabbels onderaan ("afwijzen") blijkt dat het verzoek niet is ingewilligd. Op 30 juli 1943 is de afwijzing aan de verzoeker verzonden.

Archief 745 | 745-406 | Pagina 593 | 1943

Handgeschreven verzoekschrift / klachtbrief.

In deze brief beklaagt visverkoper C. Jongewaard zich over een gemiste toewijzing van zeevis op de Amsterdamse markt op 30 januari 1943. Hij was wel op het terrein aanwezig, maar miste het afroepen van zijn naam in de hal. De brief geeft een inkijkje in de dagelijkse beslommeringen van een kleine zelfstandige tijdens de oorlog: * **Logistiek:** De schrijver moet pendelen tussen de Jan Evertsenstraat (aanvoer zoetwatervis), zijn huis in Sloterdijk en de vismarkt. * **Gezondheid:** Hij voert zijn ouderdom en een chronische maagaandoening aan als redenen waarom hij strikt op tijd naar huis moet voor zijn dieet, wat zijn schema extra onder druk zet. * **Samenwerking:** Hij noemt collega-handelaren (Van Kampen, Keyzer) en een afspraak met een "Heer Ham" om elkaars vis te mogen aannemen, wat de informele regelingen tussen handelaren binnen een rigide systeem aantoont.

Archief 745 | 745-402 | Pagina 615 | 1943

Handgeschreven brief (verzoekschrift).

In deze brief verzoekt de heer K. Haker, een erkend schoenhersteller en marktkoopman uit de Jacob van Lennepstraat in Amsterdam, om een zogenaamd "assistentiebewijs". Hij voert aan dat hij het door de enorme toename aan reparatiewerkzaamheden niet meer alleen af kan. Hij stelt voor om de 15-jarige F. Imming, die nagenoeg bij hem om de hoek woont, als hulp aan te nemen. De brief is illustratief voor de bureaucracie tijdens de bezettingsjaren. Voor het aannemen van personeel of het verkrijgen van ontheffingen was officiële toestemming nodig van instanties zoals het (Gewestelijk) Arbeidsbureau. Interessant zijn de ambtelijke krabbels onderaan. Hoewel er aanvankelijk "geen bezwaar" lijkt te zijn genoteerd op 11 november 1943, eindigt het document met de definitieve afwijzing op 17 november: *"Gaat niet ass. 15 jaar"*. Blijkbaar werd de leeftijd van de beoogde hulp (15 jaar) als een belemmering gezien, mogelijk vanwege regelgeving rondom kinderarbeid of de leerplicht, dan wel specifieke verordeningen van de bezetter betreffende de inzet van arbeidskrachten.

Archief 745 | 745-428 | Pagina 77 | 1944

Zakelijke brief / correspondentie.

* **Inhoud:** De brief dient als officiële bevestiging en akkoordverklaring voor de levering van vis aan de kliniek door de firma Böhne over de periode van 17 tot en met 22 juli 1944. * **Taalgebruik:** Het document hanteert de destijds gebruikelijke formele spelling ("visch", "accoord", "dezen", "den Heer"). Opvallend is de typefout in het woord "deel" (geschreven als "dee l"). * **Functies:** De brief is ondertekend namens de administrateur met de toevoeging "wnd." (waarnemend). In de linker marge staat een handgeschreven 'b' of paraaf, mogelijk een interne controle-aantekening. * **Administratieve codes:** De codes onderaan ("Model 9 1000-4-'43") duiden op een gestandaardiseerd formulier of briefindeling die in april 1943 is vastgesteld.

Archief 745 | 745-431 | Pagina 376 | 1944

Verzoekschrift / briefkaart

De auteur van deze brief verzoekt de Directie Marktwezen om een verhoging van de wekelijkse toewijzing (het quotum) voor zoetwatervis bij de Gemeentelijke Visafslag van Amsterdam. Het verzoek is om de hoeveelheid te verdubbelen van 40 naar 80 pond. Daarnaast vraagt de afzender om een nieuwe toewijzing voor gezouten vis. Als rechtvaardiging voert de schrijver aan dat hij/zij al vóór de oorlog (1940) substantiële hoeveelheden vis verkocht en noemt daarbij drie specifieke leveranciers uit de regio (Breukelen, Oostzaan en Uithoorn) om de handelsgeschiedenis aan te tonen.

Archief 745 | 745-426 | Pagina 416 | 1944

Getypte brief met handgeschreven kanttekeningen en handtekeningen.

Het document is een zakelijke correspondentie waarin informatie wordt ingewonnen over twee personen (D. Zandvlite en C. Silleman) die een aanvraag hebben ingediend voor de toewijzing van een paard. De essentie van de brief is het verifiëren of hun werkzaamheden — het vervoer van aardappelen — inderdaad plaatsvinden in opdracht van de *Wehrmacht* (de Duitse krijgsmacht). De brief toont de bureaucratische controle op schaarse middelen (zoals lastdieren) tijdens de bezetting. Het feit dat de aanvragers claimen voor de Wehrmacht te werken, was in die tijd een sterke motivatie om voorrang te krijgen bij de toewijzing van middelen, aangezien de bezetter prioriteit had boven de civiele voedselvoorziening. Opvallend is het briefhoofd: de oorspronkelijke locatie in Amsterdam (Beursgebouw Damrak) is doorgestreept en vervangen door een adres in Haarlem (Warmoesstraat 17), wat wijst op een verhuizing of tijdelijke vestiging van het districtssecretariaat.

Archief 745 | 745-424 | Pagina 617 | 1944

Handgeschreven brief (verzoekschrift).

* **Kernboodschap:** De schrijver verzoekt om op zijn vertrouwde standplaats op de Noordermarkt te mogen blijven in plaats van te worden overgeplaatst naar de Lekstraat. Hij voert medische redenen aan (galblaas- en maagklachten) die het afleggen van de grotere afstand naar de Lekstraat onmogelijk zouden maken. * **Tegenstrijdigheid:** De ambtelijke kanttekening rechtsboven werpt een kritisch licht op het verzoek. Een ambtenaar (mogelijk een inspecteur of collega) merkt op dat de aanvrager "zeer goed kan voetballen", wat gebleken zou zijn bij de V.V.M. (vermoedelijk de Voetbal Vereniging Marktwezen). Dit suggereert dat de medische klachten door de instantie in twijfel werden getrokken. * **Taalgebruik:** De brief is gesteld in de formele, eerbiedige stijl die gebruikelijk was voor correspondentie met overheidsinstanties in die tijd ("zij het mij vergund te verzoeken").

Relevante Archieffragmenten

M. de Haan.

Relevantie: 83%
Archief 745 | 745-406 | Pagina 733 | 1943

# TRANSCRIPTIE aan den Heer Inspecteur A.H. de Haer Marktwezen. ___________________

Relevantie: 82%
Archief 745 | 745-423 | Pagina 135 | 1944

# TRANSCRIPTIE **[Getypte tekst]** R a p p o r t . HB. ================== Den Heer Bedrijfschef van het Marktwezen, Centrale Markt, A l h i e r . =============

Relevantie: 82% ** a.h. klaassens, contrôleur bij het marktwezen., ** bedrijfschef van het marktwezen +2
Archief 745 | 745-341 | Pagina 103 | 1940

# TRANSCRIPTIE S/HG. 98/1/1 M. [handgeschreven: fr. Müller] 16 Januari 1940. den Heer Wethouder voor de Levensmiddelen, <u>A l h i e r .</u>

Relevantie: 82% ** waarschijnlijk een beheerder of directeur van de centrale markt (ondertekend door of namens "fr.
Archief 745 | 745-323 | Pagina 347 | 1940

# TRANSCRIPTIE Den heer Inspecteur v/h Marktwezen. Alhier. Pr: 31/41 / M 40.

Relevantie: 82% ** v. middeldorp (marktambtenaar te amsterdam)., ** de inspecteur van het marktwezen, amsterdam.