Getypte brief (waarschijnlijk een doorslag of officieel afschrift).
Origineel
Getypte brief (waarschijnlijk een doorslag of officieel afschrift). 29 april 1939. De Directeur (van een niet nader genoemde gemeentelijke dienst, mogelijk Marktwezen of een controledienst). VD/HG.
72/28/2 M.
n 4
[Handgeschreven: M. de Boer]
[Handgeschreven: Verzonden 1/5]
29 April 1939.
den Heer Hoofdcommissaris
van Politie,
O.Z. Achterburgwal 185,
Amsterdam-Centrum.
Wijk 3.
In bijlage dezes heb ik de eer U te doen toekomen een viertal afschriften van rapporten van contrôleurs van mijn dienst, waaruit blijkt, dat deze contrôleurs herhaaldelijk moeilijkheden ondervinden van een aantal venters, die, zonder ventvergunning, met kleeden trachten te venten (zgn. zeelieden). De contrôleurs worden bedreigd en zijn zelfs eenige malen gemolesteerd.
Ik heb de eer U beleefd te verzoeken Uw personeel opdracht te geven tegen de bovenbedoelde personen streng op te treden en indien mogelijk, hen met hun handel van de straat te verwijderen.
De Directeur, * Kernboodschap: De directeur van een controledienst verzoekt de Amsterdamse politie om hard op te treden tegen illegale straatverkopers die tapijten of kleden ("kleeden") verkopen.
* Problematiek: De controleurs van de gemeente kunnen hun werk niet veilig uitvoeren. Zij worden door de illegale verkopers bedreigd en fysiek gehinderd ("gemolesteerd").
* Terminologie: De term "zgn. zeelieden" (zogenaamde zeelieden) verwijst naar een destijds bekend fenomeen waarbij verkopers zich voordeden als zeelui die "exotische" waar (zoals kleden uit het Oosten) direct van de boot verkochten om een sfeer van authenticiteit en scherpe prijzen te creëren, terwijl het vaak om reguliere, soms minderwaardige handel ging.
* Toon: De brief is geschreven in de uiterst formele, ambtelijke stijl die gebruikelijk was in het interbellum ("heb ik de eer U te doen toekomen", "U beleefd te verzoeken"). * Historische context: April 1939. Nederland bevindt zich aan de vooravond van de Tweede Wereldoorlog. De economische crisis van de jaren '30 is nog voelbaar, wat leidde tot een toename van illegale straathandel als overlevingsstrategie.
* Locatie: Het adres O.Z. Achterburgwal 185 was het hoofdbureau van de Amsterdamse politie (gehuisvest in het voormalige stadhuis/Prinsenhof).
* Handhaving: De brief illustreert de spanning tussen de gemeentelijke toezichthouders (die destijds minder bevoegdheden en uitrusting hadden dan de huidige BOA's) en de politie. Voor effectieve verwijdering van agressieve handelaren had de controledienst de sterke arm van de politie nodig. M. de Boer O.Z. Achterburgwal Hoofdbureau Marktwezen Politie Stadhuis